Quantcast

de belgische ontwerper die zich laat inspireren door de schoonheid van marokko

Twee jaar geleden besloot de Belgische modeontwerper Laurence Leenaerts België achter zich te laten en zich te midden van ambachtslieden in de Medina van Marrakech te vestigen.

Djanlissa Pringels

Djanlissa Pringels

In de wereld van modeontwerper Laurence Leenaerts dwalen jonge vrouwen als nomaden door de woestijn, gehuld in kimono's, sandalen en oversized bomberjackets met Jean Arpiaanse patronen. Toch is het niet makkelijk om haar stijl vast te pinnen. In haar ontwerpen zie je invloeden van over de hele wereld terug, van Zuid-Amerika tot het Midden-Oosten, waaronder het magische Marokko. De 27-jarige modestudent besloot twee jaar geleden dan ook om haar hart te volgen en halsoverkop naar Marrakech te verhuizen.

Waarom verhuisde je naar Marrakech?
Drie jaar geleden ging ik samen met mijn zus op reis naar Marokko. Ik vond het een prachtig land en om een of andere reden werd ik er altijd tot aangetrokken. Ik keerde elke twee maanden terug en ben zelfs twee maanden lang naar een kleine nederzetting aan de rand van de woestijn verhuisd. Er was geen elektriciteit of warm water. Ik had enkel mijn naaimachine onder mijn arm en sliep er bij enkele Berbers.

Dat klinkt intens.
Dat was het ook. Je staat op en gaat slapen met de zon. Je bent volledig overgeleverd aan de natuur. En dat was erg interessant: ik deed er inspiratie op voor kleuren, texturen en vormen. Ik maakte vooral oversized, comfortabele kleren, waaronder kimono's en handora's, de soort kledij die perfect past in een grimmig woestijnklimaat. 

Ontwerp je dus voor een nomade?
Ik ontwerp eigenlijk voor mezelf. Ik wil comfortabele kleren maken, die ik zelf met gemak ook zou kunnen dragen. Ik speel veel liever met kleuren en vormen, dan dat ik iets ondraagbaar en en daardoor eigenlijk vrouwonvriendelijk maak.

En na die twee maanden besloot je dus om naar Marrakech te verhuizen. Hoe bevalt het je nu?
Het is echt heerlijk. Ik woon in het midden van de medina van Marrakech. Het klinkt chaotisch, maar het heeft veel voordelen. Bij mij om de hoek vind je een tailleur, een leerbewerker en om de haverklap een winkel waar je de mooiste stoffen kunt kopen. Ik word elke dag geprikkeld door alle impulsen die ik krijg. En naast de architectuur en prachtige stoffen, vormt ook het contact met de lokale ambachtslieden een grote inspiratiebron.

Hoe verloopt dat contact dan?
Heel erg goed. Ik werk constant samen met lokale ambachtslieden: ik heb een idee in mijn hoofd en samen met lokale leersnijders en naaiers werk ik die dan uit. Mijn kleding is vooral een samenwerking tussen heel veel verschillende mensen van verschillende afkomsten en dat maakt het allemaal zo boeiend.

Ik kan me inbeelden dat de clash tussen een westerse modestudent en een traditionele ambacht voor interessante situaties zorgt?
Ja, absoluut. Ik leer zo veel van die samenwerking. Maar soms botst het wel. In het begin begrepen de schoenmakers bijvoorbeeld niets van de Moustache-sandalen die ik maakte. Ze wilden de hele tijd de franjes afknippen, want ze vonden het afgrijselijk. Nu snappen ze me wel. Maar die samenwerking is zo leuk, dat ik constant op zoek ga naar verschillende invloeden. Ik ga binnenkort naar Senegal om daar kleding te ontwerpen met lokale ambachtslieden. Het grootste probleem zit vooral in het werktempo hier. Soms is het moeilijk om hier een westers bedrijf te runnen. Tijdens de ramadan bijvoorbeeld is het onmogelijk om iets op tijd in orde te maken. Maar dat is ook begrijpelijk: het is stikheet en niemand eet overdag.

Die mengeling vind je ook terug in je ontwerpen. Je stijl lijkt te hinten naar Jean Arp of Jean-Michel Basquiat, met een oosters vleugje. Klopt dat?
Absoluut, ik laat me door verschillende dingen inspireren. Ik heb me altijd omringd door vrienden die in de kunstwereld zitten, maar ook neem ik telkens iets mee van de mensen die ik ontmoet op mijn reizen. Zo leerde ik enkele jaren geleden in Berlijn een Koreaans meisje kennen. Zij leerde me alles over kimono's. Nu ik erover nadenk, besef ik dat mijn kleding vooral een reflectie van mijn leven is.

Dan is het waarschijnlijk lastig om in te schatten hoe je kledinglijn zich verder zal ontwikkelen?
Dat is inderdaad moeilijk in te schatten. Ik weet niet wie of wat ik ga tegenkomen en waar ik ga belanden. Ik wil alle tijd nemen die ik nodig heb om mezelf te ontplooien en indrukken op te doen. Urban Outfitters vroeg bijvoorbeeld om samen te werken, maar ik ben er gewoon nog niet klaar vor.

Ik zie dat je buiten kleding, ook tapijten en keramiek maakt. Is dat iets waar je mee verder wilt?
Absoluut. Ik wil me niet beperken tot het ontwerpen van kleding en schoenen. Ik merk dat ik verschillende kunstvormen wil exploreren, zoals marmeren sculpturen. Eigenlijk wil ik me gewoon meer verdiepen in ambachten en dat schoolse achter me laten. Ik wil met mijn handen bezig zijn. Ik wil leven in mijn kunst.

Credits


Tekst Djanlissa Pringels
Beeld via Laurence Leenaerts