Fotografie Alice Mann

magische foto’s van jonge zuid-afrikaanse majorettes

De serie ‘Drummies’ vertelt het verhaal van de Zuid-Afrikaanse meisjes die door middel van dans negatieve stereotypen van zich afschudden.

door Sarah Moroz
|
26 september 2018, 11:28am

Fotografie Alice Mann

De jonge fotograaf Alice Mann wordt gedreven door haar interesse in etniciteit en gemeenschap. In haar nieuwe serie Drummies volgde ze een tijdlang een groep jonge majorettes in Zuid-Afrika, aan wie de sport structuur en focus biedt, en de mogelijkheid om uit hun sociale klasse te komen door beurzen en nationale tours. In de beelden wordt de atletische kunde en kracht van de meisjes benadrukt, die allemaal tussen de vijf en achttien jaar oud zijn en uit arme gezinnen komen. De blik van de gefotografeerde dansers in hun felgekleurde pakjes zit vol vastberadenheid, ambitie, discipline en zelfvertrouwen. Een ode aan de amour-propre die je elke jonge vrouw zou gunnen.

Drummies is de laatste toevoeging aan het portfolio van Mann – een viering van subculturen en collectieve identiteit. Eerder legde ze de leden van La Sape d’Europe vast; een Congolese groep die mode als een manier van empowerment ziet. Ze fotografeerde de bezoekers van de Walworth Methodist Church in hun zondagse kledij in een geïmproviseerde studio. Daarnaast documenteerde ze bewoners uit haar eigen rijke buitenwijk in Kaapstad en de zwarte werknemers die hun huizen opruimen en schoonmaken. De foto’s maken het contrast tussen de twee groepen in de post-apartheid in Zuid-Afrika voelbaar. Onlangs werd Mann genoemd als een van de vier fotografen die in aanmerking komt voor de Taylor Wessing Photographic Portrait Prize. We spraken de fotograaf dit weekend tijdens Unseen Amsterdam over de kracht van het uniform, en het belang van credit geven aan de onderwerpen die ze fotografeert.

De ‘drummies’ zijn tussen de vijf en achttien jaar. Merkte je dat hun zelfbewustzijn en de manier waarop ze de camera benaderen per leeftijd anders was?
Grappig dat je dat vraagt, want de eerste school waar ik foto’s maakte was een basisschool. De meisjes waren tussen de vijf en dertien, en er was een vijfjarig meisje die echt opviel. Ze had niet veel aanwijzingen nodig en wist precies hoe ze gefotografeerd wilde worden. Ze had zoveel zelfvertrouwen en leek duidelijk te weten wie ze was. Het was heel inspirerend om dat op zo’n jonge leeftijd te zien. Dat bracht me op het idee om er een groter project van te maken. Ik probeer altijd samen te werken met de mensen die ik fotografeer. Ik wil mensen graag vrij laten om te laten zien wat ze willen. Het viel me op hoe sterk deze jonge meisjes wisten wie ze waren. Ik geloof echt dat de sport hun zelfvertrouwen vergroot.

Kleding lijkt een grote rol te spelen in je werk, of je nou de sapeurs of mensen in hun zondagse outfit vastlegt. Was het anders om deze meisje te fotograferen in hun uniform?
Ik wil in mijn werk graag momenten benadrukken waarin mensen vol zelfvertrouwen zijn. Het is fijn om vervolgens samen de foto’s terug te kijken en hen een gevoel van trots te geven. In deze serie is dat het moment dat meisjes hun uniform aandoen. Voor hen is een majorette zijn een groot deel van hun identiteit, op een hele positieve manier. Het uniform is daar een representatie van. Ik probeerde ze ook in hun ‘gewone’ kleding te fotograferen, maar al snel realiseerde ik me dat hun houding en lichaamstaal onbewust veranderde op het moment dat ze het uniform aangetrokken. Dan staan ze ineens met rechte rug.

Hoe zorgde je voor een goede balans tussen portretten en groepsscènes?
Ik maakte altijd al portretten; dit was de eerste keer dat ik meer documentaire-achtig ging fotograferen. Ik heb de verhaallijn uitgebreid door ook spontane momenten en de momenten waarop ze samen aan het dansen waren vast te leggen. Ik voel me overigens echt heel vereerd dat ik met deze talentvolle meisjes samen mocht werken. Fotografie is een subjectief medium, en ik hoop dat mijn respect voor hen terug te zien is in de foto’s.

