chemsex: documentaire over een onzichtbare wereld

De documentaire ‘Chemsex’ laat de bikkelharde werkelijkheid zien van mannen die seks met elkaar hebben onder invloed van harddrugs. i-D sprak met regisseur William Fairman.

door Noor Spanjer
|
20 november 2015, 9:10am

Vorig jaar had het IDFA een speciale Gay Night, dit jaar hebben ze een hele dag georganiseerd met films over gender, queer en LGBT-onderwerpen. Maandag 23 november zie je in Pathé de Munt verschillende documentaires rond dit thema, en de meest heftige in dat rijtje is zeker weten Chemsex, een film gemaakt door twee VICE-collega's uit de UK.

Onverbloemd en zonder enige terughoudendheid zie je een tiental mannen dat verzeild is geraakt in de meest brute scene van het moment - 'chemsex' is een fenomeen dat zich (vooral) afspeelt in de homowereld in Londen, waarbij mannen seks met elkaar hebben terwijl ze high zijn van crystal meth, GHB, mephedrone of andere drugs die ze bij zichzelf en elkaar inspuiten. Chemsex-orgiefeestjes duren vaak een heel weekend, en met de toegankelijkheid van Grindr en andere datingapps zijn nieuwe contacten makkelijk te vinden. De verspreiding van het hiv-virus brengt de gezondheid van de mannen in gevaar, want in de chemsex-wereld is die ziekte geen reden om voorzichtig te zijn, maar soms juist een extra aantrekkingskracht.

In de openingsscène van de film zie je hoe een van de mannen zichzelf drugs inspuit, onmiddellijk onbedaarlijk geil wordt en op Grindr zoekt naar iemand op wie hij zijn geilheid kan botvieren. Dat begin zet gelijk de toon: de film is net zo hard en barbaars als de wereld waarin deze verslaafde mannen bij elkaar op zoek gaan naar intimiteit, iets wat juist daar allerminst te vinden is.

Ik belde met William Fairman, een van de twee regisseurs, om te vragen hoe het is om een film te maken over een obscure wereld die normaal gesproken niet zichtbaar is voor publiek,en of hij zich verantwoordelijk voelt voor het leven van zijn personages.

Hebben de mannen die in de film zitten 'm al gezien?
Ja, bijna iedereen. Eén iemand niet, deze jongen zit midden in zijn afkickperiode en is nog aan het herstellen. De film zou een trigger kunnen zijn, dus hebben we besloten dat het beter is dat hij 'm niet nu ziet. Ik was zeker nerveus voor de screening, de film gaat over zowel het meest extreme als meest intieme deel van hun leven, en dat maken wij zichtbaar. Maar iedereen staat helemaal achter de film.

Was het lastig om jongens te vinden die openlijk en zichtbaar mee wilden werken aan de documentaire?
Eigenlijk kwamen de karakters naar ons toe. We werkten samen met David en de kliniek [de Dean Street sexual health clinic en begeleider David Stuart spelen een belangrijke rol in de film] en deelden daar een flyer uit. We vroegen naar mannen die hun ervaringen met ons wilden delen om zo het onderwerp bespreekbaar te maken.

In de film zie je niet alleen hoe het eraan toegaat op chemsex-avonden, maar de mannen vertellen ook hun persoonlijke verhaal. Dit zijn vaak emotionele gesprekken, tot huilens aan toe. Hoe was het voor jou om daar als regisseur bij te zitten?
Natuurlijk voelde ik veel empathie voor ze als het zo emotioneel werd, maar mijn rol als maker is om een open en veilige ruimte te creëren waarin zij hun verhaal kunnen vertellen. Op hun voorwaardes: het gesprek begon en eindigde waar zij wilden. Veel van de mannen vertelden meer dan ze van tevoren hadden gedacht, uit angst voor veroordeling, maar dat maakt die gesprekken juist zo krachtig.

Kwam je met jezelf in de knoop over ethische kwesties? De mannen geven zich nogal bloot, en dat zien hun collega's, vrienden en ouders ook allemaal.
We wilden geen disneyversie maken over dit onderwerp, dat past er niet bij. Vanaf het begin zijn we trouw gebleven aan de harde toon, en hebben het verhaal gevolgd van de kennismaking met chemsex, naar verslaving, naar het breekpunt waarop iemand om hulp moet vragen. Na afloop hebben we iedereen de kans gegeven om terug te komen op zijn eigen betrokkenheid bij de film, maar iedereen stond en staat erachter. Ik voel me verantwoordelijk voor iedereens welzijn in en rondom de film, maar ik ben dat niet voor de rest van hun leven.

Was je bang dat deze wereld ook voor jou een aantrekkelijke optie zou worden?
Nee. Ik val niet op mannen, en ook al vind ik het een vervelend woord om te gebruiken, ik heb dit soort drugs- en seksgebruik nooit gezien in 'heteronormatieve' context. Het is misschien niet exclusief toebedeeld aan de homoscene, maar het is anders bij ons. Wat hier gebeurt heeft zo weinig te maken met mijn eigen ervaringen met seks en intimiteit.

Waarom wilden jij en je collega Max Gogarty deze film maken?
Het is een controversieel onderwerp waar weinig over bekend is, en met de film willen we de discussie aanzwengelen. Deze film behoort toe aan de mensen uit de gemeenschap, aan de karakters uit de film. Wij maakten hem om het taboe te doorbreken.

Lees hier welke andere films je op de Queer Day van IDFA kunt gaan zien.

Credits


Tekst Noor Spanjer 
Beeld via IDFA

Tagged:
Drugs
Seks
IDFA
chemsex
Cultuur