de iraans-nederlandse sevdaliza gaf alles op om artiest te worden

We spraken met de koningin van de experimentele popmuziek over haar roerige verleden, rebelleren en het volgen van je dromen.

|
jan. 19 2018, 11:35am

In 2014 was Sevda Alizadeh nog een professioneel basketbalspeler – ze zat zelfs bij het Nederlandse nationale team – tot ze een beslissing maakte die haar leven veranderde. Ze gaf alles op om artiest te worden. 27 was ze, toen ze stopte met basketbal en de app Ableton downloadde om zichzelf te leren zingen. Twee jaar later had ze als Sevdaliza een eigen label en een debuutalbum. ISON, haar debuutalbum dat met lovende kritieken werd ontvangen, is een verzameling waarop elektronische clubmuziek en klassieke muziek samenkomen. Het werk is zonder twijfel geïnspireerd op Sevdaliza’s verleden (ze vluchtte op vijfjarige leeftijd met haar familie uit Teheran en liep op haar vijftiende weg van huis) maar het geluid is volledig van nu.

i-D Australië sprak met haar over haar eerste lokale tour en over haar optreden tijdens Sugar Mountain Festival in Melbourne. Sevdaliza neemt de tijd en formuleert haar antwoorden zorgvuldig. We praten met de koningin van de experimentele popmuziek naar haar verleden en de kracht van het onderbewustzijn.

i-D: Zit er een ideologisch argument achter de keuze om van Sevdaliza grotendeels een elektronisch project te maken?
Elektronische muziek is interessant omdat het op zichzelf staat. Ik ervaar muziek als iets dat leeft, iets wat, wanneer je je eraan overgeeft, je naar plekken kan brengen waarvan je niet wist dat je er kon gaan. Het is een soort verlenging van je brein en handen. Het creëert een eigen wereld, die soms zo krachtig is dat het eng kan zijn. Maar ik vind het prachtig [lacht]. Steeds als ik elektronische software en synthesizers gebruik denk ik: “Hoe gebruik ik ze en hoe gebruiken zij mij?”

Iets aan Sevdaliza voelt aan als non-conformiteit, bijna punkachtig. Waar komt dat vandaan?
Ik denk dat het een soort roeping is die ik altijd al in mijn binnenste voel. In mijn jongere jaren heeft me dat heel wat problemen opgeleverd. Maar ik ben niet expres rebels tegen alles; als iedereen links gaat wil dat niet zeggen dat ik dan automatisch naar rechts ga. Voor mijn gevoel is mijn hele leven al gelinkt aan rebellie, wanneer ik een kamer binnenkom krijg ik altijd reacties. Dat was al voordat ik artiest was. Eerst had ik daar negatieve gevoelens over, maar nu heb ik geleerd om het te omarmen en er juist mijn kracht in te vinden.

Je hele leven stond in het teken van verandering: cultureel, persoonlijk, maar ook geografisch. Van vluchten uit Teheran tot op jonge leeftijd weglopen van huis. Hoe heeft dat je geïnspireerd in je muziekcarrière?
Ik probeer altijd contact te maken met mijn onderbewustzijn, dus mijn creativiteit is daar waarschijnlijk mee verweven. Ik denk dat wanneer je je levenservaring en opvoeding omarmt, het juist kan helpen om je werk uniek te maken. In mijn geval is dat het mixen en matchen van elementen die heel ongewoon zijn samen. Ik gebruik mijn verleden niet op een bewuste manier, maar wanneer ik mijn eigen muziek terugluister hoor ik: dat gedeelte komt uit een bepaald land, en dat komt omdat ik daar heb gewoond, omdat ik ben opgegroeid met die cultuur.”

Ik kan me voorstellen dat dat een bizarre gewaarwording kan zijn.
Ja, ik denk dat je verleden zich manifesteert in veel meer dan alleen creativiteit. Het heeft zoveel verschillende lagen. Het heeft invloed op je karakter, relaties en het beïnvloedt zelfs de manier waarop je zaken doet, want ook dat verschilt per cultuur. Het is allemaal superinteressant en het voelt soms alsof je in The Truman Show zit.

Ik herken dat gevoel.
In mijn geval, omdat ik de hele wereld rondreis, neemt het steeds extremere vormen aan. Ik bezoek zoveel verschillende plekken en overal denk ik: wow, dit is jullie realiteit, die van mij is compleet anders, en tegelijkertijd denken zoveel mensen dat hun eigen realiteit te enige is.

Inderdaad. Mijn realiteit vandaag is “cool, ik mag Sevda gaan interviewen.”
En dan draagt ze een Patagonia-trui, heel erg punk!

Denk je dat de muziekindustrie op een andere manier naar je kijkt dan je fans?
Ik zie mijn luisteraars eigenlijk niet als fans. Dat vind ik denigrerend klinken. Ik heb heel veel respect en bewondering voor de mensen die naar mijn muziek luisteren. Ze komen uit verschillende culturen en leeftijdscategorieën, met verschillende seksualiteiten en geslachten. Het boeit me verder eigenlijk niet welke labels ik krijg opgeplakt door de industrie, want dan gaat het niet meer om de muziek zelf. Voor mij gaat het om de mensen die bij het project horen, die hun boodschappen en gevoelens uiten. Dat vind ik verbazingwekkend. Ik baseer veel van mijn werk op wat ik uit mijn onderbewuste haal, dus ik vind het wonderlijk hoeveel mensen mijn werk echt begrijpen en erbij betrokken zijn.

Dat is bijzonder.
Ik hoorde zo vaak slechte verhalen over de mensen die dicht om een artiest heen staan. Maar ik denk echt dat je krijgt wat je geeft. Ik heb altijd geprobeerd mezelf te zijn en ik denk dat mensen dat respecteren.

Ik las onlangs dat je niet echt kijkt naar de hit- of ranglijsten. Hoe meet jij succes?
Dat is heel simpel. Meestal doe ik iedere morgen een snelle check. Dan kijk ik hoe ik me lichamelijk, geestelijk en mentaal voel. Ik probeer me te focussen op mijn doel en dankbaar te zijn dat ik me in een situatie zit waarin ik dat kan doen. Ik zie mijn lichaam als een middel om mijn muziek en boodschap over te brengen, dus dat wat ik naar buiten breng is groter dan mijzelf. Op basis daarvan meet ik mijn succes. Daarnaast probeer ik bescheiden te blijven en te realiseren dat ik voor mezelf en voor anderen moet zorgen. Ik ben niet op deze wereld om destructief te zijn. Ik ben hier om mens te zijn.