een kijkje in de archieven van straatfotograaf mark cohen

We spraken met de legendarische fotograaf Mark Cohen, die al 55 jaar lang foto’s maakt van hetzelfde stadje.

door Emily Manning
|
22 oktober 2015, 6:30am

Wilkes-Barre is een stadje in het het noordoosten van de Amerikaanse staat Pennsylvania. Er wonen net iets meer dan 40.000 inwoners. Dat is weinig, zeker als je weet hoe ongelofelijk veel foto's fotograaf Mark Cohen de afgelopen vijf decennia van de straten in deze stad heeft geschoten. Hij schat dat het aantal negatieven dat hij nooit ontwikkeld heeft, rond de 800.000 ligt.

Bandaged Boy on bike, augustus 1998

Hoewel Cohen nooit naar New York is getrokken voor een kunstopleiding, maar juist trouw is gebleven aan zijn geboortestad, is hij een poëtische pionier op het gebied van de straatfotografie. Zijn foto's zijn confronterend, indringend en losjes geschoten. Cohens werk is sinds zijn eerste tentoonstelling - een solo-expositie in het MoMa in 1973 - uitgegroeid tot een standaard in de straatfotografie. Zijn methode wordt in dit digitale tijdperk regelmatig gebruikt door onder anderen Daniel Arnold - De favoriete straatfotograaf van Instagram. Cohen is zich daarvan bewust. "Als je kijkt naar de advertenties in Vogue, zal je zien dat een heleboel foto's lijken op iets dat ik dertig of veertig jaar geleden had kunnen maken," vertelt hij me over de telefoon. "In de New York Times zie je regelmatig foto's van mensen van wie het hoofd buiten het kader valt. Toen ik dat voor het eerst deed, vond iedereen het super radicaal, maar nu is het normaal."

Boy in Yellow Shirt Smoking, 1977

Ondanks zijn onuitwisbare invloed en enorme scala aan werk, is er nooit een terugblik op zijn carrière gemaakt - tot nu. Frame is een nieuw boek met meer dan 250 agressieve en emotionele foto's van Cohen, uit een tijd waarin Wilkes-Barre nog het meeste leek op het Wilde Westen. "Het is alomvattender dan de andere boeken die ik heb gemaakt omdat het zowel kleur- als zwart-witfoto's bevat, en bijna honderd foto's die nooit eerder zijn gepubliceerd," zegt hij. Terwijl hij de publicatie van Frame viert, spreken wij hem om meer over dit meesterwerk te weten te komen.

Upside-Down Girl, 1974

Kwam je meer over je eigen foto's te weten toen je ze selecteerde voor Frame?
Toen ik het boek op papier zag, had ik het gevoel dat ik ook foto's moest toevoegen die ik tijdens mijn reizen heb gemaakt. 99% van mijn werk heb ik gemaakt in Wilkes-Barre of Scranton, maar ik wilde ook foto's laten zien uit Spanje, Ierland en Mexico. Ik heb er een paar van die foto's tussen gestopt, en merkte dat ze een stuk sterker naar voren kwamen tussen het werk dat ik normaal gesproken in die kleine steden maakte.

Boy's Hand and Faces, Madrid, 1968

Drie jaar geleden ben je naar Philadelphia verhuisd. Is je manier van schieten veranderd in de loop der tijd, en door deze nieuwe locatie?
Het is allemaal hetzelfde gebleven. Toen ik hier kwam begon ik niet ineens foto's te nemen van de Liberty Bell; ik neem foto's van gebroken flessen, scheuren in het beton, architectonische details, iemands elleboog, de strepen op straat - het is allemaal heel vergelijkbaar met wat ik zou hebben gedaan in Scranton of Wilkes-Barre. Ik heb heel veel geschoten hier in Philadelphia, en zit er aan te denken om een show te doen met uitsluitend werk dat ik hier heb gemaakt. Als je het naast mijn werk van twintig jaar geleden zou leggen, zou je hele duidelijke gelijkenissen zien. Ik druk mijn foto's al bijna vijftig jaar lang op hetzelfde formaat af. Het is een beetje als het gebruiken van hetzelfde alfabet.

Girl Holding Blackberries, 1975

De kleding in je foto's is heel opvallend. Op sommige foto's uit je begindagen zie je heel veel tweed, luipaardprint, en dikke truien. Waar word je door aangetrokken?
Op veel foto's zijn oude mannen in lange jassen te zien. Het gaat niet zozeer om mode, maar meer om het verhaal erachter: deze man is aan het einde van zijn latijn, hij is een jaar of 75 en loopt hier in een steegje in Wilkes-Barre. Ik neem een foto van de knopen op zijn jas of zijn hand in zijn zak. Het zijn geen foto's over mode, ze gaan over binding - over bescherming. Er is een aantal foto's van mannen die op een bepaalde manier aan het einde van hun leven zijn, die staan verspreid door het boek. Frame bevat een autobiografische rode draad die zelfs ik niet volledig aan mezelf kan uitleggen. Het gaat over leven, je werk gaat eigenlijk altijd op een bepaalde manier over je leven. Dat is ook het geval met deze oude mannen. Iedereen ziet zichzelf door de tijd heen bewegen.

Man and Food Bag, september 2001

Tot welk inzicht hoop je dat mensen door dit boek komen?
Een belangrijk ding dat het boek laat zien, is dat je een heel levenswerk kan maken in een klein stadje. Je hoeft niet naar New York of Parijs om te kunnen werken als kunstenaar. Bijna al het werk is gemaakt in een straal van ongeveer vijftien kilometer van mijn huis. Je kent het spreekwoord 'schoenmaker blijf bij je leest' toch wel? Dat is een van de voornaamste dingen die naar voren komt in Frame. De objecten in de foto's zijn heel uiteenlopend; er zijn foto's van knieën en jassen en sneeuwvlokken. Er is veel te zien, het is heel gevarieerd. En dat speelt zich allemaal af in dat ene kleine stadje. Ik had naar New York kunnen gaan om de foto's aan mensen te laten zien, maar ik zat niet bij een groep, ik deed geen kunstopleiding. Het is iets dat vanzelf ontstond. Ik was op mezelf aangewezen.

Frame is hier verkrijgbaar.

One Red Glove, 1975

Hand Covering Mouth, 1971

Girl and Man at Road, 1975

Knife Seller, Spanje, 1968

Two Young Women at Fence, Londen, 1975

Credits


Tekst Emily Manning
Fotografie Mark Cohen voor de University of Texas Press

Tagged:
nieuws
Frame
Cultuur
Marc Cohen