Eigendom van Ruby Ray.Slip en Slide Jello, 1978. Alle foto’s eigendom van Ruby Ray

foto’s van de ruige punkscene van san francisco in de jaren zeventig

De legendarische fotograaf Ruby Ray deelt de gestoorde verhalen achter haar foto’s in haar nieuwe boek ‘Kalifornia Kool’.

door Alexandra Weiss
|
29 mei 2019, 11:08am

Eigendom van Ruby Ray.Slip en Slide Jello, 1978. Alle foto’s eigendom van Ruby Ray

De eerste keer dat ik het werk van Ruby Ray zag, was toen ik als tiener ‘punk’ googelde. Ik stuitte op het legendarische punkzine Search and Destroy en zag foto’s van X, Darby Crash en The Cramps – allemaal bands waarmee ik opgroeide. Die bands inspireerden me om mijn haar te verven, een halsband met studs te dragen en een gitaar te kopen. Het voelde alsof ik erbij was geweest, en dat kwam niet alleen omdat ik dat zo graag wilde. Het kwam door het werk van Ruby Ray: levendige zwart-witfoto’s (en af en toe in kleur), die niet alleen een moment vastleggen, maar je er ook in katapulteren. Ik kreeg hetzelfde gevoel toen ik door haar nieuwe boek Kalifornia Kool bladerde.

Het boek bestaat uit foto’s die tussen 1976 en 1982 in San Francisco zijn gemaakt en de underground punkscene vastleggen. Alle beroemde – en niet zo beroemde – mensen komen voorbij: Alice Bag, Devo, The Mutants en Sid Vicious. Ray was overal bij, backstage of vooraan in het publiek. De fotograaf had een unieke kijk op de mensen om haar heen: ze fotografeerde hen niet alleen als fan, maar als onderdeel van een beweging.

“Voor ons was het een revolutie,” zegt ze over punk. “Ik had eindelijk mijn soort mensen gevonden.”

Dat gevoel brengt ze over in haar boek. Of het nu John Doe en Exene Cervenka van X bij The Palladium zijn, Sid Vicious in een trappenhuis is of The Mutants op een vuilnisbelt – Ray fotografeerde niet alleen de mensen in de scene, maar ook hun onbezonnen en rauwe energie.

1558481569220-RRay-Xrand-BlRandy
Welcome to LA, 1977. Tijdens mijn eerste solo-trip naar LA, ontmoette ik John Doe, Exene Cervenka, en Rand McNally van Dangerhouse Records, en Black Randy, backstage bij het Palladium.

Hieronder vertelt de fotograaf aan i-D hoe ze verliefd werd op de punkscene en deelt ze de gekke verhalen achter een paar van haar favoriete foto’s uit Kalifornia Kool.

i-D: Hoe kwam je in de punkscene terecht? En was je altijd geïnteresseerd in fotografie?Ruby Ray: Ik fotografeerde al ongeveer twee jaar, voordat ik Vale, de oprichter van Search and Destroy, leerde kennen. Ik was op zoek naar iets wat ik kon doen, iets wat me kon inspireren, toen hij kwam binnenlopen bij Tar Records, waar ik werkte. Hij had het eerste nummer van Search and Destroy bij zich. Ik rende letterlijk achter hem aan en vroeg hem of hij niet meer foto’s nodig had. Zo begon ik met fotograferen voor Search and Destroy. Maar ook daarvoor was ik al geïnteresseerd in muziek. Ik hield van Patti Smith en toen ik The Dills voor het eerst zag optreden, was ik verkocht. Muziek was lang zo saai, weet je? Na de hippies kwam disco, en het was allemaal zo geestdodend. Er was niets voor mij – totdat ik punk ontdekte.

Waarom voelde je je zo aangetrokken tot punk?
Het was bevrijdend en veel extatischer en levendiger dan bijvoorbeeld The Eagles. Toen ik The Dills in 1975 zag, dacht ik meteen: fuck it, dit is wat ik ga doen.

Je schoot de foto’s in Kalifornia Kool tussen 1976 en 1982. Hoe oud was je toen, waar woonde je en wat gebeurde er in die tijd in je leven?
Ik verhuisde in 1974 naar San Francisco en in 1982 naar New York. In die jaren werkte ik met Vale en draaide ons hele leven ongeveer om Search and Destroy. Het was een waanzinnige periode: we werkten ontzettend hard en we ontmoetten de interessantste mensen uit het punktijdperk. Jello Biafra sliep op de vloer van onze woonkamer toen hij burgemeester van San Francisco wilde worden in 1979. Hij werd nog vierde ook.

1558481583430-RRay-crampsnapa
The Cramps in de Rec Room in het Napa State Mental Hospital, 1979.

