wanneer durven homoseksuele voetballers uit de kast te komen?

Engeland heeft meer dan 5.000 professionele mannelijke voetballers. Tot dusver is nog niet één van hen uit de kast gekomen. Terwijl de term mannelijkheid de laatste tijd in Engeland steeds ruimer wordt genomen, lijkt hier op het voetbalveld nog geen...

door Matthew Whitehouse
|
30 september 2015, 12:21pm

Op het moment dat ik dit artikel schrijf is de 24e editie van the Premier League van start gegaan (je weet wel, die voorspelbare business die inmiddels zo'n 6,8 miljard euro waard is). Tijdens het openingsweekend zie ik veel dingen die me niet verrassen, zo verliest Morinho zijn geduld weer eens. Waar we ook weer op kunnen rekenen in voetbal anno 2015: geen homoseksuele voetballer te bekennen.

Momenteel zijn er meer dan 5.000 professioneel mannelijke voetballers in Engeland, en tot zo ver is nog niet één van hen uit de kast gekomen. Stonewall berekende hoe groot de kans is dat er onder deze 5.000 voetballers zich geen enkele homo bevindt: die is ongeveer even groot als het correct voorspellen van 150 voetbalwedstrijden achter elkaar. Hier klopt iets niet.

Hoe kan het dat Justin Fashanu 25 jaar geleden de eerste openbare homoseksuele voetballer in Engeland was (en tragisch genoeg de laatste, hij pleegde 18 jaar geleden zelfmoord), maar in de Engelse voetbalwereld nog steeds geen plek lijkt te zijn voor homoseksualiteit?

Robbie Rogers - oud-buitenspeler bij Leeds United - legt uit dat voetbal in Engeland de traditionele, mannelijke idealen hooghoudt. Er ligt een taboe op alles wat afwijkt van de norm, zoals homoseksualiteit.

In 2008 stond Rogers bekend als 'de gevaarlijkste linksbuiten van Amerika' van dat seizoen. De MLS Player of the Week was een veelbelovende, jonge atleet die het land vertegenwoordigde tijdens de Olympische Spelen in Beijing. De speler kwam uit een conservatieve familie wiens ultieme lijfspreuk 'God bless America' was. Wat Robbie op dat moment verborgen hield van de wereld: hij valt op mannen.

"Ik ben de afgelopen 25 jaar constant bang geweest," schreef Rogers de een blogpost waarin hij uit de kast kwam en tegelijkertijd aankondigde dat hij zich terugtrok uit de spelen van mei 2013. "Ik was bang dat de afwijzing van anderen mijn dromen zouden vernietigen. Bang dat degenen waarvan ik hou me de rug zouden toekeren. Bang dat mijn geheim tussen mij en mijn toekomst in zou komen te staan."

Twee jaar later is Rogers weer op het veld te vinden, en dolgelukkig. Hij tekent bij MLS Champions LA Galaxy en is daarmee de eerste publiekelijk homoseksuele voetballer in topsport in Noord-Amerika. Maar makkelijk was het niet.

"Hoewel ik denk dat de situatie aan het veranderen is, voelde ik destijds de druk om me te gedragen naar het stereotype van de heteroseksuele, mannelijke atleet, vertelt Rogers. De kleedkamer is een absurde omgeving. Er wordt onzin geroepen, iedereen gedraagt zich als een kind, maar tegelijkertijd bereiden we ons er voor op een strijd. Voordat ik uit de kast kwam, werd ontzettend de spot gedreven met homo's, en ik dacht dat het onmogelijk was om openlijk homo én atleet te zijn.

Sinds hij uit de kast is gekomen, merkt Rogers dat het gedrag van zijn medespelers is veranderd. "De spelers die voorheen zeiden hoe ziek ze wel niet werden van homo's, zijn de spelers die nu zoveel liefde en waardering tonen. Hierdoor realiseerde ik me hoe mensen zich kunnen laten meeslepen in dit soort situaties, zeker in de sportwereld."

