het ongemakkelijke vraagstuk rondom leer

Waarom worden we boos om een jas van bont en lopen we ondertussen wel volop in leren kledingstukken?

door Wendy Syfret
|
08 april 2015, 9:25am

Photography Kate Owen

In 2015 is de bontcontroverse nauwelijks controversieel. In de afgelopen 40 jaar werden we volop blootgesteld aan afbeeldingen van dierenmishandeling, activistische demonstraties en met verf bespatte modejournalisten. Op een enkeling na kan je inmiddels wel zeggen dat iedereen het ermee eens is dat bont over het algemeen overbodig is. Natuurlijk zie je hier en daar nog een bontkraagje voorbijkomen, maar iemand in een dikke, vloerlengte bontjas die niet faux is, past niet meer in het straatbeeld.

De langzame maar gestage verwerping van bont is niet verrassend. Bont afwijzen is ethisch, maar vooral ook makkelijk. Het is als kaviaar of foie gras afwijzen - de realiteit is dat maar weinigen er echt iets voor moeten opgeven.

Als het op leer aankomt is het al lastiger en de discussie complexer. Vaak wordt leer als een bijproduct van de vleesindustrie gezien. Dus, tenzij je een vegetariër of veganist bent, kun je heerlijk van je schoenen, portemonnee, tas, auto-interieur, riem, en talloze andere dingen genieten zonder ook maar enig schuldgevoel te ervaren. Maar, hoewel dit op een bepaald moment inderdaad het geval was, geloven we inmiddels toch niet meer echt dat dat paard voor jouw laarsjes sowieso al gevild zou worden? Denk je echt dat de hoeveelheid leer die we kopen overeenkomt met de hoeveelheid vlees die we eten? Dus waarom zijn we dan zo stellig in het afwijzen van bont, als we nog steeds volop leren producten gebruiken?

Zelfs de meest fervente activist begrijpt dat je de discussie rondom het leervraagstuk niet zomaar op gang krijgt. Lynda Stoner van Animal Liberation vertelt i-D: "Ik denk dat het flink wat moeite heeft gekost om ervoor te zorgen dat mensen bont als iets walgelijks gingen zien. Rondom leer bestaat dan ook nog eens de misconceptie dat het een bijproduct van de vleesindustrie is, wat het gebruik ervan rechtvaardigt. Deze strijd wordt daardoor bijna onmogelijk."

Eeuwenlang was leer en suède inderdaad een restproduct van de vleesindustrie - in die tijd was het misschien zelfs respectvoller om de huiden van de geslachte dieren ook te gebruiken en niet als afval af te doen. In de afgelopen vijftig jaar zijn we leer echter voor steeds meer producten gaan gebruiken - van ons auto-interieur tot voetballen - waardoor nu voor het eerst in de geschiedenis onze honger naar leer groter is dan onze honger naar vlees.

Lucy Adam van de fashion & textiles school van RMIT, vertelt dat het tegenwoordig eerder andersom is: "Vlees wordt steeds meer het bijproduct van de leerindustrie." En het gaat hier niet alleen om kwantiteit, maar ook om kwaliteit: het leer dat we nu willen is van een heel andere kwaliteit dan dat waar onze voorouders genoegen mee namen. Nu bont langzaam verdwenen is uit de collecties van onze favoriete ontwerpers, wordt leer steeds meer het middelpunt van ons concept van luxe.

Voorheen gold dat per koe (inmiddels worden er jaarlijks ongeveer een biljoen geslacht) 20 procent van de omzet van de huid kwam. Dit percentage is aan het verschuiven. Voor dieren als struisvogels zit 80 procent van de omzet hem in de huid, waar het percentage bij reptielen richting de 100 procent gaat. Zo is plotseling een markt ontstaan die helemaal losstaat van voedselindustrie.

En waar we niet allemaal met tassen en schoenen van krokodillenleer lopen, is het leer dat we over het algemeen willen zacht en vlekkeloos. Het 'beste' leer komt van heel jonge koeien, die speciaal voor hun huid en niet voor hun vlees gefokt werden. Lynda vervolgt: "Het meeste leer komt uit India of China, en de dieren hebben allemaal verschrikkelijk geleden."

De omstandigheden waarin een kwaliteitsstuk vlees wordt geproduceerd zijn heel anders dan de omstandigheden die nodig zijn voor een mooi stuk suède. Het is daarom ook steeds onwaarschijnlijker dat een koe voor beide gebruikt zal worden. Een dier dat voor leer gefokt wordt, lijdt over het algemeen net zoveel als een dier dat gefokt wordt voor de bontindustrie. Voor het fijnste kalfsleer bijvoorbeeld worden alleen net geboren of zelfs ongeboren - geaborteerde - kalveren gebruikt.

