op de foto bij gevierd modefotograaf paul bellaart

We spraken Paul na afloop van Unseen over de stand van de fotografie, romantiek en de achtertuin van Jan Wolkers, en hebben de foto’s van het project exclusief online op i-D.

door Tim Fraanje en Olga Kortz
|
02 oktober 2017, 12:33pm

Als je in een tijdschrift een engelachtige foto ziet van een model op een hooibaal of springend over een kikkerslootje, is de kans groot dat hij van Paul Bellaart is. De modefotograaf weet als geen ander hoe je het boerenlandschap, een slaapkamer of een onbeduidend straatje kunt verheffen tot een tijdloze glamouromgeving. Het speelt daarbij ook wel mee dat er regelmatig sterren als Doutzen Kroes, Imaam Hammam, Typhoon, Lil' Kleine en Bo Maerten voor zijn lens staan. Toch blijft Paul bescheiden: "Ik heb ook met heel veel mensen niet gewerkt. Sterker nog: met het overgrote deel van de mensheid niet. Ik hoop dat wel te gaan doen." Tijdens fotografiefestival Unseen kwam hij een klein stapje dichterbij dat doel. Op de expo van modeontwerper Zoe Karssen werd iedereen, model of geen model, uitgenodigd om zich in te schrijven voor een analoge shoot door Paul. Het resultaat is bij i-D voor het eerst online te zien. We spraken Paul over romantiek, de achtertuin van Jan Wolkers en de filosofie achter zijn werk. "Banaliteit voor het effect van het banale heb ik altijd belachelijk gevonden, net als dat gedweep met reizen."

Je hebt op Unseen geen professionele modellen op de foto gezet, konden de mensen een beetje poseren?
Poseren is niet iets wat je moet kunnen volgens mij. Aanwezig zijn, durven terug te kijken in de camera met een oorspronkelijk gezicht is het moeilijkste wat er is. Poseren is 'het aannemen van een pose.' Dan ben je er niet echt. Een groot voordeel bij het fotograferen van mensen die niet helemaal weten hoe ze een pose moeten aannemen is dat je die geposeerde laag er al meteen af hebt. In mijn ogen een groot voordeel, en zeker bij dit project. Ik fotografeerde ook analoog, en dat helpt, want mensen worden er onzeker van als hun pose meteen op een scherm kan worden bekeken.

Wat was het grappigste dat er gebeurde, dat nooit zou zijn gebeurd op een set met
professionele modellen?
Nadat ik heb fotografeerde vroeg bijna iedereen: "Was dit het al?" Alsof er nog een heel circus opgezet had moeten worden. Het beeld dat veel mensen hebben van modefotografie is blijkbaar toch dat er veel gedoe op de set moet zijn.

Gedroegen mensen zich ook als diva's?
Er was geen diva-gedrag vond ik. Iedereen ging ervoor. Het idee van het project was dat de foto's ongefilterd zouden zijn, dat heeft de diva's er waarschijnlijk meteen hebben uitgefilterd. Die willen niet met een beeld naar buiten komen waar ze geen controle over hebben. Kortom: pure winst.

Heb je nog nieuwe talenten ontdekt?
Zoe had de avond ervoor een meisje met een skateboard ontmoet, Nathalie. Zij was echt te gek. Totaal zichzelf en cool. Het leek haar gewoon wel leuk om mee te doen. Dat is de beste motivatie ever.

In een interview zei je dat je bent geïnspireerd door jaren zeventig-iconen als Jan Wolkers en Ed Van Der Elsken. Zij zochten naar de romantiek in simpele dingen. Ben je een romanticus?
Dat weet ik wel zeker. Ik denk dat deze jaren zeventig-iconen me zo aanspreken omdat ze een bijzonder soort naïviteit lieten zien. Alsof hun behoefte om iets te creëren alleen voortkwam uit een persoonlijke en ongefilterde ambitie. En daarom begonnen ze bij wat ze kenden en wat dicht bij hen stond. Ik weet zeker dat goed kijken naar iets kleins meer oplevert dan vluchtig iets groots laten zien. Ik erger me nu vaak aan het overdreven kosmopolitische gezichtspunt van veel fotografen. Na een paar reizen durven te beweren dat je de 'echte' aard van de lokale bevolking hebt weten te vangen bijvoorbeeld. Supersnobistisch en pretentieus. Gadverdamme. Dan heb ik liever Wolkers en van der Elsken die hun achtertuin beschrijven. Allebei kikker-liefhebbers trouwens, net als ik.

