Fong Leng op weg naar een preview van de tentoonstelling Fong Leng: Fashion and Art, 2013

een exclusief gesprek met de grande dame van de nederlandse mode, fong leng

Eigenlijk had de iconische modeontwerper geen tijd om met de pers te praten. Voor ons maakte ze een uitzondering.

door Olga Kortz
|
01 juni 2017, 7:55am

Fong Leng op weg naar een preview van de tentoonstelling Fong Leng: Fashion and Art, 2013

Vanaf zondag 4 juni is er in de Amsterdamse Morren Galleries een expositie te zien van een van de meest iconische modeontwerpers uit Nederland, Fong Leng. Toen we contact met de galerie zochten om de grande dame van de Nederlandse mode te spreken, kregen we in eerste instantie de vraag wie we waren, en vervolgens het antwoord dat Fong Leng geen tijd had, en geen enkel interview zou gaan geven. Ook de Volkskrant en VPRO radio waren al teleurgesteld. Dat was een klein pleistertje op de wonde, maar erg bevredigend was het niet. Tot we onverwacht een aantal dagen daarna een leuk bericht kregen: bij nader inzien wilde Fong Leng toch tijd voor ons vrijmaken; we mochten haar bellen.

Fong Leng opende in 1969 haar eerste boetiek op de Nieuwendijk in Amsterdam, in 1971 verhuisde ze naar een groter pand op de P.C. Hooftstraat, Studio Fong Leng. De boetiek werd een populaire winkel onder rijke bohémiens, zo rekende ze Kate Bush en Mathilde Willink, vrouw van kunstschilder Carel Willink, tot haar klantenkring. Mathilde Willink was meer dan een goede klant, ze was een ware ambassadeur van het merk. Op zaterdagmiddagen was Fong Leng zelf altijd in haar winkel aanwezig, en schonk ze haar clientèle champagne, die op hun beurt dan weer geregeld kreeft en kaviaar meebrachten. Ze was wars van trends, en volgde altijd haar eigen smaak. Ze gebruikte veel leer, suède en zijde. Haar jasjurken voor vrouwen werden haar bekendste ontwerp.
In 1987 ging de studio failliet, en sindsdien richt ze zich op interieurontwerp. Stukken uit die collecties zijn vanaf zondag te zien, naast een aantal halssieraden. We spraken haar kort, maar krachtig, over haar gloriedagen in de jaren zeventig en tachtig, en hoe het toen eigenlijk was, als jonge ontwerper.

Hoe gaat het met u?
Ik ben vrolijk.

Laten we even teruggaan naar het jaar 1969, het jaar u uw eerste boetiek opende en het allemaal begon. Waarom besloot u te gaan ontwerpen?
Het is niet een beslissing geweest van 'ik ga ontwerpen'. Het zit in mij.

Hoe was het in die tijd als vrouw in de mode-industrie?
Ik heb geen tegenwerking ondervonden of ergens last van gehad, ik heb mij nergens iets van aangetrokken en ik ben mijn eigen gang gegaan.

Hoe moeilijk was het überhaupt als ontwerper in die tijd voet aan de grond te krijgen?
Dat was niet moeilijk, het is een kwestie van gewoon doen, en overtuigd zijn van jezelf.

Een aantal stukken die te zien zijn in de nieuwe expositie in de Morren Galleries.

Wie beschouwde u als uw grootste concurrent?
Ik heb geen concurrenten.

En wie als uw grootste voorbeeld?
Yves Saint Laurent.

Wat was het hoogtepunt van uw carrière?
Dat is mijn show in het P.S.V.-stadion in 1983. Daar kwamen twintigduizend mensen op af om mijn show te zien, in de stromende regen.

Mathilde Willink was uw muze. Hoe kwam ze bij u terecht?
Dat was een toevallige ontmoeting. Toen ik mijn winkel aan het inrichten was in de PC Hooftstraat liep het echtpaar Carel en Mathilde Willink voorbij. Mathilde is overigens nooit mijn muze geweest, wel was ze een groots ambassadrice van mijn creaties.

Waarom paste zij zo goed bij u?
Ze was een groot bewonderaar van mijn ontwerpen.

U zei eens dat u met Carel en Mathilde Willink een drie-eenheid vormde. Hoe moet ik dat voor me zien?
Wij trokken intensief met elkaar op, Mathilde wilde onze eenheid graag bezegelen met het bloedbroederschap. We hadden een verbintenis die men aangaat met andere personen die geen familie zijn.

U was een feestbeest, u ging graag naar de iT en de Roxy. Was dat niet funest voor uw productiviteit?
Absoluut niet, wij werkten soms twaalf uur achter elkaar dan gingen we even de stad in voor een drankje.

Fong Leng toont prêt-à-porter-collectie, 1984

U was vaak druk met al uw liefdes, zei u eens in een interview. Was u een mannenverslinder?
Ik vind zowel mannen als vrouwen interessant.

Heeft u veel harten gebroken?
Ik heb veel harten doen trillen, niet gebroken.

Heeft u altijd de erkenning gekregen die u verdiende?
Absoluut.

Houdt u de hedendaagse mode bij? Wie bewondert u? Ik weet bijvoorbeeld dat Bas Kosters groot fan van u is. Bent u ook fan van hem?
Jazeker. Ik houd me niet bezig met de hedendaagse mode, de twee ontwerpers die in mijn gedachten komen zijn inderdaad Bas Kosters en Matthijs van Bergen die beiden op eigen bijzondere wijze werken, ze bijten elkaar niet.

U heeft nu een aantal halskettingen ontworpen. Wat voor halskettingen zijn het geworden?
Het zijn colliers. Het zijn allemaal unieke stukken die ik heb samengesteld uit voorwerpen die ik heb verzameld tijdens mijn reizen.

Wat mogen we nog meer verwachten aanstaande zondag?
De tentoonstelling is een kleurrijke belevenis, er zijn banken te zien, grote kamerschermen, tapijten van leer en bont en schilderijen van leer.

Heeft u een advies voor de nieuwe generatie Nederlandse ontwerpers?
Er zijn veel talentvolle ontwerpers in Nederland, om ze te stimuleren zou ik zeggen: ga door alles heen, ga door roeien en ruiten heen, en laat je door niets weerhouden.

De expositie is van 4 juni tot en met 9 juli te zien in de Morren Galleries.

Credits


Tekst Olga Kortz
Foto's door Amsterdam Museum en Sjakkelien Vollebregt / Anefo (Nationaal Archief), via Wikimedia Commons

Tagged:
Interview
Cultuur
fong leng
moren galleries