de absurditeiten van politiek en popcultuur

Donald Trump, Prince en Kurt Cobain – ze komen allemaal aan bod in Eric Yahnkers potloodtekeningen en sculpturen.

door Zio Baritaux
|
15 maart 2016, 11:56am

In de twee meter hoge potloodtekening Purple Lives Matter heeft kunstenaar Eric Yahnker zijn eigen visie losgelaten op de cover van Prince' iconische album Purple Rain. Prince ziet er nog steeds fantastisch uit in zijn fluwelen pak, terwijl hij poseert op een speciale Honda-motor. Het enige verschil is dat de zanger naast rook en gekleurde lichten, nu ook omringd wordt door twee blanke politieagenten die hun wapens op hem richten. Dit stuk, dat aan de Black Lives Matter- en All Lives Matter-bewegingen refereert, is een van de vele tekeningen uit Noah's Yacht - Yahnkers huidige tentoonstelling in galerie Zevitas Marcus in Los Angeles.

In alle werken die in de tentoonstelling te zien zijn wordt popcultuur gecombineerd met politiek om de discussie rond racisme, seksisme en elitisme aan te wakkeren. Yahnkers werk is gemaakt om te provoceren. Hij wil dat we nadenken over onze meningen en rollen, op dezelfde manier als hij dit zelf deed toen hij de beelden tekende. "Ik kan eerlijk zeggen dat het maken van deze tentoonstelling net zo goed een ongemakkelijk zelfonderzoek was, als een maatschappijkritisch proces," zegt Yahnker.

Je werk draagt over het algemeen een sterke boodschap met zich mee. Wat is het concept achter je nieuwe tentoonstelling?
Het draait om de huidige neo-progressieve sociaalpolitieke tijdgeest. Het is specifiek gericht op een groep voornamelijk blanke, hoogopgeleide, middenklasse millenials en generatie x'ers die op onhandige wijze proberen op te komen voor sociale gelijkheid, terwijl ze tegelijkertijd vol wanhoop proberen om het stigma rond hun eigen privileges en voorouderlijke gebeurtenissen te laten verdwijnen. Ze zijn verwikkeld in innerlijke onderhandelingen, die vaak leiden tot pijnlijke overcompensatie, onbedoelde onwetendheid en discriminatie.

Waarom koos je voor de titel Noah's Yacht?
De titel verwijst overduidelijk naar Noahs ark, maar dan een kleinere, stijlvollere en exclusievere versie waar je alleen op mag als je bevoordeeld en rijk bent. Ik wilde dat deze tentoonstelling een visueel gedicht zou worden, waarmee de bezoeker aan het denken wordt gezet.

Vond je het maakproces oncomfortabel omdat je zelf een blanke, hoog opgeleide, middenklasse generatie x'er bent, zoals je hierboven omschreef?
In het kort: ja. Naar mijn idee is alle kunst in principe een vorm van zelfportrettering. Als een kunstenaar iets verbergt of als hij nep is, heeft het publiek dat door. Ik wil niet per se mijn vuile was buiten hangen, maar ik probeer wel trouw te blijven aan wat me bezighoudt tijdens het maken van een tentoonstelling. De laatste tijd heb ik me vaak afgevraagd of ik onderdeel ben van het probleem of onderdeel van de oplossing als het aankomt op sociale hervorming. Ik denk dat ik heel progressief en ruimdenkend ben, maar misschien snap ik het allemaal nog steeds niet.

Waarom zou je kunst maken waar je je zelf niet prettig bij voelt?
Ik denk dat dat iets goeds is. Als ik mezelf niet af en toe een ongemakkelijk gevoel geef, doe ik niet wat ik moet doen. Ik wil geen extreem schokkende dingen maken om mensen te trekken, maar ik ga moeilijke onderwerpen zeker niet uit te weg. Ik hoop dat mijn werk de kijker als individu een spiegel voorhoudt, in plaats van enkel didactisch te zijn.

Waar komen je ideeën vandaan - hoe kwam je erop om Lincoln met cornrows te tekenen?
Ik maakte Abe Lincorn direct nadat ik het nieuws hoorde over Rachel Dolezal, de voormalige blanke NAACP-voorzitter die zich voordeed als zwart persoon. Ik lachte erom, maar ik begreep ergens wel waarom ze er zo naar verlangde. Ik kon me tot op zekere hoogte vinden in het schuldgevoel en de alledaagsheid van iemand die "gewoon blank" is. Ik begreep waarom ze zo veel respect heeft voor de zwarte cultuur. Veel van mijn persoonlijke helden zijn toevallig zwart. Dat is wat ik bedoel als ik zeg dat deze tentoonstelling een ongemakkelijk zelfonderzoek is. Ik kan mijn mening uiten en kunst maken die terugslaat op kwesties rondom de zwarte cultuur, maar ik kan zelf natuurlijk nooit zwart zijn of echt begrijpen hoe het is om zwart te zijn in Amerika.

Wat probeer je te zeggen in Purple Lives Matter, de tekening waarin twee blanke politieagenten hun wapens richten op Prince?
Dit was een van de stukken die me een ongemakkelijk gevoel gaf. Het stuk draait overduidelijk om de Black Lives Matter-beweging tegenover de All Lives Matter-beweging. Prince staat naar mijn idee in het midden van dat paradigma. Hij is een idool voor iedereen: hij is pop en cult, mannelijk en vrouwelijk, homo en hetero, vroom en zondaar, zwart en wit. Daardoor is hij de perfecte paarstint die ons helpt de verwarrende ruimte tussen steun en onwetendheid te begrijpen.

Naast de levensgrote tekeningen heb je ook zes sculpturen voor deze tentoonstelling gemaakt.
Naast alle nieuwe werken, zal ik ook een stuk uit 2006 tentoonstellen dat ik nooit eerder heb kunnen laten zien. Het heet Erasing Time en het is een oplage van Time magazine waarvan ik alle pagina's heb uitgegumd. Het kostte me tweeënhalve maand om te doen en het is erg kwetsbaar. Waarschijnlijk heb ik hem daarom nooit eerder tentoongesteld, maar ik denk dat het een belangrijk stuk is om aan deze show toe te voegen. Ik heb ook een installatie gemaakt van ongeveer 350 pompflesjes van Purell handenontsmetter, die ik allemaal heb gevuld met schelpen en als een driedimensionaal behang aan de muren in de hele ruimte heb opgehangen.  

Credits


Beeld eigendom van Zevitas Marcus

Tagged:
Los Angeles
Interviews
politiek
popcultuur
Cultuur
Eric Yahnker