solomonica de winter: de eeuwige jeugd met een oude ziel

“Volwassen zijn lijkt me heel erg saai.”

door Olga Kortz
|
28 juli 2016, 9:40am

Schrijver Solomonica de Winter [Bloemendaal, 1997] maakte grote indruk toen ze op haar zeventiende debuteerde met haar roman, die ze op haar veertiende begon in het Engels als Over The Rainbow. Het boek werd uitgegeven in het Duits, Frans en het Nederlands en ze werd gebombardeerd als een kleine ster, die haar neus het liefst alleen in de grote meesters uit de literatuur zou steken. Maar de boekenwurm heeft meer gezichten. Al vroeg maakte ze wilde jaren mee in LA. Terwijl Solomonica, Moon voor intimi, toch liever een kind wil blijven dan volwassen worden. Ze staat symbool voor de eeuwige jeugd, met een duister randje. We zochten haar op in Bloemendaal, waar ze in het huis van haar ouders, schrijversechtpaar Leon de Winter en Jessica Durlacher, de zomer doorbrengt.

Je bent in dit huis geboren. Wat voor herinneringen heb je hier?
Mijn jeugd hier was een soort droom. Je woont hier eigenlijk in een soort oud kasteel, tussen de bomen. Ik was vroeger altijd buiten, altijd bezig met diertjes verzorgen en in de aarde spelen. Ik was eigenlijk of buiten, of aan het tekenen. Daar zat niets tussenin. De herinneringen die ik heb komen uit een droomwereld.

Voel je je weer dat kleine meisje als je hier bent?
Jawel, maar dat kleine meisje dat in mij zit draag ik altijd mee. Dat ben ik, dat is de kern van mij.

Toen je tien was zagen we je in een korte film in die droomwereld, je bent wel een beetje veranderd toch?
Ja, natuurlijk. Die onschuld van toen, die heb ik nu minder. Maar die nieuwsgierigheid, en de drang om te creëren die ik toen al had, tekenen en schrijven, dat heb ik nu nog steeds. Maar dat is gepolijster nu.

Wanneer ben je die onschuld verloren?
Ik heb veel met mijn ouders rondgereisd, we zijn een paar keer naar Amerika verhuisd, dat was vrij chaotisch. De laatste keer dat we daar woonden was van mijn elfde tot mijn veertiende en toen was ik wel heel wild. We woonden in LA. Uiteindelijk verhuisden we weer terug naar Nederland en daar ben ik rustiger geworden.

Wat is heel wild?
Drugs, drinken, domme dingen doen.

Waarom ben je daar toen mee gestopt?
We verhuisden naar Nederland.

Hier is ook genoeg drugs toch?
Ja, het gebeurt ook nog wel een beetje.

Blowde je dan veel?
Daar wil ik niet te veel over loslaten. Ik verhuisde terug. Toen ben ik lange tijd wel eerst heel erg boos en verdrietig geweest, want ik had daar een heel leven opgebouwd. Wel met rare, doorgedraaide kinderen. Het was geen echt leven, het was fake. En dat is LA ook. Maar omdat ik die vrienden niet meer had, werd ik rustiger. Ik was totaal niet meer geïnteresseerd in feesten. Ik vind dat eigenlijk heel erg saai.

Wat vond je er toen wel leuk aan?
Ik ben altijd heel nieuwsgierig geweest. Toen ik dacht: dit kan mij volwassen maken, toen koos ik ervoor dat te beleven. Het was dezelfde nieuwsgierigheid die ik had als kind, maar dan op andere gebieden.

Wat voor gekke kinderen waren dat in LA? In wat voor omgeving begaf je je precies?
Ik zat op een public school, dus tussen de kinderen uit alle milieus. De rijkste van de rijksten, en arme mensen uit downtown LA. Mijn vrienden kwamen niet uit hele rare families, maar Amerikaanse kinderen zelf zijn gewoon vreemd. Je woont in LA in een soort bubbel, en in die bubbel is het paradijs, maar je kan geen onderscheid maken tussen goed en slecht. Je speelt maar een rol, van iemand. Je verliest jezelf heel snel en daarom verloor ik mezelf ook.

MOON AND THE WOLFGIRL van Chiel Filmt @ HALAL via Vimeo

Blue, de hoofdpersoon in je boek, besluit van de een op andere dag eyeliner te dragen. Ging dat bij jou ook zo? Dat je opeens besloot extreem te zijn?
Ik was altijd extreem. Op mijn achtste had ik een punkfase: gescheurde kleren, veiligheidsspelden, ik tekende op al mijn kleren. Mijn ouders lieten me daarin mijn gang gaan. Het zat er altijd al in.

En je liefde voor hiphop, wanneer is die gekomen?
In Amerika. De mensen met wie ik omging waren ermee opgegroeid. Letterlijk, de meeste muziek komt uit LA uit de jaren negentig en tachtig.

Dan had je veel oude vrienden.
Ja, en zij inspireerden me dit te luisteren.

