das leben am haverkamp raakte geïnspireerd door de zeeuwse folklore

Het Zeeuws Museum ontwikkelde een nieuwe expositie in de modezalen van het museum, en gaf daarbij het Haagse modecollectief Das Leben am Haverkamp carte blanche.

|
feb. 6 2018, 12:59pm

Een tijd geleden kreeg het Haagse ontwerperscollectief Das Leben am Haverkamp van het Zeeuws Museum de vrijheid een nieuwe tentoonstelling te ontwikkelen voor de modezalen van het museum. Het viertal – Christa van der Meer, Anouk van Klaveren, Gino Anthonisse en Dewi Bekker – zoekt binnen mode regelmatig de grenzen van de discipline op en experimenteert met performancekunst, installaties of fotografie. Interdisciplinair werken kenmerkt het collectief – en als we kijken naar hun eerdere collecties, dan kunnen we waarschijnlijk een uitbundig tafereel verwachten in Zeeland.

Momenteel zijn de ontwerpers druk bezig met de opening, maar de voorbereidingen gingen al in de zomer van 2017 van start toen het collectief museumbezoekers veertig willekeurige depotstukken van het museum voorschotelde zonder context. Bezoekers werden gevraagd een omschrijving te geven van wat ze dachten voor zich te hebben en dit werd als audiomateriaal gedocumenteerd. Aan de hand van die omschrijvingen maakte het collectief een nieuwe serie kleding, accessoires en objecten, zonder de originele museumstukken ooit gezien te hebben. Het resultaat is Zeeuws Museum x Das Leben am Haverkamp, een expositie waarin ze vier nieuwe collecties presenteren – geïnspireerd op het culturele erfgoed van Zeeland, dat door de interpretaties van museumbezoekers een nieuwe betekenis kreeg.

i-D sprak met Christa van der Meer en Anouk van Klaveren over het nieuwe project, hun inspiraties en Middelburg als modestad.

i-D: Waarom zijn jullie de samenwerking aangegaan met het Zeeuws Museum? Dat klinkt niet als de meest voor de hand liggende optie.
DLAH: Wij vinden het Zeeuws Museum te gek. Ze werken veel samen met hedendaagse kunstenaars en ontwerpers die een link leggen tussen cultureel erfgoed en hedendaags ontwerp. Daarbij ziet het museum de streekdracht niet als een gesloten geschiedenisboek, maar als iets actueels dat nog steeds doorwerkt in het nu. Dat is iets wat ons alle vier boeit. Christa gebruikte bijvoorbeeld voor haar afstudeercollectie elementen uit de Zeeuwse streekdracht. Eens rondneuzen in het depot van het museum stond daarom al lange tijd op ons verlanglijstje.

Kom je veel gekke dingen tegen in zo’n groot museumdepot?
Het depot van het Zeeuws Museum is echt bizar. We wisten natuurlijk wel dat ze een grote verzameling aan streekdracht hebben, maar hun collectie bevat veel meer objecten die een minder voordehandliggende relatie met Zeeland hebben. Dingen als mammoettanden of opgezette vlinders, maar ook meegebrachte voorwerpen uit de tijd van de VOC. Ook veel dingen waarvan je je echt afvraagt: hoe komt dit hier? Een verzameling grote ijzeren kanonskogels bijvoorbeeld.

Hoe geven jullie daar je eigen draai aan?
Wat ons fascineerde aan het depotbezoek is hoe vervreemdend de spullen uit het depot waren wanneer je er geen context bij krijgt. Ze zijn geconserveerd en liggen in een museum, wat deze voorwerpen een heel andere betekenis geeft dan toen ze nog onderdeel uitmaakten van de dagelijkse realiteit. Vooral de collectie van huisraad en streekdracht bijvoorbeeld; veel objecten daarvan waren doodnormale gebruiksvoorwerpen die van pas kwamen bij hele dagelijkse rituelen, maar omdat het dagelijks leven zo veranderd is, zijn deze spullen niet langer functioneel en worden daardoor mysterieus. Het uiterlijk ervan lijkt je van alles te vertellen, maar al snel merk je dat je gelimiteerd wordt door je eigen referentiekader. Dit hele proces van kijken naar en het interpreteren van onbekende voorwerpen, was voor ons het interessantst, en daar wilden we dan ook iets mee doen.