De serie is nog niet af. Al deze foto’s zijn in de buurt van Kaapstad gemaakt en volgende week ga ik rondom Johannesburg fotograferen. Ik heb tot nu toe met zes scholen samengewerkt en een aantal competities bijgewoond. Het was heel bijzonder om mee te mogen reizen in de teambus en mee te maken hoe ze zich klaarmaken voor een wedstrijd. Ik wil laten zien dat deze sport door het hele land meisjes op een positieve manier beïnvloedt. De wedstrijden zijn enorm groot. Zo was ik bij een wedstrijd in een gigantisch stadium met duizenden toeschouwers, waar mensen naast de zijlijn aan het barbecueën waren. Voor sommige mensen is het echt een dagje uit. Het is mooi om te zien hoeveel aandacht er is voor deze jonge meisjes en hun prestaties, vooral omdat zoveel van hen niet altijd gezien en erkend worden.

Hoe weet je wanneer je een bepaalde groep langere tijd wil volgen?
Mijn werk is best wel uitgedacht – ik ben een echte planner. Ik loop niet gewoon maar wat rond met mijn camera om spontaan foto’s te schieten. Toen ik over de majorettes hoorde was ik ongelofelijk gefascineerd; ik wist meteen dat ik hier een serie over wilde schieten. En als ik eenmaal aan een serie begin, doe ik dat voor een aantal jaar. Het is belangrijk dat mensen zich compleet op hun gemak voelen. In het werk van alle fotografen die ik bewonder zie je een evolutie in de relatie tussen de fotograaf en de mensen die zij of hij fotografeert.

Kun je voorbeelden geven?
Dana Lixenberg en haar Imperial Courts project bijvoorbeeld, waarin ze teruggaat naar de mensen die ze heeft gefotografeerd en vastlegt hoe ze ouder worden. De Franse fotograaf Mathieu Pernot deed iets soortgelijks: hij verbleef lange tijd bij een familie om ze te fotograferen. Zulke foto’s hebben altijd een sentimentele waarde.

Hoe zorg je er als fotograaf voor dat je die persoonlijke tederheid vastlegt?
Ik breng veel tijd met mensen door voordat ik mijn camera meeneem. Sommige mensen houden ervan om gefotografeerd te worden, anderen zijn wat meer verlegen. Ik vind het niet fijn om situaties te construeren: ik wil alleen werken met gevoelens die er al zijn. En ik geef mensen veel inspraak over de manier waarop ze gefotografeerd willen worden: het is echt een dialoog. Het is belangrijk dat mensen zichzelf dirigeren, vooral in portretseries. Het gaat erom dat je het moment vastlegt, in plaats van dat je een moment creëert. Als witte fotograaf in Afrika is het extra belangrijk om echt een relatie met de persoon die je fotografeert vast te leggen. Ik wil niet gewoon wat foto’s nemen en weggaan: ik wil terug blijven komen, mensen de beelden laten zien, en zo een band behouden.

Was de etniciteit van de meisjes een onderwerp?
Ik ben me als witte fotograaf heel erg bewust van mijn eigen positie. Als fotograaf in het algemeen is je positie sowieso heel belangrijk: wat betekent het in relatie tot de mensen met wie je samenwerkt? Ik wil dan ook een ruimte creëren waarin mensen me kunnen laten zien wat zij willen, in plaats van vast te leggen wat ik zie. Hoe je met je subjecten samenwerkt is heel erg belangrijk.

Je woont op dit moment in Londen. Speelt Zuid-Afrika een belangrijke rol in je werk?
Ik heb ook een lang project gemaakt met Congolese jongens in Frankrijk en Engeland. Maar ik focus inderdaad veel op Zuid-Afrika: ik ben ook Zuid-Afrikaans, ik ben er opgegroeid en ben me dus wel bewust van de sociale dynamiek in het land. Maar omdat ik ook in Engeland woon zie ik ook hoe de westerse wereld Zuid-Afrika ziet: vaak stereotyperend en eendimensionaal. Ik word bijvoorbeeld vaak gevraagd naar de criminaliteit in het land, en er bestaan ook een hoop ongenuanceerde ideeën over vrouwen van kleur in Zuid-Afrika. Ze worden gezien als slachtoffer die geen stem hebben. Natuurlijk heeft het land een complexe geschiedenis, maar er zijn ook veel gaten in de vertegenwoordiging van die geschiedenis. Ik wil met deze serie graag een genuanceerder beeld van Zuid-Afrika geven, en laten zien hoe deze jonge vrouwen een positieve ruimte voor zichzelf creëren.