het poëtische verhaal van fotograaf bo bannink op desolate plekken

Met de kleding van ontwerper Tung Trinh maakte de jonge fotograaf de fotoserie ‘The Chestnut Tree Café’, waarin de kleurrijke textiel in contrast staat met een rustige omgeving.

|
mrt. 31 2017, 7:50am

Voor de fotoserie The Chestnut Tree Café werkte de Bo Bannink samen met modeontwerper Tung Trinh. Hoewel de jonge fotograaf - die net klaar is met de opleiding Fine Art aan de ArtEZ hogeschool voor de kunsten - eerst vaak met video werkte, is ze zich nu volledig aan het focussen op de fotografie. In haar beelden probeert ze een beweging vast te leggen. We praatte met haar over haar ideeën, het huidige modeklimaat en waarom ze desolate plekken zo interessant vind. 

Kun je wat vertellen over je fotoserie The Chestnut Tree Café?
De serie is een samenwerking met modeontwerper Tung Trinh, die mode heeft gestudeerd in Arnhem. De kleding die je ziet in de foto's komen uit zijn afstudeercollectie (met dezelfde naam) en ik mocht ze vastleggen. De foto's zijn genomen op de Veluwe, een rustige plek, zodat de kleren alle aandacht krijgen. En het was herfst, dus het landschap had prachtige kleuren die perfect pasten bij de collectie.

Wat is het idee achter de kleding?
De collectie gaat over machtsstructuren en is geïnspireerd op zijn 'childhood heroes' zoals Sailor Moon, Power Rangers en ook Malevich. Malevich was heel erg bewust van kleurcontrasten en de balans tussen kleuren, dat zie je ook terugkomen in de collectie.

Hoe bepaal je waar je gaat fotograferen?
Ik zoek stille omgevingen, die een soort van leegte neerzetten. Die ruimtes vul ik dan op met een soort poëtisch verhaal door middel van de bewegingen en posities van de modellen, die ik bepaal. Daarnaast houd ik van desolate omgevingen omdat ik vind dat de kleding alle aandacht moet krijgen. 

Waar komt die fascinatie van menselijke beweging vandaan?
Ik weet het eigenlijk niet precies. Ik ben altijd gefascineerd geweest door het feit dat mensen onbewust bewegen. Bijvoorbeeld als je naar iemand zwaait, denk je niet na over waar in de lucht je je hand moet brengen, dit gaat vrijwel automatisch. Ik wil mijn modellen zich bewust laten maken over hun bewegingen, dat ze precies weten waar in de lucht of ruimte hun lichaamsdelen zich begeven. Dat vind ik enorm interessant, omdat een beweging van je lichaam heel natuurlijk is, maar door de bewustwording wordt het weer onnatuurlijk.

Bepaal je zelf die bewegingen?
Ja, over het algemeen heb ik altijd een bestaand plan van de bewegingen die ik wil zien. Een beeld van wat het moet worden. Maar je hebt natuurlijk te maken met echte mensen, dus het wordt altijd wel anders dan je in eerste instantie in je hoofd hebt. Sommige mensen bewegen zich heel gracieus, anderen zijn wat statischer. Dat maakt het ook interessant.

Hoe kies jij je modellen uit?
Ik werk eigenlijk nooit met echte modellen, het zijn altijd mensen die ik ken of ergens ben tegengekomen en dan onthoud. Ze hebben interessante karakter- of uiterlijke eigenschappen. Echte modellen hebben ook geleerd te poseren en weten op wat voor manier hun lichaam het beste wordt weergeven, waardoor die bewegingen minder oprecht zijn. Niet-modellen zijn veel kneedbaarder en komen natuurlijker over wanneer ze bewegen.

Toch zien ze er wel uit als modellen.
Ja, je werkt natuurlijk met kleding waar bepaalde maten aan zitten, dus dan zijn het vaak personen die toch wel een model-achtig lichaam hebben. Het lijkt me wel leuk om meer te experimenteren met verschillende soorten mensen. 

Wat vind je van het huidige modeklimaat?
Wat me opvalt is dat er inspiratie uit alle sociale klassen komt. Het is niet alleen high-fashion meer, een zwerver of advocaat kan ook als stijlicoon dienen. De modewereld is wat breder geworden, niet meer zo eendimensionaal, wat ik een goede ontwikkeling vind. Ook het idee van wat mooi is staat niet meer zo vast en daar wordt nu erg veel mee gespeeld. Dat zie je bijvoorbeeld terugkomen in de modellen die worden gebruikt.

Je bent net afgestudeerd, waar ben je op dit moment mee bezig?
Ik ben nu bezig met wat kleinere projecten. Daarnaast ben ik begonnen met een online opleiding tot modefotograaf, genaamd Mastered, waarbij ik masterclasses krijg van experts uit de industrie. Het handige van de online opleiding is dat die experts bij wijze van spreken vanuit hun huiskamer les kunnen geven, dus je spreekt met mensen uit bijvoorbeeld Amerika of Azië. Superleuk. Ik ben daar afgelopen februari mee begonnen en ik hoop er veel uit te halen. 

Credits


Tekst Jasper Lavèn
Fotografie Bo Bannink
Kleding via Tung Trinh 
Styling Josephine Goverts 
Modellen Missimi Joseph Mbala en Maike Postma