Wist je dat je foto’s maakte van iets wat een enorme culturele beweging zou worden, of maakte je gewoon foto’s van je vrienden?
We wisten dat het een beweging was, dus we waren geschokt toen niemand ons aandacht schonk. Maar ik wist dat ik goede foto’s aan het nemen was en ik was een ambitieuze kunstenaar die veel werkte, dus ik bewaarde mijn negatieven, omdat ik vond dat ze speciaal waren. Hoewel ik eerlijk gezegd dacht dat ze in de vergetelheid zouden belanden, totdat mijn eerste boek gepubliceerd werd – wat niet makkelijk was. Het kostte me negen jaar.

Welke foto’s zijn het speciaalst voor jou?
Achter elke foto zit een verhaal, maar een van mijn favorieten is die van The Mutants op de vuilnisbelt. In die tijd was ik erg geïnspireerd door de situationisten, een politieke beweging in Frankrijk uit de jaren zestig, waar punkers toen veel over praatten. Een van de dingen die zij deden was door de stad dwalen, gewoon om inspiratie op te doen. Dus ik besloot om naar de vuilnisbelt te gaan. De zon ging onder en iedereen vond allerlei gekke rommel, zoals een doos met verf en een hoelahoep. Ik weet het nog precies: ik stond op een klein bergje aarde en Sua hoelahoepte voor de rest van de band, die net namaak-ruimteschepen hadden gevonden.

Een van mijn andere favorieten, die ik toentertijd eigenlijk haatte, is die van Devo, toen ze net Duty Now for the Future hadden uitgebracht. Hij is gemaakt op de plek waar nu een congrescentrum is, maar waar toen gewoon een gigantisch leeg stuk grond was. Ik dacht aan de Russische constructivisten toen ik de foto nam, en daarom liet ik zo poseren.

Hoe zit het met de foto’s van Sid Vicious?
In januari in 1978 fotografeerde ik Sid Vicious in San Francisco, nadat de Sex Pistols hun laatste show hadden gespeeld. De show was geweldig, omdat het de Sex Pistols waren, maar ook een beetje kut, omdat er zoveel mensen van buiten de stad op afkwamen. Opeens waren er duizenden mensen, terwijl de punkscene in San Francisco normaal gesproken uit misschien tweehonderd man bestond, die elkaar allemaal kenden. Ik had niet eens mijn camera meegenomen, omdat Bill Graham, de promoter van de Sex Pistols, niemand backstage liet om foto’s te maken, tenzij je een ‘aangewezen fotograaf’ was. En niemand kende me toen nog echt. Backstage waren ze overal met bier aan het spuiten, om er een soort bierglijbaan van te maken. Iedereen deed mee: Sex Pistols, The Avengers en The Nuns. Natuurlijk vond Bill het niet leuk, dus het duurde niet lang.

De volgende dag dachten we dat ze wel naar de Mubahay Gardens zouden gaan, want dat was de enige punkclub in de stad. The Bags en The Germs moesten die avond spelen, en natuurlijk kwamen ze. Steve Jones kwam eerst in zijn eentje naar binnen. Brandon Mullen van The Masque wilde wat leven in de brouwerij brengen, dus hij liep op Steve af, deed alsof hij struikelde en gooide zijn drankje over de prachtige, rode jas van Steve, die compleet cool bleef. Na een tijdje kwam Sid binnen met de vrouwen van The Plungers. Hij liep naar voren en ging ik op het podium zitten toen The Bags aan het optreden waren. Hij leek erg verveeld, alsof het hem niet uitmaakte wat er om hem heen gebeurde, dus hij pakte een stuk glas van het podium en begon zichzelf te snijden. The Bags negeerden hem en op een gegeven moment was hij het beu – of had hij te veel pijn omdat hij zijn buik had opengehaald. Toen is hij maar weggegaan. Na een paar minuten renden Vale en ik backstage om hem te vragen of we hem mochten fotograferen. Hij zei ja, maar ik moest wel opschieten. Ik nam uiteindelijk twee foto’s in ongeveer dertig seconden. Toen kwam Darby van The Germs het podium op en werd het een soort strijd tussen Sid en hem over wie het gevaarlijkste was, dus hij begon zichzelf ook te snijden.

1558481606058-RRay-darby-cutup
Darby en Alice Bag Backstage, 1978. Alice en Darby nadat ze beiden in het Mabuhay speelden, terwijl Sid Vicious hen probeerde te overschaduwen, wat niet lukte.

Waarom fotografeerde je voornamelijk in zwart-wit? Wat dat een stilistische keuze?Absoluut. Ook ontwikkelde ik mijn zwart-witfoto’s zelf. De kleurenfoto’s stuurde ik op en het kostte dan ongeveer een week om ze te laten ontwikkelen. De week die ik moest wachten op de foto’s van Sid was een marteling, omdat ik niet wist of ze überhaupt waren gelukt. Toen ik ze terugkreeg, besefte ik dat ik een soort ‘Madonna met kind’-achtige situatie had gefotografeerd met Sid en Hellin Killer, waar ik echt trots op ben.

