gevangen in je eigen lichaam, dat bijna niet meer wil

We spraken modestudent Amber Vandecauter over haar collectie die, ondanks dat er veel pijn achter schuilt, toch kleurrijk en vrolijk is.

door Eveline Briand
|
01 juli 2016, 10:05am

"Ze ziet er helemaal niet ziek uit, en dat is haar vloek," zegt Amber Vandecauter over haar moeder. Voor haar collectie LITTLE DESTROYERS vond deze Vlaamse modestudent inspiratie bij haar chronisch zieke moeder. Amber is net klaar met het derde jaar van de modeopleiding aan het SASK in Sint-Niklaas en ze wilde een collectie maken waar ze haar emotie in kon stoppen. Hier heeft ze heel wat nachten voor wakker gelegen. Nu het eindelijk af is, praten we met haar over deze bijzondere en persoonlijke collectie.

Wat is precies het verhaal achter je collectie?
Ik vond het belangrijk dat ik er gevoelens in kon stoppen, het moest heel persoonlijk worden. Zo kwam ik bij mijn moeder uit, die haar hele leven lang ziek is. De dokters hadden telkens een foute diagnose gesteld, waardoor het alsmaar slechter met haar ging. Ze begon zelf wat op te zoeken en de ziekte van Lyme voldeed bijna aan al haar symptomen. Mijn moeder heeft bijna de hele wereld afgereisd, op zoek naar een dokter die eindelijk naar haar wilde luisteren.

Met mijn collectie wil ik niet het lijden of de ziekte zelf laten zien, maar wel het gevoel dat mijn moeder ervaart en de manier waarop iedereen haar bekijkt. Ze ziet er helemaal niet ziek uit, en dat is haar vloek is. Ze zit gevangen in haar eigen lichaam.

Hoe heb je dat in de kleren verwerkt?
Ik heb de ziekte van Lyme onder een microscoop bekeken, en zo zag ik het virus en al zijn vertakkingen. Ik zag er een wormpje in krulvorm in. Dat is de rode draad in mijn collectie en dat komt in veel kledingstukken terug, op de handtas en jas bijvoorbeeld. De cut-outs en prints heb ik gebaseerd op andere ziektes. De handen symboliseren het verstikkende, bedrukte gevoel dat met een ziekte gepaard gaat.

In de werken van Cesar Biojo zag ik het verhaal van mijn moeder. Zijn naaktschilderijen tonen de kwetsbaarheid van een vrouw en zo heb ik ook mijn kleurenpalet gekozen.

LITTLE DESTROYERS gaat over veel pijn, en toch zie ik een kleurrijke collectie. Waarom?
Ja, dat klopt. Het lijkt allemaal goed, maar dat is het niet. Die vibe wilde ik tonen. Het is niet wat het lijkt.

Veel mensen hebben, net als jij, naast de opleiding ook een vaste baan. De mode-industrie op zich is al ontzettend hard, hoe combineer je alles?
Ik ben heel chaotisch, in alles wat ik doe. Ik heb ups en downs, goede en slechte werken. Eigenlijk had ik elke dag aan mijn collectie moeten werken, maar dat kon ik niet. Ik heb vrije tijd nodig, om even alles te laten bezinken. Ik laat mijn collectie soms een week rusten, om daarna verder te werken. En ik heb vaak een nachtje door moeten halen.

Hoeveel slapeloze nachten zijn aan je collectie voorafgegaan?
Echt veel, zo'n twintig à dertig ongeveer. De nacht voor de show hadden we nog een laatste deadline en toen heb ik tot zes uur 's nachts gewerkt. Om tien uur 's ochtends moesten we op school zijn, maar toen besefte ik dat ik een outfit thuis had laten liggen. Zo chaotisch ben ik dus. Het moeilijkste moment kreeg ik al eerder, toen ik tijdens de tweede fitting drie outfits moesten laten zien. Mijn docent zag geen samenhang in de stukken. Toen had ik echt even stress, want dat moest in principe al de helft van mijn collectie voorstellen. Maar toch, elk jaar komt alles goed.

Credits


Tekst Eveline Briand 
Kleding Amber Vandecauter
Make-up Sharina Degeest
Fotografie Shari Ruzzi