the brat pack: marlies van der wel

Marlies van der Wel (1984) maakt al jaren animaties. Twee weken geleden ging haar eerste korte animatiefilm Zeezucht in première op het Nederlands Filmfestival. Ze werkte jarenlang aan deze film over een man die droomt van leven onder zee. Intussen...

door Pete Wu
|
21 oktober 2015, 6:30am

Vorige week had een hoge pief in Hollywood eindelijk - voor het eerst sinds de uitvinding van de film - een beetje tijd over om zijn knappe kop te breken over hoe het toch komt dat minder dan vijf procent van de Hollywoodfilms wordt gemaakt door vrouwelijke regisseurs. Wat blijkt: die regisseurs lopen er wel degelijk rond, maar krijgen vrijwel nooit de kans om grote studiofilms te maken. Gek. Heel gek.

Een officieel antwoord (seksisme) is nog niet uit dit uitgebreide onderzoek naar voren gekomen, maar laten we het in de Lage Landen anders doen. In de serie The Brat Pack presenteert i-D de nieuwe Nederlandse en Vlaamse vrouwelijke talenten achter de camera. We besteden aandacht aan hun zoektocht naar een eigen beeldtaal, zonder de vraag te stellen hoe het nu is om vrouw te zijn in een mannenwereld. Dit is deel twee, met animator Marlies van der Wel.

Charmant beroep
Ik koos voor de studie multimediatechnologie in Hilversum, zodat ik met film bezig kon zijn, maar het was vooral mijn manier om de hele tijd te mogen tekenen. Van jongs af aan wilde ik alleen maar tekenen, zoals mijn opa. Die was kunstschilder - een heel charmant beroep. Hij schilderde in Canada in een bos en verkocht zijn werken langs de kant van de weg. Ik mocht van mijn pa wel in dezelfde sector werken, maar alleen als ik ook een opleiding ging volgen. Vandaar die studie.

Hilversum
Ik kwam uit Soest en zat daar op een kakkerige school, een wereld waarin ik me niet helemaal thuis voelde - eigenlijk omdat er niet zo veel met tekenen werd gedaan. Na de havo ben ik meteen naar Hilversum gegaan. Ik woonde op mijn zestiende al op mezelf. Ik hield dagboeken bij in die tijd, die waren superdepri toen ik in Soest woonde. Hilversum was juist tof. Lessen over animatiegeschiedenis, over autonoom tekenen - die periode zou ik echt honderd keer over willen doen. Ik was van tevoren echt super zenuwachtig voor de strenge toelating voor die studie - later hoorde ik dat bijna elk meisje werd toegelaten. De school wilde heel graag meisjes op de opleiding, omdat-ie zo technisch was. Dat vond ik eerst stom. Ik zat met vier meisjes in de klas en verder alleen maar gasten. Het bleek uiteindelijk heel leuk.

Druk
Nog voordat ik afstudeerde op mijn 21ste, was er een reclamebureau met jonge creatievelingen dat vroeg of ik langs wilde komen om te praten over een baan. Ik heb er maar één jaar gewerkt, maar heb toen alle kneepjes van het vak geleerd. De belangrijkste les was snelheid - dat je in één dag moest pitchen en knopen moest doorhakken.

Toen ik de kans kreeg om eigen werk te maken had ik opeens geen deadlines meer. Dat was echt heel moeilijk. Ik was het zo gewend om te moeten leveren, maar zonder druk raakte ik verstrikt in alle mogelijkheden; hoe lang en hoe mooi je een shot kunt maken. Ik heb voor mijn korte film Zeezucht uiteindelijk zelf 160 beelden moeten tekenen en fotoshoppen, en ze ook nog laten bewegen. Het verhaal van Zeezucht is uiteindelijk ook honderd keer veranderd. Pas toen de film een deadline kreeg - voor een festival in Frankrijk - ging het goed. Daar ben ik echt achter gekomen: deadlines werken goed voor mij.

iMacje
Ik liep in 2004 een keer langs een winkel in Utrecht en daar stond een prentenboek in de etalage. Het bestond uit een combinatie van foto's en tekeningen. Dat vond ik zó mooi. Ik moest in die tijd een filmpje maken voor Annie M. G. Schmidt, over zes meneren. Geïnspireerd op de mixed media van dat prentenboek nam ik verschillende foto's van mijn eigen hoofd. De hoofden knipte ik er op zo'n gekleurd iMacje uit, en daar tekende ik dan omheen. Daarvóór tekende ik alles zelf, maar door gebruik te maken van foto's en collages merkte ik dat ik veel sneller veel rijker beeld kon maken. Dat is mijn stijl geworden: digitale cutouts en minimalistische bewegingen, en filmpjes waarin de animatie bijna ondergeschikt is aan de vormgeving.

Een van de eerste animaties die ik ooit zag was het Oscar-winnende Father and Daughter van de Nederlander Michael Dudok de Wit, een animatie van acht minuten. Toen ik die film zag, dacht ik: ik wil ook zo'n korte animatie maken. Die ervaring en die kennismaking met het prentenboek zijn nu samengekomen in Zeezucht. Nu wil ik graag zelf een prentenboek maken en even niet met die tijdrovende animaties bezig zijn.

Benen
Drie jaar geleden werd ik ingehuurd door Sesamstraat, voor de klassieke kinderliedjesserie. Ik begon met een animatie voor In de Maneschijn. In die serie laten ze de poppen een liedje zingen, geschreven door Henny Vrienten van Doe Maar. In de studio maak ik er een hele wereld omheen. In de Maneschijn bijvoorbeeld ging over Ieniemienie die op een steen aan het zingen is, en dan komt er een vogel aangevlogen. Het grappige is dat Ieniemienie een handpop is, dus je ziet normaal gesproken nooit haar hele lichaam. In het script dat ik verzon stond dat ze van haar huis naar de bosjes loopt. Daar reageerde iedereen bij Sesamstraat op met "Ieniemienie kan niet lopen," maar ik zei: "Ik denk wel dat ik de benen van Ieniemienie kan maken." Ik werd met argusogen aangekeken - die mensen zitten daar al zolang. Maar toch deed ik het, en zo kreeg Ieniemienie voor het eerst benen. Later heb ik ook Tommie benen gegeven, trouwens.


* The Brat Pack was in de jaren tachtig een gemengd groepje jonge acteurs en actrices die steeds in elkaars films speelden, waaronder The Breakfast Club en St. Elmo's Fire.

Credits


Tekst Pete Wu
Fotografie Sophie van der Perre

Tagged:
animatie
sesamstraat
Cultuur
marlies van der wel
zeezucht