gebreide gloryholes, porno-esthetiek en seksmaskers

Jonathan Kok Wai Ho maakte fetisjwear om mannelijkheid te verkennen.

|
13 oktober 2017, 7:58am

Volgende week begint de Dutch Design week, waar naast bijvoorbeeld minimalistische stoelen en experimentele lampen ook genoeg mode te zien is. De fetisjwear van Jonathan Kok Wai Ho bijvoorbeeld. Jonathan groeide op in Maleisië, woonde in Australië en Finland en studeerde dit jaar af aan de master van de Design Academy met zijn project Fetishising Masculinity. Hiervoor deed hij een jaar lang inspiratie op door naar seksfeesten te gaan en las hij stapels academische literatuur. Het resultaat is een collectie bestaande uit een prachtige gebreide gloryhole, vinyl jumpsuits, seksmaskers, meubels, en een keramieken dildo in de vorm van een kandelaar. Ik dronk koffie met Jonathan in zijn atelier en we spraken over achterkamertjes, mannen in rokjes en seks-work-out-toestellen.

i-D: Waarom wilde je juist fetisjwear te gaan maken?
Jonathan Kok Wai Ho: Het zou mooi zijn als het wat meer mainstream werd. Veel mensen vinden fetisjfeesten vies, of ondeugend, maar het is een vorm van zelfverkenning. Een vrijplaats waar je andere aspecten van je persoonlijkheid en identiteit kan ontdekken. En hoe meer er gesekst wordt, hoe minder haat er is. Uiteindelijk gaat het erom dat iedereen het naar zijn of haar zin heeft. Seks is zo'n democratische vorm van plezier, waarom niet?

Een gebreide gloryhole

En de stukken uit je project moeten daarbij een rol gaan spelen?
Uiteindelijk wil ik producten maken die onderdeel gaan worden van de fetisjcultuur: ik werk op dit moment met een Australisch bedrijf dat leren fetisjwear maakt, en ik wil voor hen graag een jonge markt aanboren. Maar mijn afstudeerproject is vooral ook heel conceptueel. Op de Design Academy werk je toch vaak vanuit een soort highbrow kunstidee.

Dat idee is dat je fetisjwear gebruikt om naar mannelijkheid te kijken, toch? Hoe zit dat precies?
Leren fetisjwear is bijvoorbeeld ontstaan in de tweede helft van de vorige eeuw en was heel politiek. De media portretteerde homo's na de oorlog als heel vrouwelijk en flamboyant. Ze werden geassocieerd met fijnzinnigheid, hoge kunst, theater. Als reactie daarop begonnen ze zich in de fetisj-scene als motorrijders te kleden. Het was een statement. Die politieke relevantie was de laatste tijd een beetje weg, die wilde ik terugbrengen door te reflecteren op de mannelijkheid van nu. De wereld is heel lang beheerst door mannen, en daardoor zijn er heel veel starre regels over wat het betekent om man te zijn. Er is weinig ruimte om je eigen identiteit vorm te geven. Er is wel discussie over dingen als genderfluïditeit, maar je ziet bijvoorbeeld geen mannen in rokjes over straat lopen. Door porno en seksualiteit te bestuderen, kun je veel leren over de maatschappelijke patronen die daarachter liggen.

Welk beeld van mannelijkheid is nu dominant?
Wat je nu in de porno ziet, vooral de gayporno, is dat bijvoorbeeld de lad- of chad-esthetiek heel groot is. Van die Britse jochies, een soort hooligans. Het archetype van een rebel, tegen de samenleving, fuck alles. Je ziet dat nu ook terugkomen bij grote streetwear-merken, Gosha Rubchinskiy bijvoorbeeld, en Supreme, ook zo'n jongensachtig merk. De jongens uit de Gosha-campagnes zijn heel jong, twaalf of dertien, en ze roken sigaretten. Al op zo'n jonge leeftijd worden er ideeën op je geprojecteerd over wat het betekent om een coole gast te zijn, of een man. Ik vind dat soort ideeën nogal makkelijk worden verkocht, en daarom heb ik een tas annex seksmasker gemaakt met elementen van Gosha en van Supreme. Die maskertassen ga ik gratis weggeven op de Dutch Design Week.

Je hebt ook een vinyl jumpsuit met IS-achtige teksten erop gemaakt. Wat heeft dat met mannelijkheid te maken?
IS maakt gebruik van een ander idee waarmee mannen worden grootgebracht: het helden-narratief. Je moet een roeping hebben en vechten voor iets groots. Maar tegelijkertijd speel ik met deze prints ook met de manier waarop het Westen naar het Midden-Oosten kijkt. Als je dit soort grafische, Arabische teksten ziet, denk je meteen aan terrorisme en IS. Maar eigenlijk staan er dingen als: cocksucker, hoer, of slet, in de vrouwelijke vorm geschreven.

Dat klinkt allemaal best hard, maar je gloryhole is juist heel elegant.
In porno en films vind je die gloryholes in vieze toiletten in een achterkamertje, dat is een concept dat lekker verkoopt. Een gloryhole is dan hypermasculien: een plat oppervlak waar je je penis doorheen kan steken. Ik heb heel veel meisjes hierover gesproken en de meesten wisten niet eens wat een gloryhole was. Maar elk gat kan een gloryhole zijn, het wordt seksueel door de juiste context. Mijn gloryhole is gebreid, dat is traditioneel een vrouwelijke activiteit. Dat roept de vraag op: is het nu nog een mannelijk object of ook een vrouwelijk object? Uiteindelijk is het gemaakt om te genieten, het is sensueel en erotisch. Het oppervlak voelt heel fijn op je lichaam, je voelt die texturen. En de gaten zijn ook geschikt voor armen, nekken en monden, niet alleen voor de penis.

En waar zijn die meubels voor?
Ze zien eruit alsof ze in de sportschool horen, maar zijn totaal ongeschikt voor een work-out. Het is de bedoeling om er seks op te hebben. Seks is natuurlijk ook lichaamsbeweging, maar ik vind het heel raar dat mannen geloven in dat beeld van seks als fitness zoals dat in mannenbladen wordt gepresenteerd: dat je het lang moet volhouden en moet presteren. Als ik met stellen praat over seks in hun relatie, gaat het niet om die lichaamsbeweging: het gaat erom dat je plezier hebt.

Jonathan Kok Wai Ho exposeert zijn werk op de Dutch Design Week in Eindhoven, tijdens de Graduation Expo van de Design Academy en op DDGay in het Glaspaviljoen.