Is het goed dat jullie terug zijn gegaan?
Ja, dat is goed geweest. Maar het was wel erg moeilijk. Ik vond mezelf hier niet meteen, dat heeft wel een aantal jaar geduurd.

Zijn jullie teruggegaan omdat je ouders zich zorgen maakten?
Het plan was nooit om lang te blijven. Ik denk ook wel dat het om mij ging. Ze hebben zich erge zorgen gemaakt, er is zoveel gedoe geweest met mijn ouders. [lacht]. Maar het werk van mijn ouders is eigenlijk ook gewoon hier, dus daar ging het ook om.

Hoe is het met je liefde voor dieren eigenlijk nu?
Dat is ook nooit weggegaan. Nu ik hier ben ga ik gewoon best vaak naar de kinderboerderij.

Hou je, zoals je in de film zei, nog steeds meer van dieren dan van mensen?
Eigenlijk wel. Ik word ten eerste heel erg moe van mensen, ik heb altijd een limiet van wat ik kan verdragen. En ik raak na een tijdje ook een beetje verveeld. Met dieren heb ik dat nooit.

Lijk je meer op je vader dan op je moeder?
Ja, absoluut. Iedereen heeft dat gevoel bij mij. Mijn vader en ik leven allebei in een droomwereld. Mijn vader moet je echt een paar keer bij zijn naam noemen als je tegen hem praat, omdat hij met zijn gedachten ergens anders is. Hij is ook heel erg koppig, en hij wil liever thuisblijven dan iets doen ergens. En hij is een beetje lui [lacht].

Hoe verschilt dat van je moeder?
Mijn moeder neemt dingen sneller serieus. Ik laat dingen vaak maar.

In DWDD zei je "Ik heb het werk van mijn ouders nog niet gelezen, want dan moet ik eerst volwassen worden." Heb je inmiddels wel iets gelezen?
Nog steeds niet.

Omdat je je nog niet volwassen genoeg voelt?
Ik ben eigenlijk nog steeds een kind. Ik wil dat ook niet loslaten. Mij lijkt volwassen zijn echt heel erg saai. Maar er zijn andere boeken die ik liever lees. Die boeken van mijn ouders komen nog wel aan de orde.

Is het niet ook omdat je als schrijver geïnspireerd wil raken door wie jij de grote meesters vindt? En de boeken van je ouders misschien daarvoor te dichtbij je staan?
Ja, ik denk het wel. De thema's en elementen die in verhalen van mijn ouders zitten zijn andere thema's dan waar ik van houd. Mijn verhalen zitten tussen fantasy en realiteit in. Ik denk dat als ik een boek van mijn ouders zou lezen, ook hun stem de hele tijd hoor.

Ik neem aan dat ze jouw boek wel hebben gelezen. Wat vonden ze ervan?
Uhm, ja. Ze vonden het wel knap. Maar ik ben sindsdien zo gegroeid, ik voel me helemaal niet meer verbonden met het boek. Het was zo'n andere tijd. Ik schreef het toen we net terug waren uit LA. Ik was een ander persoon.

Je was boos toen, zei je net.
Ik was heel boos.

Dat lees ik er ook wel in.
Die gekte van haar, de hoofdpersoon, was eigenlijk mijn eigen gekte, met een twist. Het is nu eigenlijk een andere stem geworden.

Gaat het automatisch, dat wanneer je boos bent, je ook een boos verhaal schrijft?
In die periode denk ik niet dat ik iets anders had kunnen schrijven. Ik was zo donker. Maar ik zou nu wel op andere golflengtes dan die van mezelf kunnen werken. Alhoewel er altijd wel een bepaalde boosheid in zal zitten. In elk verhaal dat ik heb geschreven sinds ik acht ben, zit geweld. Of overlijdt er iemand, is er een drama.

Hoe komt dat denk je? Wil je in opstand komen tegen het sprookjesleven hier?
Het gaat over geweld, en over dieren trouwens. Dat zijn de twee dingen, in mijn tekeningen ook. Ik weet niet hoe het komt, ik ben er altijd nieuwsgierig naar geweest. Ik verzamel ook messen sinds ik twaalf ben. Maar ik wil geweld niet zien, ik houd er niet van. Ik ben geen sadist.

Je zei eerder vandaag dat je je eigenlijk nergens helemaal thuis voelt. Is er een plek waar je je het meest thuis voelt?
In dit huis zelf, en in de tuin. Verder is er niet echt een plek. Ik vind het huis fijn, maar het dorp niet. En met Nederland voel ik me ook helemaal niet verbonden. Met LA ook niet.

Je zei terwijl we je aan het fotograferen waren en het over je tattoo hadden, dat je vader erover gezegd had dat tatoeages 'onjoods' zijn. En in Linda las ik in de rubriek 'Stom!', dat je het stom vindt dat er hier nergens koosjere hotdogs te vinden zijn. Speelt jouw geloof een belangrijke rol voor je?
Mijn ouders zeiden toen ik die tatoeage nam: "Joden doen zoiets niet. Joden waren bezig met overleven." Ik schrijf niet over het Jodendom. Er is een mogelijkheid dat dat nog gebeurt, maar het Joods zijn is wel iets intiems. Maar tegelijkertijd ook iets heel gewoons. Ik wil me liever bezighouden met dingen die niet gebeuren, of niet gebeurd zijn. Ik wil het liever zelf verzinnen. Ik denk niet na over de Joodse geschiedenis en de horrorverhalen. Ik weet er vanaf, dat Joden al duizenden jaren verdreven zijn, maar ik ga er niet actief over nadenken, om er over te kunnen schrijven.

