Advertentie

bas kosters wil dat we zacht zijn

In Museum Arnhem is vanaf 14 mei een overzichtstentoonstelling van het Nederlandse mode-icoon Bas Kosters te zien.

door Olga Kortz
|
13 mei 2016, 3:30pm

Morgen opent in Museum Arnhem I want it to be soft, de overzichtstentoonstelling van Bas Kosters. Zoals we van hem gewend zijn stelt hij ook in deze tentoonstelling maatschappelijke kwesties aan de kaak. De naam van de tentoonstelling verwijst dan ook naar onze houding ten opzichte van dingen als overconsumptie, ras- en gender-issues en schoonheidsidealen; al deze thema's komen aan de orde in de werken, die alle dertien jaar van Bas' rijke carrière beslaan. Er is ook nieuw werk te zien, dat in samenwerking met andere designers gemaakt is. Onlangs sprak ik de ontwerper, die zo druk was met alle voorbereidingen, dat ik hem opzocht in de kappersstoel. Terwijl de lichtblauwe verf in zijn haar trok, stond hij me uitgebreid te woord.

Wat gaan we zien in Arnhem?
Ik wilde heel graag een retrospective doen, omdat ik het daar tijd voor vond. Mijn collectie van vorig jaar, Permanent State of Confusion, was eigenlijk al een soort retrospectieve collectie. We hadden daarvoor heel veel materiaal van de afgelopen tien jaar hergebruikt, maar ook technieken en gedachtegoed. Ook al zeg ik dat I want it to be soft een retrospectief is, het is ook heel erg van nu. We hebben vanuit een blik van nu en met hedendaagse thema's gekeken naar wat op dit moment waardevol is om te tonen. Ik wilde niet alleen maar oude meuk. We hebben het zorgvuldig uitgezocht. Ik heb met heel veel plezier nieuw werk gemaakt en ik laat ook best veel recent werk zien, uit 2015 bijvoorbeeld.

Hoe kom je tot een maatschappijkritische creatie? Hoe begin je aan zoiets?
Voor deze expositie hebben we niet per se een nieuw maatschappelijk thema aangeboord, maar ons meer gerealiseerd dat engagement een belangrijk onderdeel is van de dingen die ik doe. We hebben de expositie niet per se op die verhalen gecureerd, maar op individuele stukken uit individuele collecties, die hun eigen verhaal vertellen.

Wat voor verhaal bijvoorbeeld?
Bijvoorbeeld het stukje 'The graphic gesture', dat gaat over alle zwart-witte prints die we gemaakt hebben. Op de een of andere manier zijn zwart-witte prints heel erg communicatief. Twee daarvan komen uit twee protestcollecties. Die collecties gingen allebei over een tekort aan protest. Ik kan ook vinden dat mensen te veel met zichzelf bezig zijn, en te weinig met een ander. Dat is een ander, vergelijkbaar, verhaal dat wel vaker terugkomt.

Heb je iets geleerd bij het samenstellen van de expositie?
Heb ik iets geleerd? Dat het heel veel werk is. [lacht] Het is gewoon heel veel, dat je allemaal in goede banen moet leiden. Voor mij is het megapersoonlijk, het zijn allemaal kindjes. Steeds vraag ik me af: waarom die tekening wel, waarom die niet? Waarom die outfit wel en die niet? Het is best een gepuzzel. Ik vind de uitspraak "kill your darlings" echt vreselijk, maar daar is hier toch wel sprake van geweest. De minithema's binnen de expositie waren wel handig als leidraad. Soms namen we een kleur als uitgangspunt, dan weer een techniek, zo word je prettig een kant op gestuurd.

Waarom koos je mensen als Maarten Spruyt en Tsur Resef om mee te werken?
Ik ben een verzamelaar, ik verzamel ook mijn eigen werk. Mijn werken zijn vaak weer een verzameling op zich. Ik denk dat Maarten, met wie ik al eerder werkte, als geen ander de veelheid van mijn werk begrijpt. De campagnefotografie heb ik met Marc Deurloo gedaan, ik werk al meer dan tien jaar met hem. Ik heb voor deze expositie een nieuw werk gemaakt van de garderobe van mijn vader, en Marc heeft daar de foto van gemaakt. Ik vertrouw hem, het is een prettige werkrelatie.
De soundscape werd gedaan door Star Studded Studios van Joost van Bellen, Sander Stenger en Freek de Ruiter. Die doen al jaren mijn catwalkmuziek. Dit is toch een heel ander project, maar toch vertrouwde ik het hen met heel veel plezier toe, omdat heel veel van mijn werk ook met muziek te maken heeft, of in ieder geval met muziek te maken had.

