raven aartsen over alles behalve festivals

De drummer van Mozes and The Firstborn blijkt hopeloos romantisch te zijn, en vindt dat een prettige valkuil van zichzelf.

door Olga Kortz
|
07 juni 2017, 7:55am

Toen ik Raven Aartsen, drummer van Mozes and the Firstborn, vroeg of ik hem mocht interviewen voor de Festival Guide, zei hij direct "ja," op één voorwaarde: dat het niet over zijn festivalervaringen zou gaan. Dan zouden we het over drank en drugs moeten hebben, en laten we wel wezen, er zijn interessantere zaken om over te praten dan drank en drugs. Dat kwam goed uit: ik had ook helemaal geen zin om het over zijn festivalervaringen te hebben, laat staan over drank en drugs. Het leven, dat leek me een veel leuker onderwerp. Dus spraken we daarover.

Hoe gaat het met je?
Goed. Ik kan tegenwoordig mijn dagen vullen met die shit die ik al mijn hele leven wil doen.

Je verhuisde vorig jaar van Eindhoven naar Amsterdam. Was dat de juiste beslissing?
Ja, ik denk het wel. Ik ben hier met meer mensen in aanraking gekomen van mijn eigen leeftijd, waarmee ik een gezonde competitie voel. Mensen die me stimuleren om nieuwe shit te gaan doen. Zoals Bonne, met wie ik woon. Of GRGY van SMIB, met Nnelg, of mijn oude vriend uit Eindhoven Jeroen Dankers.

Heb je weleens heimwee naar Eindhoven?
Ja, ik heb hier de laatste tijd best wel veel over nagedacht, en besloten meer tijd met mijn familie, vooral met mijn broers, door te brengen. Ik merkte de laatste tijd dat die fijne Amsterdamse stimulerende groepsdynamiek me ook in de weg kon zitten. Ik begon het moeilijk te vinden om te bepalen welke mensen mijn vrienden waren. Ik kwam er achter dat maar een aantal mensen me veel waard zijn, en dat het voor de rest eigenlijk geen reet uitmaakt wie je tegenkomt. Ik heb de neiging om me snel schuldig te voelen, over dat ik bijvoorbeeld niet teruggaf wat ik van mensen kreeg. Of dat ik iemand niet herkende die me aardig gedag zei. Dat leidde er haast toe dat ik niet meer onder de mensen wilde zijn. Inmiddels denk ik: boeien. Ik hoef niet iedereen te herkennen, en de mensen die het beste met me voor hebben onthoud ik wel.

Heb je nog meer over jezelf geleerd het afgelopen jaar?
Ik heb vooral geleerd om open te zijn in samenwerkingen met anderen. Ik heb nogal de neiging om het leven als zwaar te ervaren. Ik denk dat ik sinds ik hier woon heb geleerd dat er veel positiviteit is en dat je zodra je een samenwerking aangaat zonder te weten wat er precies uit gaat komen, je er in ieder geval iets van gaat leren.

Als band werken jullie natuurlijk de hele tijd samen. Maken jullie veel ruzie?
Ja, je moet het zien als familie. Als je op tour bent, ben je eigenlijk gewoon met je familie op vakantie. Na een week denk je dan wel: ik heb er even genoeg van. Na twee maanden denk je echt: rot op. Maar die wrijving is ook wel goed.

Je vertelde me dat je geen groupies hebt. Kun je dit uitleggen? Staat er niemand aan het eind van de show jullie op te wachten?
Jawel. Maar het ligt ook een beetje aan je eigen instelling. Hetzelfde als met - en nu gaan we het toch over drugs hebben - drugs gebruiken. Voordat ik zelf ooit drugs had gebruikt wist ik wel dat het bestond, maar ik had geen idee wat het was. Tegenwoordig weet ik hoe laat het is als mensen een sleutel pakken of met z'n allen naar de wc gaan. Daar kun je je van distantiëren of niet.

En hoe vergelijk je dit met groupies?
Ik heb tijden gehad dat ik tijdens de show aan het kijken was wie er in het publiek stond. Na de show bleven we dan wel even met elkaar hangen, ja. Nu zit ik in een fase dat ik het juist interessanter vind om te proberen de shows meer als werk te zien. Ik ben op zo'n moment vooral bezig met de performance, en de rest van mijn energie wil ik bewaren om te kunnen chillen met mijn echte vrienden, of met de rest van de band. Of om mensen te ontmoeten die me echt iets gaan brengen. Die me creatief kunnen stimuleren.

