​wouters en hendrix over hun succes en leukste herinneringen

Het Antwerpse ontwerpduo Wouters en Hendrix opende onlangs een winkel in Amsterdam. Een mooi moment om herinneringen op te halen aan hoe het allemaal begon voor het sieradenmerk.

door Olga Kortz
|
26 juni 2017, 1:27pm

Onlangs opende het Antwerpse ontwerpduo Wouters en Hendrix, van Katrin Wouters en Karen Hendrix, een winkel in Amsterdam. Het sieradenmerk bestaat al 33 jaar; het duo begon tegelijkertijd met de iconische generatie Belgische mode-ontwerpers zoals Dries van Noten en Ann Demeulemeester. De dag van de opening was het duo aanwezig in hun winkel, en spraken we met ze over hun begintijd, hoe het kwam dat hun generatie zo groot kon worden, en hoe ze het eigenlijk met elkaar volhouden, als duo.

Jullie begonnen 33 jaar geleden, zo ongeveer tegelijk met ontwerpers als Dries van Noten en Ann Demeulemeester. Als we nu aan de Belgische mode denken, denken we automatisch aan hen; jullie stonden aan het begin van een iconische generatie. Hoe was het mode-klimaat destijds? Waarom kon jullie generatie zo iconisch worden?
Katrin: In die tijd werden Belgische ontwerpen van voor 1984 toch wel als minderwaardig gezien. Textiel had het moeilijk in België, veel ateliers verdwenen. Toen werd er door de overheid een actieplan bedacht, waarbij het de bedoeling was dat Belgische mode weer op de kaart werd gezet. De mode kreeg een boost, er was echt sprake van een mentaliteitswijziging. En de Antwerpse Zes [Dries van Noten, Dirk Bikkembergs, Ann Demeulemeester, Dirk van Saene, Marina Yee, Walter van Beirendonck] begonnen op dat moment, allemaal tegelijk. Als we twee, drie jaar eerder waren begonnen was het een ander verhaal geweest. We hebben echt de kans gekregen, omdat we ons precies op dat scharnierpunt bevonden.

Karen: De nieuwe talenten hadden ook echt iets te vertellen. Bovendien gingen ze ook naar het buitenland om door te breken, daarvoor gebeurde dat minder.

Wat voor herinneringen hebben jullie aan de begintijd?
Katrin: Een grappige herinnering die ik heb is aan de British Design, een modebeurs in Londen, waar we ook met De Zes waren. We hadden met elkaar een grote vrachtwagen gehuurd voor al onze spullen, zelf gingen we vanuit Oostende met de boot.
Karen: Een nachtboot.
Katrin: Ja, we waren om drie uur 's nachts vertrokken. Op een gegeven moment werd ik die nacht wakker, en was die boot nog altijd niet vertrokken vanwege een of ander defect. Toen zijn we op die boot maar een beetje rond gaan lopen en kwamen we Dries tegen, die de vrachtwagen bestuurde, en met de vrachtwagen ook op de boot bleek te zitten.
Karen: Het was een leuke tijd. Voor mijn gevoel is het nu ingewikkelder om die kansen te krijgen. Maar we waren natuurlijk ook jong en idealistisch, en we deden alles gewoon, zonder erover na te denken. Nu zou ik denken: je gaat toch niet zo'n hele nacht op een boot doorbrengen? Maar we geloofden erin.
Katrin: In Londen onderscheidden we ons als Belgen ook echt, we bouwden er een eigen wereld, met decorstukken. Andere ontwerpers hadden hun kleding gewoon op rekken hangen. Er ging geroezemoes over ons, over "die zotte Belgen".
Karen: Wist je nog dat Dirk Bikkembergs een boerderij had gemaakt, met echte kippen? Een standje van negen vierkante meter, met allemaal hooi, en opgezette kippen en vorken.
Katrin: En Walter van Beirendonck had kabouters neergezet in zijn stand. Zijn model was Etienne Tordoir, de man die later bekend werd omdat hij alle Chanel-defilés fotografeerde. Ja, dat was wel heel grappig.

Nu hebben we het over iconen.
Karen: Ook een icoon begint zo. Iedereen moet zich een weg banen, erin geloven, en gaan.

