hoe een tragedie david hockney weer aan het schilderen kreeg

Na de dood van zijn assistent schilderde David Hockney tachtig nieuwe portretten.

door Felix Petty
|
04 juli 2016, 1:20pm

David Hockney, Rufus Hale, 23rd, 24th, 25th November, 2015

Toen zijn 23-jarige assistent Dominic Elliott in mei 2013 stierf nadat hij gootsteenontstopper had gedronken, trok David Hockney zich in zijn studio in Los Angeles terug. Hij was een hele tijd niet in staat om te werken, tot hij aan een reeks portretten begon. Uiteindelijk maakte hij er tachtig. Het eerste portret was van Jean-Pierre Gonçalves de Lima, ofwel JP, een andere assistent van de schilder. Net als David was ook hij ontroostbaar na de dood van Dominic.

Het portret van Jean-Pierre was een uitbarsting van creativiteit, en laat de diepe gevoelens van David zien. Eerder in het verleden zorgden persoonlijke en sociale trauma's - AIDS of het einde van relaties - ervoor dat de artiest werken maakten die als uitlaatklep dienden. In tijden van crisis waren portretten en Los Angeles de rode drood in zijn werken.

David Hockney, Barry Humphries, 26, 27, 28 maart, 2015

Het komt dan ook niet als een verrassing dat Hockney na de dood van Dominic zich in Los Angeles terugtrok. "Ik deed een tijdje niet veel," vertelde hij aan de BBC. "Het begon allemaal met een portret van JP." Vanaf dat moment ontstond er een nieuwe serie.

Hoewel alle portretten veel van elkaar weg hebben, zitten er duidelijke verschillen in de details, in de stemming van de mensen die zijn afgebeeld. Over die verschillen zei Hockney, enigszins voor de hand liggend: "We zijn allemaal individuen. We zijn anders aan de buitenkant, maar ook aan de binnenkant."

De expositie is te bekijken vanaf 2 juli 2016 tot en met 2 oktober 2016 in de Royal Academy, Londen.

David Hockney, John Baldessari, 13, 16 december, 2013.

Credits


Tekst Felix Petty

Tagged:
Los Angeles
bbc
JP
Kunst
zelfmoord
dood
John Baldessari
Barry Humphries
David Hockney
assistent
Cultuur
royal academy
dominic elliot
82 portretten