Je zou kunnen zeggen dat je professioneler bent gaan denken.
Ja, dat klinkt alleen zo kut. Laat ik het zo zeggen: ik heb het vaak genoeg meegemaakt, mensen die me interessant vonden omdat ik op een podium sta. Het is geen nieuwe ervaring meer, daarom vind ik het minder interessant. Als het me iets nieuws zou brengen zou ik er wel helemaal induiken.

Ben je een romanticus?
Ja, volledig. En ik ben allesbehalve luchtig over de liefde. Ik kan mezelf ontzettend kwellen in de liefde.

Hoe ga je met de kwelling om?
Door te schrijven. Ik denk dat ik dat nodig heb om te creëren, romantisch zijn. Romantiek heeft voor mij ook een duistere ondertoon. Voor mij betekent het dat je bepaalde situaties niet objectief ervaart. Ik zit hier nu met jou in dit café en we drinken koffie, en stel dat je zo meteen je koekje aan mij geeft. Dan kan ik denken: wat fucking lief, en helemaal ontroerd zijn. Dat is de goede variant. Maar het kan ook zo zijn dat jij mijn koekje afpakt en dat ik denk: het zal wel iets in haar persoonlijkheid zijn, ze bedoelt het niet slecht. Terwijl je eigenlijk iets superkuts doet.

Een koekje afpakken kan inderdaad echt niet.
Je maakt je eigen werkelijkheid, dat is wat ik bedoel. Je ziet dingen niet objectief.

Is dat jouw zwakke plek?
Zeker. Terwijl ik tegelijkertijd ook wel weer zo romantisch ben dat ik die valkuil als prettig ervaar.

Is er een liefde in je leven?
Nee.

Ben je er naar op zoek?
Niet op die manier dat ik op Tinder zit. Maar ik denk vooral dat je er niet níet naar op zoek kunt zijn. Liefde dient zich aan, dat geloof ik, of je het nu wil of niet. Het is bij mij altijd zo geweest dat ik opeens iemand tegenkwam, op wat voor moment dan ook, en dat ik alleen maar aan die persoon kon denken. Wat ik een geweldig gevoel vind.

Je bent 22. Hoe omschrijf je jouw generatie?
Internet verbindt ons. We zijn opgegroeid met internet. Ik kan me de inbelverbinding nog wel herinneren, maar dat verdween echt toen ik een jaar of zes was. Daarna bestond er nog zoiets als een restrictie van je ouders, het aantal uur dat je op internet mocht, inmiddels is het voor mijn generatie de plek waar we met elkaar omgaan.

Brede vraag misschien, maar hoe zie jij het internet dan?
Ik denk dat het goed is om het in je voordeel te gebruiken. Persoonlijk zie ik internet als een veel grotere valkuil dan romantisch ingesteld zijn. In je directe omgeving spiegel je je eigen leven continu aan dat van anderen, en ook al kun je dat wel relativeren, het beheerst toch je leven. Je ziet mensen shit doen en denkt: zij hebben het leuker dan ik, ze werken harder dan ik, ze zien er cooler uit dan ik. Waar ik een beetje moeite mee heb - ook omdat het enigszins bedreigend voor me is - is dat iedereen een rockster lijkt te zijn, maar het steeds inhoudslozer lijkt te worden. Het is steeds meer gefixeerd op je uiterlijk. Als artiest lieg je natuurlijk sowieso. Het is de reden waarom je aantrekkelijk bent voor je publiek. Maar als je kijkt naar de eerste generatie popsterren zoals bijvoorbeeld Bowie, ervaar ik die leugens als mooie en interessante leugens. Leugens met diepgang. Het grootste deel van wat ik zie op Instagram, en wat ik hard vind, zijn mensen van wie ik eigenlijk helemaal niet weet wat ze precies doen. Ze zien er hard uit, en kunnen dat goed vastleggen. Ook dat is een gave, maar het is een leugen met minder inhoud.

Dit artikel verscheen eerder in onze Festival Guide. Meer stukken uit de Guide vind je op festivals.vice.com

Credits


Tekst Olga Kortz
Fotografie Ramona Deckers

Tagged:
Interview
Festival Guide
mozes and the firstborn
Cultuur
Raven Aartsen