Foto: © Ronald Stoops

Waarom besloten jullie een duo te vormen?
Karen:
Wij waren niet echt vriendinnen, we kenden elkaar wel. Ik denk dat we door elkaars werk bij elkaar zijn gekomen. Dat sloot aan.
Katrin: Soms is het lastig je precies te herinneren waarom je een keuze maakte, maar ik weet wel dat we het sowieso prettig vonden om een duo te vormen, zodat we het niet alleen hoefden te doen.

Hebben jullie grote tegenslagen gekend in die 33 jaar?
Karen: We hadden ooit een klant die veel bij ons kocht op een beurs in Amerika. Het jaar erna stonden we weer op die beurs, en zei iemand tegen ons: "Jullie hebben echt veel verkocht. Jullie liggen werkelijk overal." We hadden inderdaad wel veel verkocht, maar nou ook weer niet zoveel. Die grote klant bleek ons gekopieerd te hebben. Datzelfde jaar kocht hij weer veel bij ons in, wat een vreemd moment was. Want ja, moet je zoiets dan weigeren? We waren toen wel zo direct om hem te vragen of het klopte dat hij ons had nagemaakt. Hij bleek er apetrots op te zijn, op hoe goed hem dat gelukt was. Hij zei dingen als: "Vroeger kon niemand het kopen, maar nu kan iedereen het kopen". We hebben hem later een brief gestuurd en om een schadevergoeding gevraagd. We rekenden nergens op, maar we probeerden het toch maar. En een week later stond er een gast van UPS aan de deur met een cheque met het bedrag erop dat we gevraagd hadden. Toen dachten we wel: we hadden tien keer zoveel kunnen vragen. Voor ons was dat in die tijd toch wel het ergste wat ons kon overkomen, omdat het voelde alsof we niets meer verdienden aan ons harde werk. Het was erg pijnlijk dat iemand dat zomaar van ons af kon nemen.

Je zou het ook als een teken van succes kunnen opvatten.
Karen: Ja, dat zei mijn vader ook: "Het is een teken dat je goed bent."
Katrin: Ja, je moet het eigenlijk als een compliment zien.

Was er een ander moment waarop jullie wel echt dachten: nu zijn we succesvol?
Katrin: Tijdens onze eerste vier jaar hadden we nog een job ernaast. Al het geld dat we met Wouters en Hendrix verdienden bleven we maar investeren in de zaak. Toen werd er opeens een groot artikel aan ons gewijd in Knack Weekend. Onvoorstelbaar was het. Dagen gingen voorbij zonder dat iemand naar ons belde, en opeens wilde iedereen ons hebben. Het had zoveel impact.
Karen: In Nederland hebben we dat ook gehad, met Avenue. Daarin stond een prachtige shoot met een model die aan iedere vinger een ring van ons droeg.

Wat was de grootste les de afgelopen 33 jaar?
Karen: Het was voor ons erg belangrijk nier onze eigenheid te verliezen, en koppig door te gaan, en ook niet te veel naar allerlei analyses te luisteren waardoor je je eigen koers vergeet. Als je naar iedereen luistert maak je op een bepaald moment helemaal niets meer. De een wil dat, de ander dat. Je moet koppig blijven.

Zijn jullie inmiddels eigenlijk wel vriendinnen?
Karen: Haha.
Katrin: Haha, nee.
Karen: In het weekend spreken we niet met elkaar af. Want we zijn al iedere dag samen. Maar natuurlijk zijn we vriendinnen. We zijn partners, we kunnen elkaar niet missen.

Hoe doen jullie dat dan, als jullie onenigheid hebben over een ontwerp?
Karen: Daar komen we altijd uit. Als we iets maken heeft het altijd met het werk van de ander te maken. En het kan ook gebeuren dat de een een ontwerp loslaat, en de ander ermee verder gaat omdat ze er wel iets in ziet. We voelen elkaar echt aan. De mensen die met ons werken hebben het zwaarder, want wij zijn echt twee handen op één buik. Dat moet niet altijd makkelijk zijn. 

Credits


Tekst Olga Kortz
Foto sieraden Philip Jintes

Tagged:
sieraden