van fila en adidas tot djellaba

Laura Lemaitre haalt vintage sportkleding uiteen en stikt ze opnieuw samen tot djellaba’s. We spraken haar over het hemeltergende comfort van oversized jurken, de veranderende fashion-scene in Gent, en inspiratie putten uit de Marokkaanse cultuur.

door Stefanie Staelens
|
23 november 2016, 2:05pm

Rechts: ontwerpster Laura Lemaitre. Alle foto's door Mayli Sterkendries. 

Voor Laura Lemaitre (27) uit Gent is de grens tussen kunst en mode flinterdun. Tijdens haar bachelor- en masteropleiding Vrije Beeldende Kunsten lag haar focus op het maken van collages. Met een portfolio vol beeldend werk stapte ze naar de modeacademie in Antwerpen, waar ze drie jaar lang ervaring opdeed en stage liep bij modehuizen in België en New York. Ze behaalde geen diploma, maar bleef wel ontwerpen, vanuit haar woonkamer. Ze ontdekte een manier om haar liefde voor collages maken en kleding ontwerpen te combineren: vintage sportshirts van merken zoals FILA, Nike en Adidas uit elkaar halen, en de lappen stof vervolgens opnieuw samenstikken tot jurken die ze zelf djellaba-dresses noemt.

We spraken Laura over het hemeltergende comfort van oversized jurken, de veranderende fashion-scene in Gent, inspiratie putten uit de Marokkaanse cultuur, en hoe het voelt om rond te lopen in een Westerse versie van een djellaba in een tijd van terrorisme.

We horen het in de straten, Gent is in rep en roer door je collectie.
Het is tof om te zien dat iedereen kei-enthousiast is over mijn dresses. Heel veel mensen sturen me mailtjes of berichten dat ze er eentje willen, maar ik ben zelf nog erg aan het aftasten of en hoe ik dat allemaal kan bolwerken. Voorlopig doe ik alles zelf. De eerste dress die ik gemaakt heb was puur voor mezelf, niet met het idee om een collectie te maken. Als ik naar een productiehuis stap, moet ik met vaste patronen werken, terwijl ik het nu net leuk vind dat elke dress zo uniek is. Ik maak wel een voorschets en ik heb een beeld van hoe het er gaat uitzien met de kleuren die ik kies, maar tijdens het proces verandert er nog van alles. Bovendien zou, net zoals werken met privé-naaisters, de prijs verdubbelen. Ik merk nu al dat mensen tweehonderd euro veel vinden. 

Maar de vijf jurken die je al gemaakt hebt, zijn wel al verkocht en bestellingen blijven binnenlopen. Hoe heb je dat voor elkaar gekregen?
Ik verkoop ze vooral aan vriendinnen en in Gent is het zo dat als één iemand iets draagt wat een beetje opvalt, het meteen als een lopend vuurtje gaat. Iedereen kent hier iedereen. Voor mij begon het doordat ik mijn allereerste dress aan had toen ik ging werken bij Club IIII. Dat is een club die nu ongeveer anderhalf jaar bestaat, waar het kleine Gentse wereldje dat met mode bezig is - kunstenaars, modeontwerpers, en mensen uit de skate- en hiphopscene - uitgaan. Zij vonden het supervet. En als je de skaters mee hebt - de cool kids die grote merken dragen omdat ze gesponsord worden - volgen de jonge chicks.

Hoe is het idee van vintage sportmerken verwerken tot jurk eigenlijk ontstaan?
FILA, Adidas, Nike en Kappa zijn allemaal merken die de laatste jaren een comeback hebben gemaakt. Sportmerken die vroeger enkel sportmerken waren, werken nu samen met high fashion om op een nieuw niveau te geraken. Dat vind ik vet. Het idee om dresses te maken is heel spontaan ontstaan, toen ik in een tweedehandswinkel een supergroot t-shirt van FILA gevonden had. Het had de klassieke blauw-, rood- en witkleuren en het merk in het groot op de voorkant geprint. Ik dacht: hier wil ik een oversized dress van maken, omdat dat zo comfortabel zit terwijl je je nog altijd goed en sexy voelt. En het is een gemakkelijke outfit. Je moet gewoon een onderbroek en een bh aan, jurk erover, en je bent aangekleed. Dus ik ben tricotstof gaan toevoegen - die koop ik altijd in goedkope Turkse stoffenwinkels - in blauw, rood en wit, zodat het lijkt alsof de strepen van het t-shirt doorlopen tot aan de grond. Die dress is nog altijd mijn lievelings.

