mode en het probleem van overproductie

Doen designers er nog toe in een industrie die drijft op marketing?

|
jul. 18 2016, 3:55pm

Tigran Avestiyan, spring/summer 17

Afgelopen maand presenteerde de veelbelovende designer Tigran Avetisyan zijn nieuwe collectie in Parijs. Je hoeft alleen maar vluchtig door het lookbook heen te scrollen om te zien dat zijn collectie een klap in het gezicht is van de mode-industrie, waarin 'nieuw' een ware obsessie is. De collectie heeft de naam In loving memory of Spring Summer 2014 by Tigran Avetisyan, en bestaat uit twaalf identieke jassen, die hij oorspronkelijk heeft ontworpen voor lente/zomer '14. Op de rug van iedere jas heeft hij, over een dikke laag zwarte verf "Nothing Changes" geklad.

Avetisyan: "Zoals iedere collectie van mij, is ook deze een commentaar op de stand van zaken in de mode. De vraag die ik centraal wilde stellen was: wat is de waarde van creativiteit in een door marketing gestuurde industrie? Daarom heb ik me niet zozeer toegelegd op het ontwerpen, maar meer op het maken van een sterk beeld voor op Instagram."De snelheid van het vak, het zware productieschema, de druk van de inkopers, de oppervlakkige aandacht van de pers - alle perikelen van een modeontwerper komen samen in dit statement. Het schokkende is dat dit statement komt van iemand met een uitstekend cv. Hij studeerde af aan Central Saint Martins in 2012, kreeg een LVMH-beurs, en zijn kleding is te verkrijgen bij Opening Ceremony, 10 Corso Como, Machine A en bij andere vooraanstaande winkels. Misschien juist vanwege die goede positie voelt hij zich genoodzaakt een statement te maken.

Nasir Mazhar lente/zomer 17

Hij staat niet alleen. Dit jaar kwam er een golf aan kritiek op het huidige modesysteem. De kritiek komt uit allerlei kringen: de succesvolle gevestigde orde en van hen die net beginnen. Er is te veel kleding in de wereld, en de eindeloze cyclus van consumptie heeft geleid tot een gigantische economische en ecologische crisis. Het is overduidelijk dat het tijd is dat de nieuwe generatie ontwerpers zich gaat afvragen hoe het anders kan. Dit jaar hebben een aantal van hen al plannen gepresenteerd voor hoe ze hun manier van creëren, verspreiden en zakendoen willen veranderen, om zich zo te kunnen bevrijden van een race die niet bij te houden is, en eigenlijk ook zinloos is.

Nasir Mazhar schudt de industrie met zijn tomeloze energie en nodige diversiteit al op sinds hij zijn debuut maakte in 2006. In april kondigde hij aan dat hij zou stoppen met het verkopen aan winkels, wat hij in 14 landen doet. "We verkopen bijna 100% direct online," legde hij in een interview met LOVE magazine uit. "En onze eigen winkel is ook ieder weekend geopend. We zullen unieke stukken kunnen maken, of nieuwe dingen kunnen verkopen. We zullen kunnen maken wat we willen."Retail de rug toekeren is een groot risico, in het geval van Mazhar, maar hij gelooft dat het hem de vrijheid geeft meer te experimenteren en dat het hem de tijd geeft om iets van kwaliteit te kunnen maken, in plaats van een berg commerciële kleding waar zijn logo op gedrukt is.

"Persoonlijk zou ik willen dat mode weer volledig onafhankelijk wordt, met ontwerpers die vooruitstrevende dingen doen, zodat de mensen weer gaan nadenken, in plaats van dat ze begrensd worden door het huidige systeem."

Een andere Londense designer, Claire Barrow, besloot onlangs zich niet meer te laten leiden door de seizoensgebonden modeweken, en zich in plaats daarvan te richten op haar eigen creatieve werk. In een persbericht schreef ze: "Claire zal haar eigen creatieve projecten voortzetten, buiten de cyclus van de modeweek om. Op deze manier probeert ze een goede kijk te krijgen op hoe haar werk gepresenteerd wordt, en te ontdekken hoe ze zich nog op talloze manieren zal kunnen ontwikkelen. De DIY-creaties van Barrow waren altijd al politiek of cultureel geëngageerd, en hadden de vibe van een jeugdcultuur. Zo zat haar werk eigenlijk altijd tussen kunst en mode in. Haar beslissing werpt de vraag op of een onderscheid tussen die creatieve sectoren wel nodig is. En of het moordende tempo van de industrie alle pijn en moeite wel waard is.  

Vetements lente/zomer 17

Uiteraard kunnen we de twee meest besproken visionairs van het moment niet achterwege laten. Demna en Guram Gvasalia dagen de industrie op een creatieve en commerciële manier uit. De laatste show van Vetements in Parijs vond plaats in een luxe winkelcentrum, waar ze mannen- en vrouwenmode samenbrachten op een catwalk. Hun kleding was vermengd met andere merken, van Reebok tot Manolo Blahnik. Hun succes laat zien dat de hiërarchie aan het veranderen is. Demna Gvasalia deinst er nimmer voor terug om kritiek te leveren op het moordende tempo en de duizelingwekkende productie van de industrie: "Al de luxemerken willen op Zara lijken, en dat is absurd en onmogelijk," zegt hij in een interview met 032c. "Hierdoor is niets dat je maakt nog zinvol, zoiets heeft tijd nodig. Heeft iemand de jurk die je gaat ontwerpen echt nodig? Of is het een of andere manager die denkt dat het in de winkels moet hangen, om het vervolgens in de uitverkoop te dumpen, of te verbranden. Precies die druk is een van de redenen dat we Vetements begonnen zijn."Om het mateloze populaire merk onafhankelijk en uniek te houden, heeft het maar een beperkte voorraad. Zelfs hun samenwerking met de achttien merken, voor hun laatste collectie (Brioni voor de pakken, Comme des Garçons voor de shirts, Manolo Blahnik voor de hakken, Schott voor leren jassen, Alpha Industries voor bombers, etc) zou je kunnen zien als een hommage aan ondergewaardeerd vakmanschap en het feit dat al deze fantastische stukken, opnieuw uitgevonden door het team van Gvasalia, altijd al bestaansrecht hadden in de wereld.

We leven in een tijd waarin we gebukt gaan onder een kapitalistische crisis, waarin alles goedkoper en sneller geproduceerd wordt dan zou moeten. Het is voornamelijk onze eigen schuld, we hebben onszelf aangeleerd om dingen te willen, te krijgen, weg te gooien, en plaats te maken voor de nieuwe dingen. Het is niet te laat om dat te veranderen, om te investeren in integriteit en creativiteit, te waarderen wat je hebt, om designers aan te moedigen voor verandering te staan. Vivienne Westwood vatte haar consumptie-filosofie eens mooi samen: "Koop minder. Kies goed. Behoud het. Kwaliteit, geen kwantiteit."

@anastasiia_f

Credits


Tekst Anastasiia Fedorova