Dit meeloopgedrag van mannen is misschien wel het grootste probleem, als we kijken naar homofobie in de sportwereld. Mannen leren machogedrag aan om erbij te horen en gebruiken het woord 'homo' als een vernederende term om tegenstanders te intimideren. Ironisch genoeg zijn degenen die het hardst meeschreeuwen, vaak degenen die bang zijn om buiten de groep te vallen.

Peter Tatchell, voorvechter van gelijke rechten voor homo's, vindt dit fenomeen tegenstrijdig, aangezien voetbal van oorsprong een 'homovriendelijke' sport is. "Ga maar na, de teams bestaan uit mannen, de meeste fans zijn man. Als er een goal wordt gescoord, vallen ze elkaar in de armen en zoenen elkaar soms. Op het veld rennen ze rond in korte broekjes en achteraf douchen ze allemaal in dezelfde ruimte."

"Als je objectief kijkt naar voetbal, is er een bepaalde homoseksuele acceptatie en zelfs erotiek aanwezig."

Een speler vertelde Tatchell hoe hij de kleedkamer van een voetbalteam zag: "Een gay-sauna, maar dan zonder seks, waar spelers schaamteloos hun naakte lichamen aan elkaar tentoonstellen." En hoewel dergelijke homo-erotische factoren wel geaccepteerd worden, steken spelers elkaar nog altijd aan met het bespotten van homoseksualiteit.

"Op een gegeven moment realiseren fans en spelers zich dat sommige aspecten in voetbal best als homoseksueel kunnen worden gezien. Daarom gebruiken ze homofobie om dit te ontkennen en hun heteroseksualiteit te benadrukken," legde de speler uit.

Waar homofobie vandaan komt doet er niet toe, het gaat erom dat het nog steeds een vorm van discriminatie is die te veel voorkomt. Ondanks het feit dat er in Engeland twee lesbiennes in het professionele vrouwenelftal zitten, lijkt er bij de mannen niks veranderd te zijn, wat je zou kunnen vergelijken met het racisme in de Britse voetbalcultuur rond 1980.

"Alhoewel er nog amper sprake is van racisme, komt discriminatie van homo's nog steeds veel voor in de sportindustrie," zegt Dave Raval, mediacoördinator van Gay Gooners, de Arsenal FC LGBT-supportersgroep. "Racisme kan op één of andere manier écht niet meer, als je racistische uitlatingen doet terwijl je op de tribune zit, zullen de meeste supporters reageren met: 'Wat is er mis met je?'."

Gay Gooners werd opgericht in februari 2013 en was daarmee de eerste LGBT-voetbalsupportersgroep van Engeland. "In het stadion hangt een grote regenboogkleurige banner met 'Gay Gooners'. We organiseren allerlei evenementen met de club, zowel binnen als buiten het stadion. Ook zijn we de eerste club die vertegenwoordigd wordt op de London Pride. Momenteel bestaat de club uit ongeveer 400 leden waarvan 40% vrouw is [waaronder ook transgenders], en volgens mij maakt dit ons - in elk geval in Engeland - de grootste groep LGBT-voetbalfans die er bestaat. En dat allemaal in slechts twee jaar."

De groei van de Gay Gooners betekent een stap in de juiste richting. Bovendien vormden ze een voorbeeld voor de rest van het land, zo werd er in Liverpool LFC LGBT opgericht, in Manchester Canal Street Blues en in Norwich ontstond Proud Canaries. De vraag blijft echter waarom deze verbetering blijft steken op de tribune, in plaats van dat het zijn uitwerking heeft op het veld.

"We merken vooruitgang, maar spelers zijn nog steeds bang," legt Tatchell uit. "Bang voor afkeuring en negatieve reacties van teamgenoten en fans. In mijn ogen is deze angst overdreven."

Tatchell vertelt over een onderzoek van Staffordshire University naar 3.000 voetballers en voetbalfans waaruit bleek dat 91% enkel en alleen lette op prestatie, terwijl voor slechts 9% de seksuele geaardheid van de atleet ook een rol speelde.