Zo ontstond dus ook het idee om museumbezoekers op diezelfde manier collectiestukken te laten zien, zonder context. We hebben daarom veertig bezoekers gevraagd om veertig willekeurige objecten uit het depot te beschrijven. Deze hebben we in de vorm van audio-opnames gedocumenteerd en zo vormden deze beschrijvingen het startpunt voor een serie nieuwe objecten die wij hebben ontworpen.

Jullie hebben ieder een eigen collectie gemaakt. Hoe anders is het om voor een museum te ontwerpen in plaats van de catwalk?
Dit zijn inderdaad twee heel verschillende podia en heeft ook een verschillend publiek. Deze volledig andere context vraagt dan ook om een totaal andere aanpak. Met dit project in samenwerking met het museum collectioneren we op een hele andere manier dan hoe we dat normaal zouden doen, en zoeken we de rek op van wat een collectie is. Tijdens onze studie, mocht een collectie van alles zijn, maar kwam dit uiteindelijk wel altijd neer op een serie kledingstukken of outfits. Vrij snel na ons afstuderen hebben we dat losgelaten en zijn we de term ‘collectie’ breder gaan zien. We vinden het bijvoorbeeld belangrijk dat onze projecten nauw verbonden zijn aan de context waarin ze worden getoond.

In dit specifieke project werd de collectie vooral bepaald door de input van het publiek en haar kijk op het culturele erfgoed. Daardoor hebben we heel erg moeten zoeken, want hoe geef je een collectie vorm naar je eigen ideeën, als er vanuit de audiobeschrijving expliciete restricties voortkomen? Uiteindelijk is de werkwijze dus heel anders geworden dan hoe we normaal werken, maar daardoor is er ook juist veel nadruk komen te liggen op de onderlinge verschillen die ons als ontwerper kenmerken.

Schets Anouk

Hoe hebben jullie ervoor gezorgd dat de collecties wel bij elkaar passen?
Eigenlijk gaat dat altijd vanzelf, omdat het uit dezelfde methode is ontstaan. Daarnaast heeft elke ontwerper monochroom gewerkt – Dewi werkte in geel, Gino in rood, Anouk in turquoise, en Christa in roze. Dit was een voorwaarde die we onszelf hebben gesteld, zodat de kleuren een leidraad door de expositie kunnen vormen en het publiek vertellen wie van de vier ontwerpers het stuk heeft gemaakt.

Neigen jullie ontwerpen dan meer richting mode of kunst?
Wat vind je mode en wat vind je kunst? Ik denk niet dat we mode en kunst afzonderlijk willen definiëren. Het is voor ons een collectie, die is wat het is, maar die vast wel door iemand in één van die twee hokjes geplaatst zou kunnen worden.

Kunnen de mensen uit Middelburg het modeproject waarderen dat jullie daar neerzetten?
Wij zien het niet echt als een modeproject. Het gaat juist over lokale geschiedenis en cultureel erfgoed, dus ik denk dat het juist het regionale publiek kan aanspreken. Wel zal het voor mensen even wennen zijn dat de nadruk niet meer ligt op de streekdracht zelf, maar juist gaat over het beeld en de associaties die over het erfgoed bestaan. In die zin is het niet erg informatief wat we hebben gemaakt; als bezoeker van onze tentoonstelling hoef je geen tekstbordjes te verwachten die duiden wat je ziet. We bieden de bezoeker juist de ruimte om zelf aan de haal te gaan met wat we hebben gemaakt, en in een staat te komen tussen weten en fantaseren in. Zo worden de bezoekers van onze tentoonstelling op hun beurt geconfronteerd met hun eigen referentiekader, net als wij dat werden toen we in het depot waren, en is de cirkel rond.

De tentoonstelling Zeeuws Museum x Das Leben am Haverkamp zal van 17 februari 2018 t/m 5 mei 2019 te zien in het Zeeuws Museum.

schets Dewi
schets Gino
schets Christa