Wat is het verhaal achter de foto van William Burroughs?
Burroughs was een enorme inspiratiebron voor ons, vooral omdat hij het had over de overheid die mensen hersenspoelt. We werkten aan een boek over zijn interviews, dus vroeg Vale me of ik hem wilde fotograferen, wat ik natuurlijk dolgraag wilde. We namen het pistool mee, omdat Burroughs erg geïnteresseerd was in schieten. Net als de punkers trouwens, die vaak op de schietbaan te vinden waren. Ik ben er zelf ook eens geweest, maar het was niets voor mij. Ik vond het te hard. Ik bedoel, punk is hard, maar een schot is anders.

In de jaren tachtig werd punk mainstream. Veel underground punkers wendden zich tot post-punk en hardcore. Merkte je een verschil op de foto’s die je in die tijd nam?
Natuurlijk. In het begin was het zo spannend en nieuw, maar na het hele Sex Pistols-debacle in 1978 stopten we met Search and Destroy. Kort daarop richtten we RE/Search op, dat in het begin vergelijkbaar met Search and Destroy was, maar dan groter. Mensen begonnen post-punk en industrial te spelen, en de muziek in de scene hoefde niet meer alleen snel en luid te zijn.

Wat onderscheidde Search and Destroy en RE/Search van alle andere zines in die tijd?Search and Destroy was losjes gebaseerd op The Oracle, een oud hippiemagazine. Vale was ouder dan ik en zelf een hippie. Hij was echt geïnspireerd door The Oracle en Interview Magazine in New York, waarin Andy Warhol nonchalant mensen interviewde. Ik werd zelf geïnspireerd door de eerste edities van Rolling Stone, die ik in 1969 of 1970 las om te erachter te komen wat er gaande was. Ik kwam in 1970 van de middelbare school af en toen zag ik de foto van Annie Leibovitz, waarop John Lennon naakt naast Yoko Ono ligt. Dat vond ik verbazingwekkend. Ik wilde meteen weten hoe ze dat voor elkaar had gekregen.

We namen al onze eigen foto’s en we schreven onze interviews op een typmachine. Het was zo’n makkelijke manier om informatie te verspreiden. Toen zagen andere mensen dat zij dat ook konden en doken al die andere kleine zines op. Het is moeilijk om het je nu voor te stellen, maar de kopieermachine was toen de nieuwe technologie, dus kon iedereen zelf dingen doen. Dat was ook een groot deel van ons succes – dat punk DIY was.

1558481680889-RRay_sidcut
Sid Cuts Himself, 1978. Sid Vicious kwam de avond nadat de Sex Pistosl uit elkaar gingen naar de Mabuhay Club, en begon zichzelf te snijden terwijl de Bags speelden.

Hoe is je werk sindsdien veranderd?
Ik fotografeer niet echt meer. Af en toe gebruik ik mijn mobiele telefoon om een foto te maken, maar ik ben mijn interesse verloren toen het digitale tijdperk begon. Toen ik projectieshows deed, gebruikte ik dia’s en een diaprojector, maar die maken ze ook niet meer. Het lijkt alsof elke keer juist datgene waarvan ik houd verdwijnt. Ik verloor gewoon mijn interesse in het proces. Ik was behoorlijk ontwikkeld op mijn vijfentwintigste: ik had veel techniek onder de knie, mijn foto’s hadden altijd diepte en ik wist precies wat ik aan het doen was. Ik wilde de technologie gebruiken om mijn publiek te veranderen. Met de punkfoto’s vond ik het altijd fijn om mensen te bekijken en probeerde ik hen te begrijpen. Ik heb me nooit echt gerealiseerd hoe zo’n groot onderdeel van mijn fotografie dat was.

Denk je dat fotografie de enige manier was om jezelf uit te drukken en die periode vast te leggen, of had je dat ook op een andere manier kunnen doen?
Ik beschouw mezelf als heel creatief, maar de keuze voor fotografie was puur toeval. Mijn vriendje in die tijd had geregeld dat zijn vrienden me een camera gaven. Maar daarvoor, geloof het of niet, maakte ik kleding. Wat fotografie betreft, er is gewoon iets met de film: het is zilver en je ziet zowel de positieven als de negatieven. Ik heb film altijd vergeleken met seks. Je wacht maar en wacht maar, en als je uiteindelijk de foto ziet is het alsof je een gigantisch orgasme krijgt.

1558481715677-RRay-Mutants-hula
Strange Finds, 1978. Sue White en Sally Webster, zangers van de Mutants, vinden objecten uit de toekomst op de vuilnisbelt. Charles Hagan op de achtergrond. Gemaakt op de plek waar nu het honkbalstadion van de Giants staat.
Tagged:
san francisco
Punk
Zines
Muziek
book