Zijn er ook hedendaagse schrijvers of fotograferen die je inspireren?
Wolkers is een hedendaagse schrijver en van der Elsken een hedendaagse fotograaf. Dat ze iets eerder begonnen en dat ze nu dood zijn maakt ze niet minder levend. Maar er zijn natuurlijk genoeg jonge kunstenaars die net zo goed of beter zijn. Vivianne Sassen bijvoorbeeld. Zij is een uitzondering op wat ik net zei over dat reizen. Zij heeft dat verre zich juist wél eigen te maken. Ik vind haar geweldig.

In de mode is er nu een sterke stroming die het banale in beeld wil brengen, bijvoorbeeld Vetements. Jouw foto's stralen overhet algemeen dromerige, perfecte schoonheid uit, al noem je het zelf 'boertige settings' die je creëert. Wilde je met dit ongefilterde project met 'gewone' mensen ook bij die rauw realistische trend aansluiten?
Nee. Ik vind ten eerste niet dat de beelden die ik voor dit project op Unseen heb geschoten rauw zijn. Ze hebben dezelfde dromerige schoonheid, maar lijken misschien door de techniek wat rauwer. Banaliteit voor het effect van het banale heb ik altijd belachelijk gevonden, net als dat gedweep met reizen. Dat is het cynische in de mode vind ik soms. Die simplistische gedachte dat je kan beginnen met het uiterlijk, en dat dan iedereen verwacht dat de binnenkant vanzelf volgt. Al die mensen met 'rauwe' looks met een groene smoothie in hun hand. Decadent gelul, zou Wolkers zeggen. Er zijn maar heel weinig naturals die die twee werelden, het uiterlijk en het innerlijk, kunnen samenbrengen. Mensen waarbij dat echt klopt. En toevallig weet ik veel van gezichten en boertige settings en houd ik van kikkers. Ik heb geen street credibility, maar over slootjes kan ik meepraten. Dus vandaar dat ik af en toe een portret in zo'n sloot maak. Dat vind ik het allerleukst om te doen.

Zou je ooit overwegen om als artistiek experiment expres slechte belichting te gebruiken of scheve nonchalante composities?
Natuurlijk niet. Al op de fotocursussen die in de jaren zeventig werden gegeven werd geadviseerd om 'de camera eens scheef te houden voor een artistiek effect'. Bewust technisch imperfect beeld is kitsch. Een paar jaar geleden begon iedereen met Russische camera's te fotograferen om lekker artistiek te doen. Of lomografie, nog zoiets. Als je niet kan fotograferen moet je daar niet mee te koop lopen. Dat zijn dan weer allemaal voorlopers van filters in de digitale fotografie. Tegenwoordig denkt iedereen dat je met een effect dichter bij iets bijzonders komt, maar het tegendeel is waar. Je gaat steeds verder weg van iets dat eigen is. Ook hierin heb je uitzonderingen: Mark Borthwick is een natural. Maar al die anderen die ook hun camera af en toe opendoen om zo'n prachtige mislukking te creëren zijn niet automatisch ook een fotograaf. Ik hoop, en daar ben ik nu pas weer mee bezig, om ook weer een natural te worden. Misschien helpt het als ik weer terug ga naar toen ik begon met fotografie. Analoog, en met meisjes op straat.

Jij bent destijds wel overgestapt op digitale fotografie. Vind je het geen valse romantiek om anno nu weer terug te gaan naar analoge fotografie?
Soms is het valse romantiek, maar ik vind de terugkeer naar de schaarste die hoort bij analoge fotografie goed. Ik fotografeer nog steeds alle persoonlijke projecten op film. Mijn keuze voor digitaal is vooral pragmatisch: klanten willen meteen meekijken en niet met een loep contactvellen hoeven te bestuderen. Het grappige is, en dat merk je ook in je vraag, dat er de laatste tijd blijkbaar zoveel bewustzijn is bij de keuzes die je maakt. Alles staat ergens voor. Iets doen omdat je het leuk vind zonder de afweging in welke trend het past lijkt steeds minder voor te komen. Natuurlijk is iedereen bewust of onbewust een volger, ook Van der Elsken en Wolkers waren volgers in hun tijd, respectievelijk van Weegee en Céline (de schrijver, niet het merk). Maar de verlammende zelfreflectie is nu wel heel erg aanwezig. Ga gewoon doen wat je leuk vindt.

Tagged:
featured
Unseen
paul bellaart