"Dit onderzoek laat zien dat spelers de reacties van hun fans zwaarder inschatten dan het eigenlijk zou zijn. Ik ben ervan overtuigd dat de PFA (Professional Footballer's Association) op de hoogte is van homoseksuele spelers, maar ze zijn bang voor de media-aandacht en reacties van fans. Ik denk dat ze juist waardering van de media en het publiek zouden ontvangen. Neem nu de rugbyspeler Gareth Thomas uit Wales, hij werd alleen maar geprezen voor zijn moed.

Voormalig i-D-columnist Simone Pound is al tien jaar het hoofd van Equality and Diversity bij de PFA. De afgelopen jaren strijdt zij ervoor om een meer aangename omgeving te creëren voor elke homoseksuele speler, manager, coach of wie dan ook, met als streven om het uit de kast komen te vergemakkelijken.

"De voetbalindustrie wordt nog altijd gedomineerd door mannen," zegt ze. "In het algemeen worden spelers getraind door mannelijke coaches. Sommigen beginnen op hun zevende en blijven voetballen tot aan hun pensioen. Het is een zeer mannelijke omgeving. Bij PFA kijken we naar hoe we meer tolerantie voor diversiteit kunnen toevoegen aan de traditionele mindset van de voetbalcultuur.

Dit wordt gedaan door middel van diversiteit- en gelijkheidsprogramma's voor spelers uit de Premier League en Championship. Bovendien steunt de PFA de FA in hun samenwerking met de Gay Football Supporters Network (GFSN) en de onlangs opgerichte groep Pride in Football. Deze twee groepen dienen als overkoepelende netwerken voor LGBT-netwerken zoals de Gay Gooners.

Grote clubs moeten hun homoseksuele supporters omarmen", zegt Pound. "Het is belangrijk dat ze hen betrekken bij de club als elke andere supporter. We zien hier al meer begrip voor, maar het kan nog steeds beter."

"Een voetballer staat ontzettend onder druk. Beeld je in dat 50.000 mensen je het ene moment aanmoedigen en je het volgende moment uitjoelen omdat je een fout maakt. Ik snap dat een speler de extra druk van uit de kast komen, wil vermijden."

Maar wat als de PFA homoseksuele spelers zou aanmoedigen om gezamenlijk uit de kast te komen, met behulp van elkaar steun? In dat geval ligt de druk niet op één persoon. Dit zou uit de kast komen mogelijk kunnen vergemakkelijken.

"Als lid van de PFA geloof ik dat we elkaar moeten steunen om sterker te staan. Ik snap je punt, maar zelfs homoseksuelen die er geen probleem mee hebben om voor hun geaardheid uit te komen, hebben steun en waardering van heteroseksuelen nodig, zowel binnen als buiten een club. Die mentaliteit is in staat de wereld aangenamer te maken, niet alleen voor homo's, maar voor iedereen."

Een paar maanden nadat Robbie Rogers tekende bij LA Galaxy, tweette hij een foto van een briefje dat hij op de muur in de kleedkamer vond. De boodschap was van een teamgenoot: "Verplicht avondje uit, zaterdag na de wedstrijd… alleen bestemd voor spelers [geen vriendjes, vriendinnen, niemand]." Het briefje was een teken van waardering en Rogers tweette als antwoord: "Bedankt dat je me erbij betrekt."

"Ik had verwacht dat er inmiddels meer spelers uit de kast zouden zijn," zegt Rogers, nog steeds de enige homoseksuele topvoetballer van Engeland. "Het eerste jaar viel me zwaar. Maar nu ben ik niet meer die homoseksuele voetballer, ik ben een speler die met LA Galaxy de MLS Cup won. Dat is wat telt."

"Vroeger was ik bang om anders te zijn in de sportwereld. Tegenwoordig voel ik me juist speciaal."

Credits


Tekst Matthew Whitehouse
Fotografie Beau Grealy
Styling Nicolas Klam
Visagie Johnny Mckay van Frank Reps gebruikt Shu Uemura
Fotografie assistent Bummy
Technicus Ross Morrison
Styling assistent Ali Miller
Robbie draagt een jack van Louis Vuitton, t-shirt van Bassike en jeans van G-Star

Tagged:
voetbal
Cultuur
robbie rogers