Advertentie

performancekunstenaar vortex speelt met gender en identiteit

Moreno Perna is een Italiaanse danser en performancekunstenaar. Dit weekend speelt hij in samenwerking met Jan Fabre in het vierentwintig uur durende stuk ‘Mount Olympus’, en daarnaast werkt hij onder de naam Vortex in het nachtleven.

door Jasper Lavèn
|
26 april 2017, 12:30pm

Moreno Perna is een Italiaanse danser en performancekunstenaar. In 2011 verhuisde hij naar Amsterdam om moderne theaterdans te studeren aan de Academie voor Dans en Theater. In 2014 begon hij samen te werken met kunstenaar Jan Fabre aan het vierentwintig uur durende toneelstuk Mount Olympus, dat 28 april te zien is in de Stadsschouwburg in Amsterdam. Naast dat hij in toneelstukken te zien is, werkt hij tijdens clubnachten als performancekunstenaar onder de naam Vortex. In zijn stukken speelt hij altijd met identiteit en gender. i-D sprak hem over Mount Olympus, hoe hij naar gender kijkt, en over zijn persoonlijke opkomende performance XYX.

Je speelt op dit moment in het vierentwintig uur durende toneelstuk Mount Olympus, kun je daar wat over vertellen?
Het toneelstuk is gemaakt door Jan Fabre. Mount Olympus is een brokje geschiedenis dat tot leven komt in één etmaal. Het is losjes gebaseerd op een Griekse tragedie. We begonnen met het onderzoek en creatieproces in mei 2015, wat een volledig jaar heeft geduurd. Eind juni 2015 was de première in Berlijn en daarna zijn we verder gaan touren.

Vierentwintig uur, dat is wel erg lang, sta je constant op het podium?
Iedereen staat een verschillend aantal uren op het podium. Ik ben een van de mensen die het meest op het podium staat. Ik heb officieel twee uur durende pauzes, dus het zijn wel eenentwintig of tweeëntwintig uur dat ik aan het performen ben. En zelfs als je backstage bent, heb je niet echt een pauze, want je moet je omkleden en klaarmaken voor de volgende scène.

 Door Bart Boodts Photography

In nachtclubs werk je onder de naam Vortex, waar komt deze naam vandaan?
Het is een leuk verhaal, haha. Afgelopen november was ik in Berlijn met twee vrienden die collega's zijn bij de Supperclub. Ik had een leuke man ontmoet, die nu mijn vriendje is. Na die ontmoeting zag ik mijn vrienden en vertelde ik hen dat ik zo'n ongelofelijke 'vortex'-seks had gehad. Toen zeiden ze: "wauw, dit moet je naam worden". Het past goed, omdat het woord staat voor verwarring en draaiende bewegingen. Je hebt gelijk een energierijk beeld bij het woord. Daarnaast werk ik veel met transformaties in mijn werk, dus het past perfect.

Wat doe je tijdens deze clubnachten?
Ik perform het meeste in de Supperclub in Amsterdam, maar ook af en toe op kleinere feestjes of festivals. Mijn performances hebben altijd een soort twist en gaan vaak over identiteit. Op de een of andere manier maak ik altijd gebruik van maskers en onthul ik iets, vaak gebeurt dat onbewust. Ik behandel identiteit altijd op een culturele manier, en niet op een psychologische. Ik heb een act waarbij ik als een zigeuner op het podium kom, geïnspireerd door de Kabeliaanse dansers in Rajasthan. Ik kom de club binnen en ga bidden voor geld, maar het publiek geeft me nooit genoeg, natuurlijk. In mijn performances is er veel interactie met het publiek, soms ook op een fysieke manier. 

Hoe reageert het publiek daarop?
Als je zelf niet bang bent, kunnen ze nee zeggen. Je moet er voor de volle 100% voor gaan en als ze je dan pushen, ga je nog harder. Je mag niet aarzelen. In een andere act kom ik als een vrouwelijk figuur op het podium - het is een klassieke burlesque act. Ik heb een masker op dat mijn gezicht bedekt en eruitziet als een spiegel, en ik heb lang blond haar. Ik ben helemaal naakt en mijn geslachtsdelen zijn weggestopt, waardoor ik een androgyn uitziend lichaam krijg. Het publiek reageert daar altijd erg verrast op - de heteromannen schrikken vaak.

Door Raymond van Mil

In je stukken speel je met gender en identiteit, hoe sta je daar zelf in?
Ik identificeer mij graag met het woord queer. Ten eerste omdat het heel open en inclusief is, maar ook omdat het politiek is - het is de enige politieke term in het lhbtq-spectrum. Ik denk dat het normaal is dat mensen een vloeibaarheid van gender voelen, maar je moet het wel toelaten. Veel mensen verbergen zich achter een masker. Hoewel ik het ermee eens ben dat je een masker nodig hebt om met deze samenleving te kunnen communiceren, zou het mooi zijn als iedereen zijn volledige zelf kan zijn. Als ik make-up opdoe, doe ik dat niet om een vrouw te zijn, maar doe ik het om mezelf te zijn.

Is gender ook een onderwerp in het stuk Mount Olympus?
Gender was in het begin niet echt een onderwerp dat werd behandeld in het stuk, maar uiteindelijk is het toch terug te zien. Ik sprak er vaak over met Jan Fabre en we ontdekten dat gender ook een belangrijk onderwerp was in de Griekse mythologie. Daarnaast kon ik echt mezelf zijn tijdens het werken aan het stuk en gaf af en toe wat ideeën aan Jan Fabre, die vrijwel altijd te maken hadden met gender. Mount Olympus begint heel erg patriarchaal, met alleen maar mannen op het podium, maar naarmate de tijd verstrijkt wordt het stuk steeds meer queer. De mannelijke rollen worden bijvoorbeeld gespeeld door vrouwen, en andersom.

Je werkt ook aan een eigen stuk, genaamd XYX, waar gaat het over?
Het is een stuk waar ik al lang in mijn hoofd aan heb gewerkt. Toen ik nog op school zat heb ik een performance gemaakt over androgyniteit, dat was het startpunt van dit stuk. Het is een portret van het vrouwelijk geslacht, het meest geconstrueerde geslacht in onze samenleving. Het is denk ik onmogelijk om dat te doorbreken, dus ik wilde iets nieuws verzinnen. Geen derde geslacht, maar iets totaal anders en androgyn. Het begint met een vrouwelijk figuur, die van een 'perfecte' vrouw in een alien-achtig wezen veranderd. Uiteindelijk gaat het niet over gender, maar wordt gender meer gebruikt als thema om mensen emotioneel open te stellen. Het stuk gaat in premiere op 17 september in Antwerpen en op 13 en 14 oktober zal het te zien zijn bij Dansmakers Amsterdam.

Credits


Tekst Jasper Lavèn
Omslagfoto Alwin Poiana