Pariah (2011) and Stranger by the Lake (2013)

waarom de oscars ook experimentele en uitdagende queerfilms zouden moeten vieren

Het succes van ‘Call Me by Your Name’ is fijn, maar om echt vooruitgang te boeken moeten ook de minder romantische verhalen met het grote publiek gedeeld worden.

|
mrt. 9 2018, 10:17am

Pariah (2011) and Stranger by the Lake (2013)

Voor alle duidelijkheid: Call Me by Your Name, het coming-of-agedrama dat afgelopen jaar de wereld veroverde en van Timothée Chalamet een ster maakte, is een meesterwerk. Het succes is ontroerend: een film die tegen de verwachtingen in meer aandacht kreeg dan elk ander gay-kunstwerk.

Maar zulk succes is zeldzaam. Een film met een lhbtq+-thema die semi-mainstream gaat gebeurt niet zo vaak. De films die dat wel lukt, hebben een ding gemeen: ze romantiseren het queer-bestaan, schilderen het af als een onvolmaakt maar warm bestaan — niet veel anders dan de manier waarop heteromensen zin geven aan hun ontluikende seksualiteit. Films die proberen te focussen op de politieke elementen, zoals Milk van Gus van Sant, halen zichzelf onderuit met een grotendeels heteronormatieve cast en steun van grote blockbuster-studio’s. Onafhankelijke films over de realiteit van de queer-cultuur hebben veel meer moeite met het vinden van een publiek.

De regisseur van Call Me by Your Name, de Italiaanse Luca Guadagnino, maakte de bewuste keuze om zijn film een paar jaar later plaats te laten vinden dan het gelijknamige boek, om zo de hysterie rond de aidsepidemie te vermijden. Een queer-film maken zonder stil te staan bij de complexe queer-realiteit is niet per se slecht – als we de hele tijd gebombardeerd zouden worden met de gevaren in het leven, zouden we geen vorm van escapisme meer overhouden. Bovendien: de speech van Elio’s vader voelt als een filmmijlpaal die ervoor kan zorgen dat jonge kinderen die nog uit de kast moeten komen wellicht met minder vrees naar dat moment toe gaan leven.

Het afgelopen decennium hebben we veel complexe en strijdbare queer-films gezien ー vaak afkomstig uit de arthouse-scene van het Europese vasteland ー die faalden om dezelfde aandacht te pakken als Moonlight en Call Me by Your Name. Misschien is dat niet de schuld van de films zelf. Het toont eerder hoe afhankelijk de films zijn van awardshows als de Oscars en Golden Globes voor het bereiken van een groot publiek.

Neem het Hitchcockiaanse meesterwerk Stranger by the Lake van Alain Guiraudie, een film die vakkundig een sprankelend moordmysterie neerzet tegen de seksueel expliciete achtergrond van een zonovergoten homo-ontmoetingsplek. Het onberispelijke script is vergeleken met het werk van Patricia Highsmith, en het Franse filmtijdschrift Cahiers du Cinema — naast een aantal grote Amerikaanse publicaties — noemde het de beste film van het jaar. Maar Frankrijk koos ervoor om het middelmatige Saint Laurent in te sturen voor de Oscars van dat jaar, wetende dat biopics — en niet queer-films — het goed doen bij de Academy.

Dan is er Dee Rees, bekend van Mudbound, en haar dramafilm Pariah uit 2011: een verhaal over een jonge, zwarte vrouw uit Brooklyn die haar lesbische identiteit probeert te accepteren, terwijl ze worstelt met haar sociale status. Pariah kreeg grote bijval toen het zeven jaar geleden te zien was op Sundance. Hoofdrolspeler Adepero Oduye werd genomineerd voor de Independent Spirit Award, maar de grote prijsceremonies negeerden haar. Meryl Streep noemde de film zelfs tijdens haar Oscar-acceptatiespeech voor The Iron Lady.


Terwijl de standaard van films met een queer-hoofdpersoon beter lijkt te worden, worstelt de Academy nog met het maken van de juiste keuzes maken over welke films ze eren en welke niet. We hebben een goed jaar achter de rug vol frisse lhbtq+-figuren in de culturele wereld (denk aan queer-muzikanten als Nakhane en Hayley Kiyoko, en romanschrijvers zoals de inspirerende Joseph Cassara), maar de angst voor symboolpolitiek lijkt het stemproces te domineren bij filmceremonies als de Oscars. Het eren van drie queer-meesterwerken in een jaar? Misschien wel een beetje overkill...

A Fantastic Woman gaat over een trans-zanger die op gespannen voet staat met haar omgeving na de dood van haar vriend. De film haalde terecht de shortlist voor Beste niet-Engelstalige Film tijdens de Oscars van dit jaar. Een nominatie voor de hoofdrolspeelster Daniela Vega ontbrak. Het had een mijlpaal kunnen zijn in de categorie Beste Actrice.

Het krachtigste voorbeeld van lhbtq+-films afgelopen jaar schopte het nog niet eens tot de top tien van de Academy. Het boze, strijdbare en toch positieve BPM was de Franse inzending. Het speelt zich af in vroege jaren negentig in de buitenwijken en nachtclubs van Parijs. De film gaat over ACT-UP, een groep activisten die politici, farmaceutische bedrijven en godsdienstleiders confronteerden met de gevolgen van de aidsepidemie.

Tijdens de Césars van dit jaar, het Franse equivalent van de Bafta’s, won BPM zes van de dertien prijzen waarvoor het was genomineerd, ook die voor Beste Film. De cast, aangevoerd door Nahuel Pérez Biscayart, Arnaud Valois en Adèle Haenel, is zo gay en divers dat het de heterovoorkeur van de casting-directors in Hollywood beschaamt. Het is de belichaming van queer celebration — maar door films als BPM te negeren op zijn invloedrijke Oscar-platform maakt de Academy het moeilijker om meer van dit soort films gemaakt te krijgen.

BPM is een liefdesverhaal, maar doordrenkt in de harde waarheden die films als Moonlight en Call Me by Your Name vermijden. BPM zegt: het queer-bestaan is fantastisch, maar ook dodelijk. Film is juist een medium dat de wereld die realiteit kan helpen inzien.

Film is een belangrijke plek voor veel jonge queer-mensen die hun identiteit overdenken of worstelen met het idee van uit de kast komen. Als we ze steeds steeds een serene visie voorschotelen van blozende romantiek met een Italiaanse zomer als decor, negeren we de realiteit van het queer-bestaan.

Arthousefilms zijn een zeldzame luxe voor wie buiten de grote stad woont. De films die een groot publiek weten te bereiken hebben de Oscars daarvoor nodig. Hoe ouderwets ook, deze glamoureuze ceremonies hebben waarde. Het aandeel dat de Oscars hebben in de aandacht voor lhbtq+-films — in al hun bedwelmende, seksuele en furieuze glorie — is veel belangrijker dan de gemiddelde Academy-stemmer misschien denkt.

We verliezen een stukje van onszelf, wanneer de cultuur en entertainment die we consumeren onze realiteit niet weerspiegelt. Een klein, gouden beeldje voor een uitdagende queer-film heeft het in zich om dat te veranderen.