een liefdesverklaring aan emo

Tom Goodwyn beschrijft zijn eerste stappen in de wereld van gitaren en guyliner.

door Tom Goodwyn
|
13 juli 2015, 11:07am

Op muziekgebied waren de buitenwijken van de Britse stad Manchester in 2001 niet echt een inspirerende plek. Het was het tijdperk waarin de indiemuziek nog in een diepe identiteitscrisis verkeerde, en waarin alle nu-metalbandjes waar mijn vrienden en ik zo gek op waren, langzaam in een parodie op zichzelf veranderden.

Oké, oké, Limp Bizkit had net een nummer één-hit gescoord en speelde voor stampvolle zalen, maar bands als Papa Roach en Korn brachten super slechte albums uit waar de platenmaatschappijen bovendien enorme productiekosten voor hadden gemaakt. De nieuwe lichting bands kon dit sentiment niet omkeren. Bandjes als Trapt en Adema hebben geprobeerd de fans weer terug te lokken, maar de echte liefhebbers bleven weg. En toen was daar plotseling iets dat de muziekwereld op z'n kop zette: emo.

Het begon voor mij allemaal met Finch. Als ik erop terugkijk had ik liever gehad dat mijn liefde voor het genre begonnen was met Glassjaw, of The Promise Ring, of zelfs met Sunny Day Real Estate - dit waren de echte pioniers. Maar het begon voor mij toch echt met Finch. Specifiek met het nummer Letters To You, waarmee de band plotseling doorbrak. Muziektelevisie was toen nog wat muziektelevisie moet zijn - ik zat de hele dag naar de clipjes op MTV te kijken. In de clip bij Letters To You liet Finch de muziek voor zichzelf spreken. De clip was namelijk gewoon een optreden van de band in een kale, zwarte ruimte.

Ik kon niet wachten tot de single uitkwam. Toen het nummer eindelijk beschikbaar was, ben ik naar een platenzaak gerend en heb ik de single gekocht. Ik wilde er alles aan doen om het nummer in de Top 40 te krijgen, wat uiteindelijk ook gelukt is - het nummer bereikte de 39e plaats in de Britse Top 40. Destijds voelde het als iets heel bijzonders als een onbekend bandje in de hitlijsten belandde.

Manchester had in die tijd een poptempel met drie locaties: Manchester Academy. Er was een heel klein zaaltje, maar ook een concertzaal van een normaal formaat. Vaak werden bandjes eerst geboekt in het kleine zaaltje. Als de tour succesvol bleek werd de kleine zaal vervolgens vaak verruild voor de grote zaal. Ik kocht een kaartje voor Finch in het kleine concertzaaltje, maar omdat Letters To You zo'n hit was geworden, kregen ze al gauw de grote zaal toegewezen.

De band Brand New, een geweldige rockband uit Long Island, stond die avond in het voorprogramma van Finch. Deze twee bands hebben mij uiteindelijk aangemoedigd om me meer te verdiepen in het genre, waarna ik uitkwam bij The Starting Line. Daarna bracht mijn reis door het genre me bij bands als Hell Is For Heroes, een vreemde Britse mix van alt-rock en post-hardcore - uiteraard met de smachtende zang waar het genre zo om bekend staat. Al gauw leerde ik bands als Thursday, Thrice, Glassjaw en Jimmy Eat World kennen. Ook vanuit Amerika kwamen veel bands overwaaien - denk aan The Used, My Chemical Romance en Senses Fail.

Ik voelde me het meest aangetrokken tot de songteksten van deze bands, die een mix van attitude en referenties waren. Nu-metal was een beetje aanstellerig en probeerde de naarste eigenschappen van hiphop over te nemen. Indie ging vooral over het leven in een klein dorp. Emo daarentegen heeft meer literaire eigenschappen. De zangers verwezen naar boeken waarvan ik nog nooit gehoord had en de films die ze in hun muziek noemden zocht ik meteen op.

Mensen bespotten de muziek nu (destijds ook al, overigens) vanwege de songteksten die vaak zeurderige karaktertrekken hadden en regelmatig doordrenkt waren met zelfmedelijden. Daar hebben ze misschien een punt, maar de muziek was wel oprecht. De beste tekstschrijvers uit die periode (Jesse Lacey van Brand New, Chris Carraba van Dasboard Confessional en later Pete Wentz van Fall Out Boy), mixten het bittere en het rancuneuze met zelfreflectie en zelfspot. Als je 16 bent en je stemming verandert ongeveer vijftien miljoen keer per dag, dan kan je je goed identificeren met deze muziek.

Er was ook veel variatie in emo - je had bijvoorbeeld Glassjaw, maar ook Thursday. Dashboard Confessional en Get Up Kids gebruikten meer akoestische muziek. My Chemical Romance en Taking Back Sunday waren weer wat theatraler. Het enige wat overal hetzelfde was, waren de fans. Ze gingen altijd helemaal op in het optreden en konden elk woord meebrullen.

Net als bij grunge, punk, nu-metal en eigenlijk elke muziek-trend, wilden de gevestigde bands niet gelabeld worden als "emo". De bands die deze term wel omarmden, waren het vaak niet waard om te volgen. Het grote geld van de platenmaatschappijen verdween weer net zo snel als dat het gekomen was en niet veel later waren de bandjes die enorme concertzalen vulden gedwongen om weer in de clubs te spelen.

Veel van de albums uit die tijd zijn nog steeds goed te beluisteren. Ik ben bijvoorbeeld  nog steeds gek op het oude werk van Brand New. Ik luister nog vaak naar Tell All Your Friends van Taking Back Sunday en ook het werk van Finch beluister ik nog regelmatig. Maar het liefst denk ik terug aan alle optredens waar ik in die tijd ben geweest.

Een paar vrienden vonden emo ook wel tof, maar de meeste optredens bezocht ik met mijn zus. Haar muziekvoorkeur ontwikkelde zich heel abrupt van boybands en de Spice Girls naar Jimmy Eat World en Thursday. De optredens van emo-bandjes waren altijd klam, zweterig en intens - en misschien nog wel het belangrijkste: er waren net zo veel meisjes als jongens. Dat is wat mij betreft emo's grootste verdienste geweest.

Als je dit leuk vond, check dan ook eens deze artikelen:

De emo's vormden misschien wel de laatste echte subcultuur
Deze fotografe nam de afgelopen drie jaar elke keer dat ze moest huilen een selfie
Sigrid ten Napel en Olivia Lonsdale blijven voor altijd jong

Credits


Tekst Tom Goodwyn
Fotografie Diego DeNicola

Tagged:
emo
Muziek