Je wil het geen rol laten spelen in je werk, maar hoe zit het met je eigen leven?
Ik woon natuurlijk in Israël, ik studeer Literatuurwetenschap in Tel Aviv. Ik ben in Bloemendaal opgegroeid, en mijn broer en ik waren de enige Joodse kinderen op school. Ik had geen Joodse vrienden. Mijn ouders hebben een paar Joodse vrienden met kinderen, maar dat is niet hetzelfde. Ik voel me altijd een beetje raar, want als ik zei dat ik Joods was, waren mensen ontzettend verbaasd. Nu ik in Israël woon is het normaal. Je hebt daar Islamitische Arabieren, Joodse Arabieren, Israëlische Arabieren. Het is een grote soep.

Voel je je er veilig?
Jawel, maar ook niet. Er vinden ongelofelijk veel aanslagen plaats. Maar het is wel een sterk land, de mensen zorgen voor elkaar. Als er iets gebeurt, doet iedereen meteen wat er nodig is. Omdat er vaak dingen gebeuren, maar ook omdat iedereen er in het leger is geweest. Dat geeft ook een gevoel van veiligheid.

Zou jij dat kunnen, in het leger zitten?
Nee, ik kan niet naar mensen luisteren. Mijn beste vriendin zit in het leger, en ze zit nu eerst in training, met acht meisjes op een kamer. Daar moet ik ook niet aan denken.

Na je optreden in DWDD en andere aandacht die je kreeg bij het uitkomen van je boek, stond je opeens als sites als mokkels.nl. Hoe ga je daarmee om?
Ik vind het zo saai als mensen praten over een meisje. Ik vond het op zich niet erg als mensen over me praten, het gebeurt nou eenmaal. Maar ik snap zelf de motivatie niet helemaal, wanneer mensen je helemaal analyseren om hoe je eruitziet.

Streelt het ook je ego niet?
Ik zag ook veel gemene reacties. Je kon aan die woorden wel zien dat dat vrij zure mensen waren. En daar ging mijn hart wel van te keer. Mijn ouders krijgen ook heel erg veel shit over zich heen. Je kan er alleen gewoon niet zo heel veel aan doen.

Je bent opgegroeid met de roem van je ouders. Heeft dit invloed gehad op wie je bent?
Toen ik jonger was wist ik helemaal niet dat het een fenomeen was, en mijn ouders bekend waren. Ik kwam soms thuis van school en dan hadden mijn ouders een interview, ik dacht dan: dat doen volwassenen. We hebben ook vaak in Amerika gewoond waar geen hond mijn ouders kende. Je hebt roem van acteurs, maar de roem van een schrijver is wel anders. Minder groot.

In Linda zei je ook: "Het is stom je anders voor te doen voor een jongen." En op Instagram zeg je dat je een meisje bent dat 'boeken datet'. Zijn het echt alleen maar boeken waarmee je wil zijn?
Er is wel iets aan de hand. Maar het is niet belangrijk. 

Heb je behoefte aan de liefde van een ander?
Ik vind het heel fijn als er iemand op je let en voor je zorgt. Dat is comfortabel. Maar de meeste liefdes die ik heb gehad wilden meteen trouwen. En me meteen willen bezitten voor de rest van het leven. Daar kan ik niet tegen.

Hoe zie jij je toekomst voor je?
Er is geen enkel ander ding dat ik zou willen doen. Ik wil gewoon mijn hele leven tekenen, en boeken schrijven, dat is het. 

Is het ook niet daarom dat je een loner bent? Dat het noodzakelijk is.
Ja, ik zei laatst ook tegen mijn moeder: "Ik wil niet opgroeien", toen zei ze: "Maar schrijvers zijn gewoon kinderen. En wij zijn toch ook kinderen?" Maar dat heeft misschien niet iets met een loner zijn te maken.

Misschien wel, omdat je niet mee wil gaan in de 'normale' weg die een persoon bewandelt?
Vrienden van mijn ouders zijn allemaal hele ongewone mensen met hele ongewone levens. Het zijn allemaal loners op een bepaalde manier.

Als schrijver duw je de mensen weg, maar haal je ze met je boeken toch een beetje naar je terug.

Credits


Tekst Olga Kortz
Fotografie Lotte van Raalte @ HALAL
Styling Lisa Dymph Megens
Haar en make-up Frances Krol
Tracksuit Weekday
Top Maison the Faux
Top Zipper, broek en slippers Adidas
Trui Adidas, broek Levi's
Trui Y-Project via SPRMRKT
--
Solomonica op Instagram

Tagged:
Interviews
solomonica de winter