Hoewel er zoveel aandacht uitgaat naar bont, is die industrie in vergelijking met de leerindustrie heel klein. Hetzelfde geldt voor de gevolgen die die industrie op het milieu heeft - de bontindustrie is wreed, maar het is een nichemarkt, en de gevolgen op ecologisch niveau zijn minimaal.

Leerlooierijen daarentegen zijn bijzonder vervuilend. Veel van het werk wordt verricht in derdewereldlanden. Kankerverwekkende stoffen worden in het voor het proces benodigde water gepompt, waardoor werknemers vaak lijden aan chronische beschadigingen van de luchtwegen.

Zoals voor zoveel kwesties in de textielindustrie geldt ook hier: uit het zicht is uit het hart. India, de wereldleider in leerproductie, is nu dan ook de voorloper in de beweging om leren producten te verbieden. Veel scholen in het land vragen de kinderen bijvoorbeeld om geen leren schoenen te dragen. De zichtbare verwoesting van hun land door de leerindustrie motiveert de bevolking om er iets aan te doen.

Maar de realiteit is dat we al deze dingen allang weten. Hoewel we hier in het westen niet dagelijks met de realiteit geconfronteerd worden, kan elke volwassene je vertellen over de herkomst van leer, en is vrijwel niemand zo naïef om te denken dat de productie ervan gewoon deel uitmaakt van de levenscyclus.

Ons leerverbruik is nauw verweven met onze houding ten opzichte van eten en comfort - twee dingen die een enorme rol spelen in ons dagelijkse leven. Lucy merkt op: "Vlees eten wordt gezien als iets acceptabels, en hetzelfde geldt voor het dragen van leer." Het feit dat beiden zo geaccepteerd zijn, zorgt ervoor dat ze ook zo goed als onzichtbaar zijn - we zien het probleem niet, omdat het zo normaal is. Waar dierenactivisten stellen dat het feit dat onze kip in filets in plastics verpakt wordt ervoor zorgt dat we het dier dat we eten niet meer herkennen, kan ook gesteld worden dat het prachtige, zachte leer niet langer herkend wordt als de huid van een levend dier. Wanneer je bont aanraakt, kan je moeilijk niet aan je jeugdhuisdier denken, maar slechts weinigen van ons zullen wanneer we een paar leren loafers aantrekken aan die koe kilometers verderop denken.

Lynda stelt dat we makkelijk zo kwaad worden om een bontjas omdat het een ver-van-je-bed-show is: "Als er aan de andere kant van de oceaan iets gebeurt als berengal winnen of gruwelijke dierenproeven, dan kan je makkelijk met de vinger wijzen. Mensen zijn veel eerder bereid om een zaak aan te vechten die geen directe invloed op hun levens heeft."

Net als voor het debat over vlees en verantwoordelijke consumptie, geldt ook hier dat het antwoord niet zit in het volledig afwijzen van leer. Waar sommigen dit wel kunnen, is het niet realistisch om dit als enige mogelijke oplossing aan te voeren - als de oplossing zo onmogelijk lijkt, zullen mensen het probleem ook minder snel aanpakken. De campagnes tegen bont waren onder andere zo succesvol omdat wat gevraagd werd haalbaar leek - bont was niet onlosmakelijk verbonden met ons leven.

Lucy heeft een realistisch beeld van wat de consument moet doen om het ethische probleem rondom leer aan te pakken: "Je kan discussiëren over of je het nou wel of niet moet gebruiken, maar uiteindelijk zal het altijd gebruikt worden. Consumenten en ontwerpers moeten werken aan betere omstandigheden, en moeten transparantie binnen de leerindustrie opeisen."

Consumenten moeten verantwoordelijkheid nemen en hun eisen communiceren via hun aankopen. Allereerst moeten we de producten die we kopen onderzoeken en evalueren, om zo druk op ontwerpers en fabrikanten uit te oefenen zodat ze op zoek gaan naar de meest ethische productiemethodes. Grote namen als Vivienne Westwood en Stella McCartney hebben reeds aangetoond hoe je een bedrijf kunt runnen terwijl je op een verantwoordelijke manier deelneemt aan de productie- en textielindustrie.

Uiteindelijk hoef je als je een bewuste consument wil zijn niet automatisch een product af te wijzen dat al millennia lang gebruikt wordt. Het betekent dat je even stil moet staan bij onze consumptiemaatschappij, om jezelf af te vragen wat voor jou nou echt belangrijk is. 

Credits


Tekst Wendy Syfret
Fotografie Kate Owen

Tagged:
leer
bont
Generatie Z