caption selfie instagram

een ontleding van het fenomeen knappe selfie met totaal willekeurig bijschrift

Wanneer je het ziet, kun je het niet meer ont-zien – een onderzoekje naar een geraffineerde instagram-post-techniek.

door Lianne Kersten
|
07 februari 2019, 1:27pm

caption selfie instagram

Geen zin om dit verhaal te lezen? Beluister dan hieronder de ingesproken versie.

De eerste keer dat ik een meisje een spiegelselfie van haar blote billen zag posten met het onderschrift 'de zomertijd is vandaag ingegaan jongens, let op je wekker morgenochtend!', vond ik dat vooral erg komisch. Vijftien screenshots van soortgelijke posts en een collega die hetzelfde was opgevallen later, begon ik te vermoeden dat hier wel eens meer aan de hand zou kunnen zijn.

Zoals vaker het geval met trends die op social media ontstaan en door datzelfde platform in leven worden gehouden, werd er ook op Instagram een satire-account gemaakt om het fenomeen te outen. De pagina @girlswithirrelevantcaptions – waar overigens ook mannen op staan – verzamelt sinds eind vorig jaar de beste voorbeelden.

Het recept van zo’n post is altijd hetzelfde: een (vaak bovengemiddeld gladgestreken) influencer die een knappe foto van zichzelf plaatst met een soms grappig, soms informerend, soms quasi-filosofisch, maar altijd volslagen irrelevant bijschrift. Als de enkele-emoji-captions gaan vervelen, of de notitie in je telefoon gevuld met Drake-lyrics enigszins leeg raakt, moet je natuurlijk wat.

Maar dit verschijnsel legt misschien meer bloot over onze relatie met het platform, en de motieven achter hoe mensen hun online persona etaleren, dan je in eerste instantie zou denken. Over de ongemakkelijke tweestrijd waarin influencers zich bevinden bijvoorbeeld, tussen het laten zien van het perfecte plaatje – waarop vaak ieder sprankje individualiteit of karakter zorgvuldig is weggepoetst met Facetune – en het tonen van je persoonlijkheid.

Iedereen die een foto post maakt vooraf een bepaalde afweging over wat het doet met je imago, of je nou 20 of 200.000 volgers hebt. Het is het soort narcisme waar Instagram grotendeels op draait en waar veel van ons, ikzelf incluis, op dagelijkse basis aan meedoen. Uit een onderzoek gehouden onder 10.000 millennials bleek dat 64 procent van hen Instagram het meest narcistische social media platform vindt – met meer stemmen dan Facebook, Twitter en Snapchat samen. Maar het medium is er niet minder populair om. Mensen die selfies posten zouden daarnaast vaak onsympathieker worden gevonden. Minder likes krijgen ze echter niet.

De vraag is natuurlijk of de mensen die op @girlswithirrelevantcaptions staan die resultaten gelezen hebben – ik gok van niet – maar ergens zal het toch knagen. Het spreekwoord dat een foto meer dan duizend woorden zegt, houdt in het geval van een selfie vaak niet meer in dan honderden keren jengelend: “Kijk! Hier sta ik knap op! En ik wil graag dat jullie dat zien en dat het liefst bevestigen door te liken of reageren!” te roepen.

Ergens is het ook niet verrassend dat vooral influencers meedoen aan deze onbeduidende-caption-trend. Ze hebben van hun imago hun kapitaal gemaakt – met hun uiterlijk als valuta. Door de druk om mooie plaatjes te blijven posten ontstaat er vanzelf een eendimensionaal beeld. Wil je een andere kant van jezelf laten zien, dan kun je misschien niet anders dan een finsta maken, of wat ‘diepe’ quotes aan je selfies toevoegen. Of, voor de gevorderden die dit ongebreidelde narcisme-spel nog een level hoger spelen: een grappig onderschrift toevoegen om zo met een geintje te laten zien dat je meer bent dan alleen mooi, of om met humor te verbloemen dat je eigenlijk gewoon die goed gelukte foto van jezelf wil posten.

Maar deze slinkse selfie-tactieken beperken zich zeker niet alleen tot het domein van influencers. Ook op onze redactie en in mijn vriendenkring klonken direct geluiden van herkenning. Bijna allemaal maken we er ons wel eens schuldig aan, zo bleek. Een aantal biechtten zelfs op wel eens speciaal een meme te hebben geknutseld van een zelfportret, om zo het posten ervan te rechtvaardigen.

Uiteindelijk is het allemaal tot een overkoepelend gevoel te herleiden: de druk om er online interessant uit te zien, en mooi, en stijlvol, en bovenal uniek. De Britse journalist Will Storr omschrijft dit opgebouwde verwachtingspatroon in zijn boek Selfie: How We Became So Self-Obsessed and What It's Doing to Us als “de neoliberale ik”. Onze moderne interpretatie van wat de perfecte mens zou moeten zijn, namelijk: “extravert, in vorm, mooi, individualistisch, optimistisch, hardwerkend en sociaal bewust – een wereldburger vol zelfvertrouwen, ondernemend vernuft, en: met een selfiecamera.” In het meme-tijdperk waarin we leven is spitsvondig zijn op social media daarbij nog eens een extra verdienste geworden.

Aanvankelijk leek de conclusie dat deze selfie-generatie veel narcistischer is dan die van onze ouders mij te makkelijk. Een bewering die me hetzelfde gevoel gaf als mensen op leeftijd die in de trein met hun ogen rollen en hardop klagen dat “iedereen tegenwoordig asociaal op z’n mobiel zit” en vervolgens demonstratief hun papieren boek openslaan, terwijl jij tegenover ze een boek op je telefoon aan het lezen bent en tegelijkertijd met je vrienden appt. Het leek mij, kortom, iets te kort door de bocht. Toch blijkt uit meerdere recente onderzoeken dat het overdadig maken van selfies van ons zeker geen leukere mensen maakt, online én offline niet.

Maar als je even uitzoomt en kijkt naar wat we allemaal aan het doen zijn in die app, wordt het even wat luchtiger, zelfs bijna vermakelijk. Door iedereen die dol is op digitale vleierij, maar niet gezien wil worden als een oppervlakkig figuur, is er in de eindeloze feedbackloop van posten en bevestiging een nieuw soort, genuanceerder en geraffineerder narcisme ontstaan. Een die grappig genoeg juist precies blootlegt wat het in eerste instantie probeerde te verbergen.