de wereldbestormers, deel 3: david eilander

i-D gaat op reis en neemt mee: pen en papier, een camera en een neusje voor talent. We vissen naar opspringende jongeren in een zee van ambitie. Met dit keer: David Eilander.

door Flora de Vries
|
24 maart 2017, 11:20am

David Eilander is 23 jaar en net afgestudeerd van de Nederlandse Filmacademie. Hij vindt dat hij als jonge regisseur, om een film te kunnen maken, boos moet zijn op maatschappelijke situaties, wat gelukkig niet betekent dat hij continu aan het vloeken is. Als kind van een regisserende moeder en schrijvende vader werd hij gecast voor filmrolletjes, maar kwam hij er gauw achter dat hij liever achter de camera staat. Op dit moment heeft het productiebedrijf New Amsterdam David onder haar hoede genomen en regisseert hij vooral commercials en andere clips, zoals de laatste clip voor Yellow Claw en op dit moment voor Boef, Lijpe en Ismo - maar dat is nog geheim.

Ik zag je afstudeerfilm Op Zuid in Eye. Een autobiografisch verhaal. Is autobiografie een element dat je graag inzet?
David: Ik geloof dat kunst in zekere mate een spiegel moet zijn voor jezelf en de maatschappij waarin je leeft. Ik heb het gevoel dat ik alleen goede verhalen kan vertellen als ik dichtbij het onderwerp sta, of als ik er een duidelijke mening over heb. Ik moet in zekere zin boos kunnen worden op het verhaal dat ik vertel. Dat er een noodzaak is je ermee te identificeren, anders kan ik daar niet met genoeg passie over vertellen.

Dus als je op zoek wil naar inspiratie probeer je boos te zijn?
Over het algemeen ben ik een blij en tevreden persoon. Als ik ergens boos of verdrietig van word, betekent dat dat het me echt raakt. En dat is een teken dat ik daar dan iets mee wil doen. Ik ben niet iemand die op zoek gaat naar inspiratie, dus ik wil nu geen nieuwe korte film maken, omdat er simpelweg nu niets is waar ik boos genoeg over ben. Dit klinkt wel heel zwartgallig. Laat ik het anders zeggen: als ik een verhaal maak, is het omdat ik verhalen wil creëren over dingen waarvan ik vind dat ze veranderd moeten worden.

Wat wilde je veranderen met je film Op Zuid, dat een verhaal is over twee vrienden die elkaar uit het oog verloren en elkaar later weer tegenkwamen?
Voor Op Zuid kwam het probleem van ongelijkheid zo dichtbij, in een heel persoonlijke situatie. Daardoor kwam ik tot inzichten die ik daarvoor nog niet had. Ik kwam mijn oude beste vriend na jaren weer tegen en werd toen voor het eerst geconfronteerd met het fenomeen etnische profilering: dat mensen van kleur minder kansen krijgen en waarbij onbelangrijke fouten veel zwaarder worden gewogen. Door mijn inzichten te verfilmen hoopte ik twee kanten van het verhaal te belichten en zo een evenwicht binnen de polarisatie te creëren.

Waaraan zouden we je werk altijd kunnen herkennen?
Stadse, ongepolijste verhalen van de straat, waarin ik een bepaalde esthetiek opzoek en er een visuele absurditeit aan toevoeg - zodat het filmisch wordt.

Wat is het leukste moment tijdens het proces van filmmaken?
Als het bijna af is, alles samen komt en alle elementen op zijn plek vallen: geluid, beeld, kleuren. Je blikt dan terug op het proces met iedereen die eraan heeft meegewerkt. Alle pijnen van de weg ernaartoe worden dan vergeten. Dat is wel een heel gelukzalig gevoel. 

Als de wereld een film zou zijn, hoe zou je die er dan uit laten zien?
Ik ben bang dat die toch wel een beetje grauw zou zijn. Een grote, grauwe stad waarin mensen wel goede intenties hebben, maar waarin men niet per se goed met elkaar omgaat.

Een weerspiegeling van de huidige maatschappij?
Ja, dat denk ik wel. Ik zou het wel proberen een beetje op te leuken, maar ik zou het niet mooier maken dan dat het is.

Ben je blij dat je in deze tijd leeft?
Als ik kijk naar de tijd waarin mijn ouders geleefd hebben denk ik: wauw, vet. Het was rauw, grauw en gruwelijk. Je had hoeren, junks, alles erop en eraan. Nu is alles zo gepolijst. Dat lijkt me geen voedzame bodem voor creativiteit. Terwijl dat nu ook weer een andere kant op lijkt te gaan. Ik merk dat ik continu wordt gestimuleerd na te denken over hoe ik moet omgaan met ethische dilemma's, over dat je iets moet doen dat goed is. Ik hoop op een ommekeer in de gedachten van mensen, want tegenwoordig voel ik zelfs een vorm van schaamte als ik weer twee verschillende kampen tegenover elkaar op televisie zie. Het is een gevoel dat ik ook niet zo goed ken van mezelf. Onze generatie is opgegroeid met het idee van 'the sky is the limit', en dat heeft toch wel voordelen.

Draagt de stad Amsterdam bij aan je ontwikkeling?
Er zijn hier veel mensen die je kunnen helpen met het uitvoeren van dromen. Daarnaast, maar dat heb je in meer steden, leven verschillende culturen naast elkaar en kun je zien hoe dat samengaat. Dat vind ik heel interessant. Rotterdam vind ik bijvoorbeeld ook een supervette stad. Op Zuid is daar helemaal gefilmd. Ik houd van de Randstad. Het is niet dat ik denk dat het daar ophoudt, maar ik stop daar wel met denken.

Wanneer weet je dat je goed bezig bent?
Deze vraag heb ik laatst aan een vriend van me gesteld - Mees Peijnenburg, die prachtige dingen maakt - op het moment dat ik in een gigantische dip zat. Het was ten tijde van de montage van Op Zuid. Het was een vraag waar ik zo lang over na had zitten denken. Mees gaf me daarop een duidelijk, simpel antwoord: "Je weet dat het goed is, als je hart er sneller van gaat kloppen." Sinds Mees dat tegen me heeft gezegd, ben ik het ook gaan voelen.

@davideilander

Credits


Tekst Flora de Vries
Fotografie Sophie Hemels

Tagged:
Film
Sophie Hemels
wereldbestormers
david eilander