Je hebt ze djellaba-dresses genoemd, naar de traditionele Marokkaanse gewaden. Waarom?
Mijn ontwerp deed me denken aan de djellaba, omdat het ook wijd is en je lichaam van nek tot tenen bedekt. Geleidelijk aan heb ik meer en meer djeballa-aspecten aan mijn ontwerpen toegevoegd, zoals de zakken die in hun gewaden zitten. Maar in het begin was die link compleet toeval: ik vond een lange wijde jurk gewoon een megacomfortabel ding. Vanaf de eerste keer dat ik mijn allereerste djeballa-dress aanhad, tijdens mijn werk in Club IIII, begreep ik dat ik niet uit de weg kan gaan dat mensen over die link gaan nadenken. Het was toevallig het weekend vlak na de aanslagen in Brussel, en mensen maakten de hele avond grapjes. "Wanneer gaat de aanslag in Gent plaatsvinden? Misschien kan Laura die uitvoeren." Of: "Je verstopt zeker bommen onder je dress." Dat was grappig, maar het toont ook de onderhuidse boodschap die, zonder dat ik het goed en wel besefte, in mijn ontwerpen zit: wat minderheidsgroepen dragen is ook cool, en daar mag ook wel eens over gesproken worden.

Vind je de commotie rond cultural appropriation in de modewereld dan onzin?
Ik denk gewoon dat het niet altijd nodig is om een zware, politieke boodschap te geven aan een ontwerp omdat het leent van een andere cultuur. Het kan evengoed een positief iets zijn. Ik woon aan de Tolpoort in Gent, een wijk waar heel veel Turkse en Marokkaanse mensen wonen. Daarnaast groeien we allemaal op met niet-Belgische vrienden. De Marokkaanse en Belgische cultuur is aan het samensmelten, en ik vind het goed als mode daar ook in meegaat. Een Westerse versie van de djellaba, is dat beledigend of zet het net een poort open om dingen bespreekbaar te maken? Ik heb vanuit de Marokkaanse hoek nog geen negatieve reacties gekregen. Integendeel, de allochtone jongeren rondom mij zijn kei-enthousiast. Laten we het dus op een positieve manier lezen: it's all cool! Draag wat je wil dragen, als dat nu een strak pak is of een coole djellaba.

Wat is je toekomstperspectief voor je djellaba-dresses?
Ik weet het niet. Ik zie mijn dresses als iets van nu wat misschien later niet meer terugkomt, en daar ben ik perfect oké mee. Voorlopig wil ik me gewoon amuseren, en doen waar ik zin in heb. Het maakt me wel echt blij dat deze collectie zo goed onthaald wordt, omdat het wil zeggen dat er een publiek is voor de dingen die ik maak. Dat motiveert me om nog andere capsulecollecties te maken, waarmee ik mijn portfolio kan uitbreiden. Ik zou uiteindelijk heel graag bij een modehuis gaan werken.

Heb je al een idee hoe je volgende capsulecollectie eruit gaat zien?
Ik ben bezig met een collectie t-shirts voor jongens. De t-shirts hebben een beetje dezelfde knip- en plakmentaliteit, maar gaan nog een stapje verder. Elk t-shirt wordt een collage van verschillende logo's, maar ook van tekeningen van andere vintage kledij. Ik wil daar deze zomer graag klaar mee zijn, maar misschien wordt het vroeger gelanceerd. In januari komt een nieuwe videoclip van Vlaamse rappers uit, waarvoor ik de styling mag doen. Daarnaast speel ik ook met het idee om bombervesten te maken met geborduurde tekeningen erop. Een beetje met een Harley Davidson-motorvibe, maar ook met een momentopname uit mijn eigen leven erin, en telkens slangwoorden uit hiphopnummers erbij. Zo heb ik vorige maand voor een expositie een bomberjas beschilderd en tentoongesteld. Ik had een portret gemaakt van twee vrienden uit Antwerpen die op de tekening samen coke aan het snuiven zijn, en daarbij: "My hubbies they be rolling them papers."

Tot slot: wie zou je het liefst een van je djellaba-dresses zien dragen, als je mocht kiezen?
Rihanna of Beyonce. Of nog beter: Miley Cyrus. Zij is de max. De weg die ze heeft afgelegd, de struggle waar ze mee te maken kreeg toen ze die drastische switch maakte. Ze heeft een je m'en fou-mentaliteit. Ze doet haar ding. Daar sta ik achter!

Credits


Tekst Stefanie Staelens
Fotografie Mayli Sterkendries

Tagged:
Adidas
FILA
Cultuur
djellaba
laura lemaitre