Het zijn wel een beetje de usual suspects ja, ze zeggen weleens "Never change a winning team"; ik werk graag met de mensen die ik ken. Je weet daardoor waar je aan toe bent.

Hoe was het voor je om met je vaders kleding te werken?
Ja, dat was mooi. Het is een mooi stuk geworden. Het gaat over een generatie-overschrijdend ding. Wanneer een van je ouders overlijdt is dat life changing. Ik vind het bijzonder dat mijn team dit met mij heeft willen maken, want het is best intiem en beladen. Je merkt dat wanneer mensen het zien, ze onder de indruk zijn. Er staat ook een mooie passage in het boek over dit werk. Het boek verschijnt op hetzelfde moment als de expositie. Het boek heeft een beetje hetzelfde ritme als de expositie. Er zijn acht auteurs gevraagd daar iets voor te schrijven. Aynouk Tan heeft me een mooie brief geschreven, Joost van Bellen heeft in zijn hoedanigheid als auteur ook een mooi stuk geschreven, dat is bijzonder. Ja, het is echt touching om dat te lezen.

Is deze manier van werken een nieuwe weg die je in gaat slaan?
Ik vond het altijd al leuk om beeldend te werken, maar ik heb ook wel weer zin om een collectie te maken. Ik heb gezien, toen ik door mijn archieven ging, dat ik sommige dingen anders ben gaan doen. Vroeger schetste ik nog heel veel, en ik maakte hele plakboeken, met analoge foto's. Dat doe ik nu helemaal niet meer.

Waarom niet?
Ik denk dat ik sneller tot actie overga. Want ik denk dat ik nu beter weet wat ik wil. Als ik in oude collectiemappen kijk, zie ik al die schetsen die nog niet gebruikt zijn. Dat is wel jammer, want het zijn vaak hele leuke ideeën. Nu beginnen we vaker met een materiaal, en dan kijken wat we daarvan gaan maken, of we maken even een snelle schets die dan wel goed is. Ik heb eigenlijk wel zin om terug naar de creatieve kookpot van vroeger te gaan. Ik fotografeerde mijn vriendinnen dan gewoon in een half afgemaakte jurk bij een auto op een parkeerplaats. Daar maakte ik dan collages van. Dat was eigenlijk heel erg leuk. Ik heb wel zin om weer op die manier aan de slag te gaan.

Het lijkt alsof je de tijd voor dingen kan nemen. Voel je je nooit opgejaagd?
Soms wel. Het wordt nu wel tijd voor die nieuwe collectie. Er staan vier nieuwe outfits in de expositie; drie stuks in een minicollectie en er staat ergens een kostuum in de ruimte. Ik heb wel weer zin om nog meer mooie dingen te maken.

We hadden het net over de mensen met wie je voor deze expositie hebt samengewerkt. Er wordt momenteel veel samengewerkt door designers en andere kunstenaars. Zie jij het ook als iets heel erg van deze tijd, meer dan ooit?
Ik heb eigenlijk altijd samengewerkt. Ik vind dat prettig ook. Ik kan me helemaal niet zo voorstellen dingen alleen te doen. Ik weet nog dat ik zo'n tien jaar geleden voor Blend Magazine een visual essay had gemaakt, dat over samenwerking ging. En daarin stonden allerlei mensen met wie ik op dat moment samenwerkte. En er stond zelfs nog een illustratie in van het woord 'samenwerken'. [lacht]

Je ziet wel steeds meer de collectiveness, en de trendwoorden 'squad' of 'tribe'. Wat Bonne doet met zijn suits, en dat iedereen om hem heen dan lekker met zijn allen bezig is. Patta doet het natuurlijk ook een beetje - zij hebben ook een crew. Maar ja, het is ook wel lekker om dingen samen te doen.

Zou het ook intimiderend kunnen zijn? Dat mensen denken: Die ontwerpen niet voor mij want ik ben niet cool genoeg?
Ja, dat het te exclusive lijkt? Of seclusive eigenlijk. Ik probeer zelf absoluut niet zo te zijn. Ik ben tegenwoordig wat meer solo, maar vroeger was ik ook altijd met zo'n gang op pad. Dat heeft misschien toen ook zo geleken.

Is er voor jou veel veranderd in die dertien jaar dat je ontwerpt?
Ik ben zelf heel erg veranderd. Soms verbaas ik me daar nog wel over. Ik ben zoveel kalmer geworden, en gefocust. Ik ben blij dat het hele extreme dat ik vroeger had, ingedut is.

Credits


Tekst Olga Kortz
Fotografie Marc Deurloo

Tagged:
Bas Kosters
overzichtstentoonstelling